nieuws

Gestructureerd Unsolicited Proposal levert meer op

bouwbreed Premium

Tijdens het Congres van de Regieraad Bouw op 23 november 2004 pleitte Guus Hoefsloot, bestuursvoorzitter van Heijmans, voor stimulering van innovatie in de bouwsector via het �Unsolicited Proposal (UP)�. Oók in de artikelen �Ruimte in ARW voor vernieuwend ondernemerschap� in Cobouw van 14 december 2004 (nummer 233) en �Concurrentie hindert innovatie bouwsector� in Het Financieele […]

Tijdens het Congres van de Regieraad Bouw op 23 november 2004 pleitte Guus Hoefsloot, bestuursvoorzitter van Heijmans, voor stimulering van innovatie in de bouwsector via het �Unsolicited Proposal (UP)�. Oók in de artikelen �Ruimte in ARW voor vernieuwend ondernemerschap� in Cobouw van 14 december 2004 (nummer 233) en �Concurrentie hindert innovatie bouwsector� in Het Financieele Dagblad van 9 december 2004 houden Guus Hoefsloot en Joop Jansen hiervoor een pleidooi. Zij melden dat de Amerikaanse praktijk een oplossing biedt.

Met het UP (ongevraagd voorstel) kan een aanbieder een oplossing aandragen voor een probleem, voordat een opdrachtgever daarvoor een aanbestedingsprocedure is begonnen. Hoefsloot stelt dat dit niet ten koste hoeft te gaan van de concurrentie.

Vanuit een breder perspectief kan zelfs worden aangetoond dat concurrentie zal worden bevorderd, en wel op een manier die precies past bij wat de Regieraad Bouw voorstaat.

In het rapport dat verscheen ter gelegenheid van het Congres van de Regieraad Bouw stelt Hans Huis in �t Veld, voorzitter van de Regieraad Bouw Werkgroep GWW en bestuursvoorzitter van TNO: “Aanbieders zullen zich sterker moeten onderscheiden (�) Niet meer opportunistisch alle opdrachten najagen.” Dat wordt bevorderd door ongevraagde voorstellen te structureren op een wijze die opdrachtgevers én aanbieders instrumenten in handen geeft om onderscheidend vermogen zichtbaar te maken.

De structuur, die eerder is toegepast in innovatieve sectoren zoals ruimtevaart, �intelligence� en ICT, structureert ongevraagde voorstellen door het onderscheid van een aantal niveaus. Enerzijds zijn dat �probleem-niveaus�, die betrekking hebben op de situatie bij de opdrachtgever.

Anderzijds zijn dat �vaardighedenniveaus�, die betrekking hebben op de competenties van de aanbieder.

Door een ongevraagd voorstel op beide niveaus uit te werken, geeft de aanbieder de beoogde opdrachtgever twee instrumenten in handen. Het ene instrument helpt de opdrachtgever toetsen of de aanbieder wel over de nodige kwalificaties beschikt om het ongevraagde voorstel uit te voeren. De kwalificaties omvatten niet alleen een beschrijving van de noodzakelijke competenties, maar ook het bewijs dat deze eerder in vergelijkbare situaties, beschreven op het probleemniveau, zijn toegepast en hebben geresulteerd in de beschreven operationele voordelen en baten.

Het bewijselement van de kwalificaties wordt dus geheel beschreven op het voor de opdrachtgever relevante probleemniveau, maar wordt onderbouwd met een beschrijving van de gehanteerde competenties op het vaardighedenniveau. Daarmee kan de opdrachtgever toetsen wat deze externe vaardigheden toevoegen aan wat hij zelf al in huis heeft, of van andere leveranciers aangeboden heeft gekregen.

Vergelijkbaar

Het tweede instrument wordt gebruikt om het ongevraagde voorstel om te zetten in een openbare oproep aan andere aanbieders. Daarin speelt alleen het probleemniveau een rol. Hiermee worden andere aanbieders uitgedaagd hun eigen vaardigheden in te zetten om het probleem beter op te lossen dan de aanbieder van het ongevraagde voorstel.

Alleen de opdrachtgever heeft inzage in de beschrijving van het vaardighedenniveau van de eerste aanbieder. Andere aanbieders zullen het moeten doen met hun eigen kennis. Omdat zij weten dat er al een ongevraagd voorstel kan liggen, worden zij extra gestimuleerd om de voorgestelde prestatie-eisen en operationele voordelen te overtreffen. Uiteraard krijgen zij daarbij alleen een kans wanneer zij hun uitgenodigde voorstel onderbouwen met eigen bewijs, aan de hand van referenties en eerder gerealiseerde oplossingen voor vergelijkbare problemen. Zo worden de uitgenodigde voorstellen en het ongevraagde voorstel goed vergelijkbaar, zowel op probleemniveau als op vaardighedenniveau. Overigens hoeft deze wijze van opdrachtformulering niet beperkt te blijven tot situaties waarin een opdrachtgever al een ongevraagd voorstel heeft ontvangen. Alleen al de wetenschap dat dat het geval zou kunnen zijn, stimuleert concurrentie. Daarbij zullen aanbieders zich moeten onderscheiden met reële vaardigheden en gerealiseerd bewijs (�past performances�) in vergelijkbare situaties. Het gaat dus niet langer om de door velen zo verafschuwde laagste prijs.

Transparantie

Een bijkomend voordeel is, dat de werkwijze niet alleen bruikbaar is voor innovatieve oplossingen. Ook oplossingen die zich elders ruimschoots hebben bewezen, maar bij de betreffende opdrachtgever nog niet bekend zijn, krijgen een kans. Zo stimuleert het gestructureerde ongevraagde voorstel innovatie én transparantie. Alle aanbieders met relevante referenties komen in aanmerking, en de beste zal winnen.

Reageer op dit artikel