nieuws

Bodembeheer beter af met natuurlijke referentie

bouwbreed Premium

middelburg – De huidige wettelijke normen over de samenstelling van de bodem voldoen niet. Het Bouwstoffenbesluit is met het hanteren van streefwaarden niet in staat de beïnvloeding door menselijk handelen te onderscheiden van de natuurlijke bodemwaarden.

Dat viel op te maken uit de voordracht van J. Spijker op het symposium �Bodemkwaliteit� gisteren in Middelburg. Spijker ging in op de resultaten van het onderzoek dat in de afgelopen vier jaar is uitgevoerd voor de provincie Zeeland naar de bodemkwaliteit in het landelijk gebied. Het betreft tevens promotieonderzoek voor de Universiteit Utrecht.

De referentie voor de kwalificatie �schone grond� in het kader van de bodemverontreinigingen kan volgens Spijker beter worden afgeleid van een lokale referentie en niet van wettelijke normen waarin streefwaarden worden gehanteerd. Zoals op het symposium bleek zou dat de provincie de mogelijkheid bieden zout zeezand te gebruiken gezien het van nature aanwezige brakke grondwater.

In zijn onderzoek geeft Spijker een overzicht van de algemene (geo)chemische bodemkwaliteit in de provincie Zeeland. Doel daarbij is om de natuurlijke variabiliteit in de geochemische bodemsamenstelling te onderscheiden van de beïnvloeding daarvan door menselijk handelen. Alhoewel er nog wel vraagpunten blijven bestaan, is die doelstelling wat hem betreft gehaald. “De studie heeft laten zien dat door gebruik van state-of-the-art analytische technieken en bewezen methoden uit de geochemie, veel inzicht kan worden verkregen in onderzoek naar de natuurlijke bodemsamenstelling en hoe deze wordt beïnvloed door menselijke processen”, aldus Spijker.

Indicatoren

Het raamwerk van wettelijke normen voldoet wel voor bodemsaneringen, oordeelt Spijker. Maar het gebruik van streefwaarden ligt als basisnorm voor het Bouwstoffenbesluit toch minder voor de hand. Spijker suggereert daarom de referentie naar streefwaarden te vervangen door een die afgeleid is uit een lokale referentie.

Voor Spijker blijft – ondanks zijn onderzoek – de vraag wat �bodemkwaliteit� betekent voor de Nederlandse situatie en welke indicatoren moeten worden gebruikt om dat vast te stellen. Duurzaam bodembeleid is gediend met met heroverwegen en verbreden van het begrip �bodemkwaliteit�. Alleen dan is het volgens hem mogelijk te bepalen welke indicatoren moeten worden beoordeeld. De referentiedata en methoden uit zijn onderzoek kunnen een startpunt vormen voor verkrijgen van zulke indicatoren. En dat kan volgens hem dan uiteindelijk leiden tot duurzaam beheer van de bodem.

Reageer op dit artikel