nieuws

Nota mobiliteit: filereceptuur niet alleen voor snelwegen

bouwbreed

den haag – Minister Peijs (verkeer) wil rond grote steden lokaal verkeer van de snelweg weren om files te voorkomen. Dat kan bijvoorbeeld met gesplitste rijstroken op de nieuwe A4 Midden-Delfland, de tweede Coentunnel en de rondweg A2 bij Den Bosch. Bij de Nota mobiliteit past volgens de minister geen strakke of starre rijksregie.

In plaats van twee keer vier rijstroken worden de wegen hoogstwaarschijnlijk in vier keer twee rijstroken uitgevoerd. Op deze manier is het regionale/lokale verkeer gemakkelijker te scheiden van het doorgaande verkeer dat alleen langs de steden wil reizen. De bereikbaarheid van de Randstad en de grote steden krijgen prioriteit in de nota, waarin concrete knelpunten staan aangegeven met de ambitie van het Rijk in welke mate zo�n knelpunt wordt opgelost.

Begin juni staan de plannen voor de infrastructuur tussen 2010 en 2020 op de agenda van de ministerraad. De verwachting is dat de minister deel I pas eind juni presenteert. Stukjes bij beetjes wordt bekend welke denkrichtingen daarin centraal staan.

Daarbij staat vast dat het autoverkeer met gemiddeld 40 procent toeneemt in 2020. Rondde grote steden ligt dat percentage hoger. Zonder maatregelen betekent dat tweemaal zoveel files als nu. Minister Peijs wil het “horrorscenario” voorkomen waarbij het autoverkeer in de Randstad ook in de daluren regelmatig noodgedwongen stilvalt.

Haar recept is relatief eenvoudig. Een inhaalslag op het gebied van onderhoud, meer spitsstroken en nieuwe infrastructuur op de belangrijkste knelpunten. Deze mix wordt aangevuld met een pakket van beprijzen van snelle vormen van vervoer en opwaardering van het onderliggende wegennet. Het nieuwe beleid gaat uit van de onvermijdelijkheid van files, maar wil wel greep op de lengte en de voorspelbaarheid ervan. De reistijd van deur tot deur moet te planbaar zijn.

Om files op het hoofdwegennet te verminderen, wordt naast splitsing van lokaal en doorgaand verkeer gedacht aan differentiatie in tijd: snelle doorstroming op het hoofdwegennet tussen de grote steden en minder snel op regionale verbindingen en ringwegen rond de stad. Daarbij zal ook aandacht zijn voor de inrichting van op- en afritten van snelwegen. Het verkeer komt nu vaak vast te staan zodra de snelweg wordt verlaten. Het nieuwe beleid staat toe dat het Rijk in specifieke gevallen geld steekt in het onderliggend wegennet als daarmee de files op de snelweg kleiner worden.

Het kabinet kiest voor een decentrale aanpak. Peijs onlangs: “Ik ga de Nota mobiliteit dus niet dichttimmeren met oplossingen.” Er is – net als bij de Nota ruimte – veel ruimte voor de regio�s om zelf prioriteiten te stellen. Daarbij juicht de minister samenwerkingsverbanden tussen steden regio�s toe. Vooral in de steden is naast de auto ook een grote rol weggelegd voor openbaar vervoer en de fiets. Het Rijk ziet het vooral als de taak van gemeenten en regio�s om daarvoor een slimme mix van vervoermiddelen en maatregelen te verzinnen.

Verandering

De minister staat wel negatief tegenover structurele verandering van bestuurlijke structuren en bundeling van alle financiële middelen. Ze beschouwt discussies daarover als weinig effectief en onhaalbaar en wil daar geen tijd meer aan verspillen. Desondanks kan ze zich voorstellen dat in sommige gevallen bundeling van geldstromen wel nuttig is.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels