nieuws

Bouwnijverheid in vrije val

bouwbreed

Op de een of andere wijze komen wij in economische zin niet los van het in de jaren zeventig ingezette beleid van doorstroming op de woningmarkt, positioneren van bedrijfsterreinen en winkelgebieden op basis van behoeften en het centraal stellen van de soevereiniteit van de burger door ver doorgevoerde democratie. Voor wat betreft de bouwnijverheid zal dit leiden tot een terugval van haar aandeel in het bruto nationaal product.

De wereldeconomie en de ordening hebben na 1980 een aantal belangrijke impulsen gekregen. Deze zullen op lange termijn leiden tot verandering van locale economieën of anders gezegd regionale economische clusters in Europa. Nederland vormt een regionaal economisch cluster binnen Europa. Anno 2004 stagneert de economische groei van Nederland en neemt verder af.

Sinds 1980 werd een aantal krachtige impulsen door de wereldeconomie in Nederland benut. Denk in dit verband aan de uitvinding van de chip, het toenemende gebruik van personal computers of microprocessoren thuis en op het werk, het ontstaan van elektronische netwerken en het uitgebreide gebruik van informatica (ICT) en het Internet. Voorts raakten geleidelijk de individuele inkomens effecten van de industriële revolutie uitgewerkt en veranderde de arbeidsverdeling onder invloed van de automatisering van productieprocessen. De industriële revolutie was sinds circa 1870 een van de grote motors van de bouw en zijn sectoren. Met het ingaan van de eenentwintigste eeuw is een andere omgeving ontstaan, welke om een wijziging van onze inzichten en veronderstellingen vraagt ten aanzien van het omgaan met elkaar. Een nieuw paradigma dat wordt beïnvloed door andere instituties, mythen, arbeidsverhoudingen en regels.

Bouwenquête

Onze levensstandaard uitgedrukt in het laagste aantal arbeidsuren per capita in Europa, een relatief hoog aantal beschikbare vierkante meters woonruimte per capita, onze goede infrastructuur en onze sociaal economische verzorging vragen om economische groei, indien wij die in stand willen houden. In Nederland en andere West Europese landen zoals België, Duitsland en Frankrijk speelt vervolgens het vraagstuk van de toenemende vergrijzing mee in relatie tot de arbeidsverdeling gedurende de periode 2010 tot 2040. Tot 2010 wordt voorzien in het aantal vierkante meters kantoorruimte. Enerzijds door het aantal beschikbare aantal vierkante meters en anderzijds door het aantal vierkante meters dat in ontwikkeling is. Uitgaande van het beleid van verkeer en waterstaat zullen de geplande investeringen in financiële zin niet toenemen en hoogstens beïnvloed door investeringen gericht op de aansluiting met Europese netwerken. De woningbouw zal geen financiële impuls ontvangen van het Rijk ter stimulering van starters woningen, mede omdat het instrument van beheersen volkshuisvesting werd overgeheveld naar de corporaties met het afronden van de bruteringsoperatie. De bouw heeft een structureel probleem. Met het bekend maken van de uitkomsten van de parlementaire enquête commissie bouwnijverheid reflecteert de bouw op ordening en marktvormen. In Nederland zijn publiek-private participaties en publiek-private financiering nog steeds onmogelijk door de grote mate van invloed, die de soevereiniteit van de burger dat wil zeggen ons democratisch proces daarop heeft.

Elders in Europa komt dit tot stand door de wil van de overheden om met het bedrijfsleven samen te werken en de notie, dat meer markt en minder overheid vraagt om een overheid die niet de regels van het Rijnlands economisch model blijft hanteren, maar het aspect van de vrije markt hanteert door te participeren.

Globalisering

Wil de Nederlandse bouwnijverheid niet achterop raken in Europa, verdient het de aanbeveling te investeren in bouwconglomeraten met een publiek en privaat belang. Deze conglomeraten dat wil zeggen samenwerkingsverbanden tussen investeerders, ontwerpers, constructeurs, bouwers en beheerders kunnen dan projecten realiseren, die noodzakelijk zijn voor de economische groei door het bouwen en exploiteren van een nieuwe infrastructuur van bedrijvigheid. Dit houdt in dat het aanbod van de bouwmarkt aansluit bij de vraag naar totale service contracten. De capaciteit van het Nederlands economisch cluster vraagt om visie gericht op oplossingen voor de middellange en lange termijn. De globalisering dat wil zeggen de wereld wordt gezien als een markt waarbij het oerproduct te weten grondstoffen en halffabrikaten, wordt beheerd en vermarkt door �global operating industries�, waarbij locale bedrijvigheid zich aansluit. Dit gaat ook de Nederlandse bouwnijverheid aan.

Volksverhuizing

Het vinden van een nieuw paradigma voor de bouw vraagt op de korte, middellange en lange termijn: om aantrekken van jonge mensen die het arbeidspotentieel vormen voor de toekomst; om ideeën ten aanzien van investeren, bouwen en beheren van infrastructuur rondom nieuwe technologie op het gebied van genetica, nano-technologie gecombineerd met ICT en bijvoorbeeld de bio-industrie; om een vestigingsklimaat van bedrijven dat niet primair wordt gedomineerd door groenfilosofen en eindeloze stedenbouwkundige inspraakprocessen; een overheid die doet aan cluster marketing en participatie met een adequaat apparaat en niet reactief handelt maar pro-actief en met respect voor marktwerking door een vraag naar producten en niet naar bouwcapaciteit; om publieke en private kapitaalverschaffers met een lange termijnvisie; om een beheersbare factor arbeid zowel qua groei als kostenfactor; om flexibiliteit van arbeid dat wil zeggen binnen Europa moet een constante volksverhuizing plaats vinden van arbeidspotentieel om te kunnen spreken van economische clusters, die de economische structuur van Europa bepalen. Wil de bouwnijverheid in zijn context inzetten op de toekomst dan dient een economische groei te worden nagestreefd door toepassing van nieuwe business modellen gebaseerd op concurrent engineering (samenloop van ontwerpen, construeren, bouwen en beheren) en financial engineering (financieringstechniek).

Kortom: werk tot het jaar 2010 aan een tegengaan van de vergrijzing door werven van arbeidspotentieel, saneer in capaciteit en investeer in producten. En benut de mogelijkheden van de �economies of scope�, die globalisering biedt en richt je op het scenario van 2010, 2020 en 2030. Definieer de markt van morgen.

Publiek-private financiering is nog steeds onmogelijk

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels