nieuws

Samenwerkingspartners transparant selecteren

bouwbreed

Binnen een publiek-private samenwerking staat de effectiviteit van de samenwerking tussen partijen centraal. De samenwerking heeft tot doel waardevermeerdering tot stand te brengen door een integrale benadering van de functies binnen het project (infrastructuur, bedrijvigheid, woningen, groen etc.) en door publieke en private investeringen op elkaar af te stemmen.

De keuze van de juiste samenwerkingspartner is dus cruciaal voor de betrokken overheid. En daarmee een goed selectieproces. De selectie van een private samenwerkingspartner moet overigens niet verward worden met de aanbesteding van de realisatie van publieke werken. Het gaat bijvoorbeeld om het in de beginfase van een project selecteren van een partner voor een gezamenlijke planvorming of, in een latere fase, om de keuze aan welke partijen de overheid grond uitgeeft.

In praktijk blijkt echter dat vaak geen sprake is van een duidelijk en efficiënt selectieproces of dat in het geheel geen selectie plaatsvindt. Overheden weten vaak onvoldoende hoe zij een efficiënt selectieproces moeten organiseren en gaan op veel verschillende manieren en in verschillende fasen in het project over tot selectie. Private partijen weten vaak niet wat hen te wachten staat. Een situatie van “vrijheid, blijheid” die niet altijd leidt tot het beste resultaat en kan omslaan in willekeur.

Waarom is een duidelijk selectieproces van belang, zowel voor de overheid als voor marktpartijen?

Voor de overheid is het organiseren van concurrentie een goed middel om tot een keuze van de meest geschikte samenwerkingspartner te komen. De noodzaak van het organiseren van voldoende concurrentie en transparantie is na de parlementaire enquête over bouwfraude alleen maar groter geworden. Voor marktpartijen is het van belang dat zij vooraf weten op welke basis de overheid tot haar keuze van een samenwerkingspartner komt. De overheid moet precies aangeven wat zij wil van de deelnemers aan een selectie en de spelregels moeten helder zijn, zodat marktpartijen zich gericht kunnen voorbereiden (en de overheid ook geen overkill van presentaties en informatie krijgt). Dus duidelijkheid en transparantie in plaats van een �black box� en willekeur. Dit scheelt zowel de marktpartijen als de overheden tijd en geld. Bovendien moeten marktpartijen eerlijke kansen krijgen en overheden dus niet automatisch in zee gaan met “de vaste ontwikkelaar op de hoek”.

Zowel overheden als marktpartijen hebben er daarnaast belang bij dat er “best practices” ontstaan op welke wijze en in welke projectfase selecties kunnen worden georganiseerd, zodat zij niet telkens het wiel opnieuw hoeven uit te vinden. Een overheid is in principe vrij in de wijze van selectie van private samenwerkingspartner. Wel dient de overheid rekening te houden met de principes van concurrentie, transparantie en non-discriminatie van het Europese Verdrag. De gemeenten Hoogezand-Sappemeer en Assen hebben dit aan den lijve ondervonden. Daarnaast kan, indien een overheid gaat samenwerken met een marktpartij zonder een transparant en competitieve selectie, eventueel ook sprake zijn van staatssteun. Als het gaat om de realisatie van publieke werken zijn (boven bepaalde drempelbedragen) daarnaast uiteraard de Europese aanbestedingsrichtlijnen van toepassing.

Handleiding

Als gevolg van die vrijheid is in de praktijk een veelheid van selectieprocessen ontstaan, van innovatieve selectieprocedures voor de planontwikkeling zoals bij het project Wieringerrandmeer tot aan recht door zee tenders bij gronduitgifte waarin de overheid al een plan heeft en alleen op prijs een uitvoerder selecteert. Om een eerlijk verloop van selecties te bevorderen en enige eenvormigheid in selectieprocedures te bereiken, heeft het Kenniscentrum PPS een handleiding gemaakt voor overheden. In deze handleiding wordt voortgebouwd op het onder meer door de Neprom, Aedes, AVBB en VNG opgestelde Kompas. Daarbij wordt onderscheid gemaakt tussen verschillende ontwikkelingscompetities: meervoudige adviesopdrachten, meervoudige offerte-aanvragen en meervoudige ontwikkelopdrachten. Tevens wordt ingegaan op de selectiemethoden die in het Uniform Aanbestedingsreglement (UAR) worden genoemd. Het UAR is verplicht voor de Rijksoverheid, maar niet voor de decentrale overheden; deze kunnen de toepassing van het UAR wel opnemen in hun eigen aanbestedingsbeleid.

Door brede toepassing van de handleiding kunnen selectieprocessen efficiënter worden georganiseerd, waardoor betere resultaten kunnen worden behaald en door zowel overheid als marktpartijen tijd en geld worden bespaard.

Het Kenniscentrum PPS van het ministerie van Financiën heeft recentelijk zeven handleidingen uitgegeven over pps bij gebiedsontwikkeling. Deze handleidingen hebben een hoog praktisch gehalte en zijn bedoeld voor projectleiders en bestuurders van overheden. In de komende weken wordt in deze rubriek telkens een van de handleidingen nader toegelicht. Deze week de tweede in de serie pps en gebiedsontwikkeling: �selectie van private partijen�.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels