nieuws

Internetveilen van bouwwerken slecht

bouwbreed

den haag – Elektronisch veilen van unieke bouwwerken heeft voor aannemers en opdrachtgevers meer nadelen dan voordelen en zal in zijn puurste vorm dan ook weer verdwijnen. Dat zegt J. Hebly, hoogleraar bouwrecht aan de rijksuniversiteit van Leiden.

De professor is verklaard tegenstander van elektronisch veilen. Tenminste als het gaat om unieke bouwwerken. Standaardproducten als kantoorartikelen of bepaalde bouwmaterialen zouden volgens hem heel goed via een internetveiling verhandeld kunnen worden.

“Maar bij werken en zeker bij bouwwerken die telkens weer uniek zijn, is het veilen een slechte methode”, aldus Hebly in het kwartaalblad van bouworganisatie BouwNed.

Aannemers moeten in hun berekeningen een veilige marge inbouwen voor onverwachte zaken of onduidelijkheden in het bestek. “Veilen van werken kan echter extra aanleiding zijn om die marges te laten varen, vooral in economisch moeilijke tijden.”

Eigenlijk vindt Hebly veilen niets anders dan een verkapte vorm van leuren. Bouwbedrijven worden immers continue geconfronteerd met de laagste prijs van de concurrent en hebben de mogelijkheid hun eigen offerte steeds weer aan te passen.

“Je creëert omstandigheden waarin bedrijven die om werk staan te springen, worden aangezet een prijs aan te bieden die ver beneden de acceptabele ligt. In de laatste minuten van het veilingproces kunnen ongezonde emoties de overhand krijgen. Ongezond dus voor het voortbestaan van het bedrijf.”

Opdrachtgevers die denken dat elektronisch veilen van bouwopdrachten hen louter voordelen oplevert, komen bedrogen uit. Hebly: “Bij veilen staat de prijs heel centraal. Dat gaat ten koste van de kwaliteit, de zorg voor het milieu en arbeidsomstandigheden. Het moet tenslotte uit de lengte of de breedte komen.”

Als bouwbedrijven er aan zijn gewend, verwordt veilen tot een zinloos gezelschapspel, verwacht Hebly. Aannemers zullen vooraf hun marges bepalen en dan langzaam via loven en bieden uitkomen bij de aanneemsom die bij een traditionele onderhandse aanbesteding in een keer op tafel zou zijn gelegd.

“Je creëert een aanbestedingscultuur waarbij de bedrijven systematisch hoger inschrijven. En dat kan de opdrachtgever opbreken als iedereen dik in het werk zit”, aldus de hoogleraar bouwrecht in de BouwNed-uitgave.

Hebly, behalve hoogleraar ook advocaat bij Houthoff Buruma, ziet de pure vorm van veilen op termijn weer verdwijnen.

“Onderhands aanbesteden via het internet met daarin wellicht een moment ingebouwd waarop men de prijs nog eens kan herzien, is wat mij betreft echter helemaal niet verkeerd. Dat past juist goed bij de mogelijkheden van deze tijd”.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels