nieuws

De grote misleiding van de Britse pfi

bouwbreed Premium

londen – De burgemeester van Londen, de vakbonden, een oud-staatssecretaris, de Nationale Rekenkamer, het koor van tegenstanders van het private finance initiative (pfi), wordt steeds groter. De Britse uitvinding uit de jaren negentig, die in eigen land tot grote hoogte is gestegen en elders steeds meer navolging vindt, heeft een slecht jaar achter de rug. Steeds meer deskundigen vragen zich in het openbaar af of de overheid zich niet vreselijk in de maling laat nemen.

De Nationale Rekenkamer zette begin deze maand, zoals in Cobouw gemeld, grote vraagtekens bij de �droomwinsten� die Britse bouwbedrijven als Mowlem en Carillion maken bij de verkoop van hun pps-deals met de overheid. Een deel van die winst zou moeten terugvloeien in de staatskas, aldus J. Colman van de National Audit Office, die tegelijk een onderzoek naar de handel in pfi�s aankondigde.

Bijna tegelijk stelden vier onderzoekers van de Universiteit van Manchester in een rapport dat de pfi�s voor nieuwe wegen of ziekenhuizen de overheid honderden miljoenen meer kosten dan traditionelere contracten. “PFI moet je nog niet met handschoenen aanraken”, aldus onderzoekster J. Shaoul in deze krant.

Maar het blijft niet bij die paar kritische geluiden, in tegendeel. Vorige week mengde oud-staatssecretaris van milieu M. Meacher zich in de discussie. Hij stelt dat �een systeem dat bedoeld is om geld te besparen toekomstige generaties met een enorme schuldenberg opzadelt�. De ex-bewindsman berekent dat de verschillende Britse overheden tot 2028 al voor bijna 160 miljard euro aan toekomstige pfi-schulden hebben uitstaan. Dat is 10 procent van het hele Britse BNP over dit jaar.

De meeste contracten worden gesloten voor dertig jaar waarbij de overheid garant staat voor het betalen van een jaarlijkse vergoeding aan de private bedrijven. “Die contracten bieden de ondernemingen daarmee een wettelijke garantie op dertig jaar winst. Zelf lopen ze nauwelijks risico, want als er iets fout gaat, dan zal de overheid wel moeten bijspringen. De hele onderneming zou wel eens één grote misleiding kunnen zijn”, denkt Meacher.

Beschuldigen

De directeur van de Londense ondergrondse, T. O�Toole, weet dat wel zeker. London Underground is de opdrachtgever voor verreweg het grootste pfi-contract tot nu toe, waarbij twee consortia voor tientallen miljarden het hele netwerk moeten opknappen en onderhouden. Volgens O�Toole, en met hem burgemeester K. Livingstone, maken ze daar echter een potje van. Zij beschuldigen de bedrijven, waaronder aannemers Amec, Bechtel, Balfour Beatty en Jarvis, ervan de vernieuwingen voor zich uit te schuiven om zo eerst een paar jaar flink te kunnen vangen.

Vooral directeur T. Morgen van Tube Lines, het consortium van Balfour Beatty, is de gebeten hond. Niet in het minst omdat hij een salaris van liefst 800.000 euro per jaar opstrijkt. De Tube Line bedrijven zelf maken dagelijks 150.000 euro winst op de deal. Nu het noodlijdende Jarvis haar aandeel verkoopt eist Livingstone dan ook een deel van de winst op. K. Norman, leider van de militante Tube-vakbond Aslef, vindt dat de pfi-privatisering van de ondergrondse �achteraf een kostbare fout blijkt te zijn�, terwijl zijn collega B. Crow pfi onlangs omschreef als �één van de minst populaire beleidsbeslissingen uit de recente geschiedenis�.

Behalve in de transportsector wordt pfi ook op grote schaal toegepast in de gezondheidszorg. Vrijwel alle nieuwe ziekenhuizen en poliklinieken in Groot-Brittannië worden tegenwoordig op deze manier gebouwd, waarbij BAM-dochter HBG Construction een belangrijke partij is. Ook hier echter ontdekken de opdrachtgevende instellingen vaak �een kostbare fout� te hebben gemaakt. De British Medical Journal berekent dat instellingen die op basis van een pfi hebben gebouwd door de afbetalingen zoveel moeten bezuinigen dat het nieuwe ziekenhuis gemiddeld 26 procent minder bedden telt dan de oude gebouwen. Hun koepel, de NHS Confederation, noemt deze vorm van aanbesteding �veel te weinig flexibel�. “Terwijl de gezondheidszorg voortdurend verandert, zitten wij vast aan overeenkomsten voor dertig jaar. Sommige ziekenhuizen zijn te klein, andere te groot, alleen maar omdat de belangen van de betrokken bedrijven voorop staan.”

De problemen rond pfi zijn de laatste weken nog eens scherp in de schijnwerpers gezet door de malaise rond Jarvis. Vroeger één van de grootste bouwers van het land, is Jarvis nu steeds verder aan het aftakelen. De voornaamste reden is dat het bedrijf veel te gulzig was bij het binnenhalen van pfi-contracten, vooral voor in totaal 120 scholen in het hele land. Nu moet de ene na de andere gemeente lijdzaam toezien hoe hele reeksen nieuwe scholen veel te laat zijn of helemaal niet worden opgeleverd omdat Jarvis de onderaannemers niet meer kan betalen.

Doordat gemeenten onder een pfi vaak al hun scholen aan de private sector uitbesteden, treft een probleem als dat van Jarvis vaak de leerlingen in een hele stad. D. White, hoofd van een half-afgebouwde lagere school in Richmond-upon-Thames: “Het speelterrein is één grote berg puin. Dat is toch niet waar de kinderen bij het nieuwe schooljaar naar uit keken. In de helft van de lokalen hebben we geen verwarming. We kunnen er zelf niets aan doen, maar zijn wel erg gefrustreerd.”

�Systeem zadelt generaties op met schuldenberg�

Reageer op dit artikel