nieuws

Ede ontwikkelt drie plangebieden in één keer

bouwbreed

ede – De gemeente Ede wil drie flinke plannen in het oosten van de stad in samenhang met elkaar gaan uitzetten: de ontwikkeling van de spoorzone, drie kazerneterreinen en het terrein van de voormalige Enkafabriek. Een paraplu-plan waarbinnen het behalen van de ambities nog een flinke puzzel wordt.

De invulling van de ruim 150 hectare van de drie plangebieden tezamen, moet in elk geval drie grote ambities werkelijkheid maken. Allereerst het verdiepen van het spoor waarmee een hinderlijke barrière uit de stad verdwijnt. Ten tweede een bebouwing en inrichting die rekening houdt met de aangrenzende Veluwe, maar ook met bovenregionale uitstraling. En tot slot een betere verkeersstructuur in heel de stad, met een nieuwe aansluiting op de A12.

“Ede was al enige tijd bezig met plannen voor het station en de omgeving in verband met de komst van de hsl-oost”, legt gemeentelijk projectleider Rob Tutert voor Ede-Oost uit. “Dat het Rijk uiteindelijk de lijn afblies en koos voor het benutten van het bestaande spoor met daarop een hogesnelheidstrein, betekende dat wij onze ambities ook moesten bijstellen. Er komt immers geen financiële handreiking meer vanuit Den Haag.” Een uitgelezen kans om de grootste barrière in Ede op te heffen, werd in de kiem gesmoord, zo leek het. De enige hoop was nog een destijds door minister Pronk toegezegd onderzoek waarin de baten van een verdiepte lijn voor milieu en stedelijke kwaliteit tegen de kosten zouden worden afgezet.

Defensiebegroting

Hetzelfde Rijk dat bezuinigde op de hsl-plannen, bezuinigde niet veel later echter ook op de defensiebegroting. Hierdoor wil defensie onverwachts niet één, maar drie kazernecomplexen afstoten, alle in Ede-Oost. Ook sloot vrij plotseling de Enka in Ede definitief zijn deuren, waarna AM Wonen de grond kocht.

“Die gebieden liggen bij elkaar. Door ze samen als één grote stedelijke ontwikkeling te beschouwen, kan Ede meer kwaliteit bereiken dan bij het uitwerken van de drie plannen afzonderlijk.”

Ede zette verschillende modellen voor een bebouwingsprogramma in een nota op een rij om de discussie aan te zwengelen. Van enerzijds een Parkstad met 5.550 woningen in middelhoog- en hoogbouw en 127.000 vierkante meter kantoor, tot 2.900 woningen in overwegend grondgebonden bouw met veel groen en mondjesmaat kantoren in een Lanenstad. Er tussenin zaten nog Tuinstad en Hovenstad, met bijvoorbeeld gestapelde bouw in een landgoedachtige setting.

Openbaar vervoer

Op een vergelijkbare glijdende schaal moest de politiek ook aangeven in hoeverre Ede Oost een functie zou krijgen voor de regio qua bedrijvigheid en woningvoorraad, afgezet tegen de aangrenzende Veluwse natuur. Daarbij wogen ook de bestaande plannen mee om een sluitend openbaar vervoernetwerk te maken tussen Wageningen, Ede, Rhenen en Veenendaal (WERV).

“De raad heeft gekozen voor een verstedelijkte stationsomgeving, met een dunnere invulling naar de randen”, zo vat Tutert samen wat de gemene deler werd. “Naast wonen en werken moeten er voorzieningen komen die iets toevoegen aan het bestaande voorzieningenaanbod in Ede.”

Aan de gemeente Ede is nu de taak alle ontwikkelingen in een masterplan voor het gebied te vertalen, waarin de betrokken partijen zich kunnen vinden. Parallel daaraan zullen onderhandelingen een belangrijke rol spelen. Zo is bijvoorbeeld al duidelijk dat defensie de kazernegronden tegen marktwaarde zal willen verkopen. Of die waarde ook mede bepaald wordt door toekomstige ontwikkelingen op die grond, is nog niet uitgevochten tussen Ede en het Rijk.

Ook moet voor private partijen zoals AM Wonen snel duidelijk worden wat hun speelruimte is in stedenbouwkundig opzicht. Maar ook of en in hoeverre andere kwaliteitsimpulsen – zoals een verdiept spoor en een randweg met aansluiting op de A12 – ook �in rekening mogen worden gebracht� bij andere projecten.

Begin 2005 hoopt Ede het masterplan gereed te hebben.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels