nieuws

Kansen ongeval uitzendkracht

bouwbreed

Arbowet melden aan de Arbeidsinspectie. Het gaat om ongevallen die tot opname in een ziekenhuis of blijvend letsel hebben geleid, soms zelfs tot de dood van de verongelukte.

Wie wat dieper in de cijfers duikt zal het opvallen dat het bij niet minder dan dertien procent van de ongevallen om uitzendkrachten gaat. Dertien procent terwijl slechts drie procent van de werkers in de bouw uitzendkracht is.

De Arbeidsinspectie vermoedt dat dit hoge getal te maken heeft met gebrek aan kennis over het werk en ook onvoldoende toezicht. Het eerste kan ik me wel indenken, maar het tweede nauwelijks. Een uitvoerder die is belast met het toezicht op de veiligheid bij het werken, zal bij zijn ronde over het werk uitzendkrachten en ingeleende werknemers zeker niet overslaan. Wel is denkbaar dat de begeleiding voor deze soort van werknemers niet voldoende is. In feite hebben zij in veel gevallen extra aandacht nodig, net zoals leerlingen in de bouw die van hun leermeester krijgen.

Het aantal ernstige ongevallen op bouwwerken neemt toe, niet alleen in Nederland maar ook in andere landen van de Europese Gemeenschap (EG). Steeds meer wordt uitbesteed aan kleine bedrijven, uitzendkrachten of zelfstandigen. Het aantal inleenvarianten is groot; dat heeft alles te maken met het populaire �just-in-time-management�: pas dan willen beschikken over arbeidskracht wanneer je deze daadwerkelijk kunt inzetten. Deze ontwikkeling brengt met zich mee dat mét het werk ook de risico�s worden uitbesteed. En die komen, leert de praktijk, juist terecht bij de �just-in-timers� die op het gebied van veiligheid kwetsbaarder zijn dan de werknemers met een duurzaam dienstverband.

Door het losse karakter van hun arbeid zullen ze (een deel van) de bescherming missen die vaste krachten automatisch wel krijgen. En natuurlijk spelen bij veel ingehuurde buitenlanders ook nog communicatie- en cultuurproblemen een rol. Vaak wordt bij het onderkennen van een negatieve trend als deze gedacht aan nieuwe wettelijke regels. Maar inmiddels zijn we erachter dat wetten alléén niet helpen. En zeker niet regels die slechts leiden tot bureaucratie en papier.

We hebben al regels over de ingeleende werknemer en risico-inventarisatie en -evaluatie (RI&E). Hier is de wettekst, zet u schrap. “Indien de werkgever arbeid doet verrichten door een werknemer die hem ter beschikking wordt gesteld, verstrekt hij tijdig voor de aanvang van de werkzaamheden aan degene die de werknemer ter beschikking stelt, de beschrijving uit de risico-inventarisatie en -evaluatie van de gevaren en risicobeperkende maatregelen en van de risico�s voor de voor de werknemer op de in te nemen arbeidsplaats, opdat diegene deze beschrijving verstrekt aan de betrokken werknemer”.

Is het vreemd dat veel mensen een aversie hebben tegen wettelijke regels? Volgens mij bestaan er cursussen om dit soort breiwerk te voorkomen. Ik meen dat de wetgever bedoelt:

1. een bedrijf wil een werknemer inlenen;

2. dit inlenende bedrijf verstrekt dan tijdig het gedeelte van zijn RI&E dat betrekking heeft op de beoogde werkzaamheden aan het uitlenende bedrijf (uitzendbureau of anderszins);

3. het uitlenende bedrijf verstrekt deze informatie voor aanvang van de werkzaamheden aan de betreffende werknemer.

De overheid heeft zich al enigszins van overvloedig papier ontdaan. Moest voorheen de gehele RI&E worden verstrekt, nu mag worden volstaan met het gedeelte dat over de werkzaamheden van de ingeleende werknemer gaat. Volgen de beide werkgevers de procedure dan voldoen ze aan de wet; vraag blijft echter of het allemaal bijdraagt aan de veiligheid van de betrokkenen. Voor de meeste bedrijven is de RI&E een baal papier, omvangrijk maar globaal. Je vindt er waarschijnlijk weinig in over de veiligheidspunten waar je op moet letten als je met een bouwlift werkt, om maar niet te praten over het stellen van een wandbekisting.

Praktische zaken vind je nauwelijks, er wordt papier verplaatst van inlener naar uitlener en van uitlener naar werknemer. En de laatste neemt het op z�n eerste werkdag in z�n pukkeltje mee naar de bouw. Want dat móet, kan het meer theoretisch?

Begeleiding

Het braaf voldoen aan wetsartikelen als de bedoelde werkt dikwijls nog contraproductief ook. Het geeft een idee van veiligheid dat in feite op schijn berust, woorden die het nemen van effectieve maatregelen in de weg kunnen staan.

Veilig werken leer je door mondelinge voorlichting, lessen in de praktijk. Door instructie over hoe je bepaalde werkzaamheden uitvoert zonder dat jezelf of je maten er risico bij lopen; gewoon voordoen en laten nadoen werkt meestal prima. Bij zo�n lerend contact met de werkelijkheid dient het te gaan over algemene bouwplaatsregels, onder andere over het in stand houden van leuningwerk, over orde en netheid en het gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen. Bovendien dient de training te zijn gericht op de arbeid die de werknemer concreet gaat verrichten. Taakgerichte veiligheidsmaatregelen bij het stellen van prefab elementen vormen een goed voorbeeld; zo zijn er meer te noemen, het is aan degene die met de instructie is belast deze op de specifieke praktijk van het werk af te stemmen.

Steeds moet de instructie worden toegespitst op de kennis en ervaring van de man die de klus moet klaren. In geval van gebrekkige kennis, zoals door de Arbeidsinspectie bij uitzendkrachten wordt verondersteld, ligt het voor de hand de betrokkene gedurende de vereiste tijd persoonlijk te begeleiden. Dat wordt tenslotte ook met leerlingen gedaan, zij kunnen goed als voorbeeld dienen.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels