nieuws

De verhoren van morgen

bouwbreed

De Tijdelijke Commissie Infrastructuurprojecten gaat morgen in op de besluitvorming van de Betuweroute in 1993 en de heroverweging na de commissie-Hermans in 1995. R. Bekker voormalig partner bij Twynstra Gudde, verschijnt als eerste. De huidige secretaris-generaal van het ministerie van Volksgezondheid heeft in 1993 in opdracht van de Tweede Kamer de beleidsinformatie over de Betuweroute […]

De Tijdelijke Commissie Infrastructuurprojecten gaat morgen in op de besluitvorming van de Betuweroute in 1993 en de heroverweging na de commissie-Hermans in 1995.

R. Bekker voormalig partner bij Twynstra Gudde, verschijnt als eerste. De huidige secretaris-generaal van het ministerie van Volksgezondheid heeft in 1993 in opdracht van de Tweede Kamer de beleidsinformatie over de Betuweroute bestudeerd. Oud-kamerleden K. van den Berg (SGP) en J. Feenstra waren nauw betrokken bij de totstandkoming van dat rapport en in die hoedanigheid verschijnen ze voor de commissie-Duivesteijn.

De commissie Hermans is als onafhankelijk orgaan ingesteld om de politieke impasse rond de Betuweroute te doorbreken. Het advies was de spoorlijn in één keer aan te leggen, mits voldoende werd gedaan om het gebruik ervan aantrekkelijk te maken. Commissielid J. Cramer en voorzitter L. Hermans mogen uitleggen hoe ze daarbij te werk zijn gegaan. Tussendoor komt C. Paauwe, voormalig partner bij McKinsey, voor de tweede keer aan het woord, omdat hij in die tijd in opdracht van het ministerie van Verkeer en Waterstaat de capaciteit op het bestaande spoor en de voor de toekomst benodigde capaciteit onderzocht.

J.D. Blaauw was VVD-kamerlid toen het rapport van de commissie-Hermans verscheen. Hij voerde het woord bij de debatten over de Betuweroute en mag de commissie uitleggen waarom de VVD toen van standpunt is veranderd en voor de aanleg stemde.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels