nieuws

CE-markering: effecten door bril van Europese aannemer

bouwbreed

Momenteel zijn er 150 productnormen bekrachtigd en 180 ETA�s afgeleverd op basis waarvan bouwproducten, -systemen of – kits verplicht van CE-markering moeten zijn voorzien. In de komende jaren zal dit vervijfvoudigen. In eerste instantie is de bouwproductenrichtlijn van toepassing op fabrikanten van bouwproducten of rechtspersonen die bouwproducten op de Europese markt brengen. Het is daarom […]

Momenteel zijn er 150 productnormen bekrachtigd en 180 ETA�s afgeleverd op basis waarvan bouwproducten, -systemen of – kits verplicht van CE-markering moeten zijn voorzien. In de komende jaren zal dit vervijfvoudigen. In eerste instantie is de bouwproductenrichtlijn van toepassing op fabrikanten van bouwproducten of rechtspersonen die bouwproducten op de Europese markt brengen. Het is daarom belangrijk aan te geven in welke mate aannemers ook betrokken partij zijn. Vandaar dat FIEC zeer attent is in de wijze waarop CE-mandaten en Europese specificaties tot stand worden gebracht. Beton is een mooi voorbeeld ter illustratie.

Voor geprefabriceerd beton is het duidelijk te omschrijven. Voor stortklaar beton is het echter minder evident de grens te trekken tussen aannemer en fabrikant, temeer daar beton op de bouwplaats kan worden aangemaakt. Momenteel is het CE-mandaat voor stortklaar beton nog steeds niet goedgekeurd, vanwege de onduidelijke positie en de verantwoordelijkheden en de verplichtingen die ermee samenhangen.

Een ander voorbeeld zijn ramen en deuren. Hierbij is de bezorgdheid van de aannemers (bijvoorbeeld producenten en plaatsers van houten kozijnen) of elk geplaatst raam of deur van een individuele CE-markering moet worden voorzien. Het is momenteel niet duidelijk of bouwproducten, die niet in serie zijn geproduceerd, voorafgaand getest en beoordeeld dienen te worden.

FIEC maakt zich verder zorgen over de verwarring die er heerst tussen bouwproducten met �CE-markering� en degene die onder de nationale �vrijwillige markeringsstelsels� vallen. Er is kans dat deze toestand het Europese gelijkheidsbeginsel onderuit haalt, terwijl klanten uit de overheidssector erdoor geneigd zouden kunnen zijn de Europese aanbestedingsregelgeving naast zich neer te leggen. De aannemers en architecten moeten erop kunnen vertrouwen dat de bouwproducten op de Europese eenheidsmarkt tegemoetkomen aan hun eisen. Het verontrust FIEC dat producten met CE-markering wel eens niet zouden voldoen aan de contractuele specificaties, ten minste in een aantal landen.

De Commissie geeft toe dat de harmonisering tussen de verschillende landen steeds gepaard gaat met compromissen, met �winnaars� en �verliezers� als gevolg. Ze beseft dat dit een onvermijdbare weerslag is van de oprichting van de Europese Markt.

Het zijn vooral de niveaus van attestering die FIEC zorgen baart. Deze niveaus worden vastgesteld door de vertegenwoordigers van de lidstaten in het Permanent Comité voor de Bouw (SCC) in overeenkomst met de Bouwproductenrichtlijn voor verschillende families van bouwproducten.

Zo geldt voor meerdere producten die in een aantal landen waren onderworpen aan strenge procedures voor attestering, nu een soepeler regime. De fabrikant legt verklaringen af over de overeenkomstigheid van zijn producten met de voorschriften van de CE-markering waarbij het oordeel van een onafhankelijke derde partij niet nodig is.

In deze omstandigheden vrezen de aannemers in de lidstaten waar voorheen de productcertificatie gold, dat de Europese markt wordt overspoeld door producten van een mindere kwaliteit, die ze in de toekomst zullen moeten gebruiken als ze concurrerend willen blijven.

De CE-markering die langzaamaan onderdelen van KOMO vervangt, slaat maar op een deel van hetgeen waarop deze goede oude nationale markering betrekking had. Dit gebeurd daar waar geharmoniseerde Europese Normen voor tot stand komen. Dit betekent dat het zogenaamde �vrijwillige� deel van een geharmoniseerde technische specificatie moet worden geregeld door een vrijwillig markeringssysteem.

Verschillende landen hanteerden nationale systemen voor vrijwillige markering. Voor zover ze niet afwijken van of indruisen tegen de betekenis van CE-markering, hebben Europese wetgevers hier geen bezwaar tegen. De overheidssector en de architecten moeten zich er voor hoeden dat ze de reglementen van de Europese markt niet overtreden door in hun aanbestedingen naar vrijwillige markeringen te verwijzen. Ze zouden dat kunnen doen door aan te dringen op een hoger niveau van attestering dan datgene dat vereist is voor dezelfde of gelijkwaardige producten met CE-markering. Dit betekent dat aannemers die intekenen op overheidsaanbestedingen verantwoordelijk zijn met een grotere mate van onzekerheid dan waar sprake van was onder de oude nationale markeringsstelsels zoals KOMO.

Nu er meer producten met CE-markering op de markt verschijnen, heeft de invoering van de Bouwproductenrichtlijn een kritiek stadium bereikt. Het absolute vertrouwen van de aannemers en architecten in de producten met CE-markering die ze in bestekken opnemen en aankopen, is van cruciaal belang voor het totstandkomen van een Europese markt voor bouwproducten.

Ir. arch. Piet Vitse,

WTCB-BBRI in Brussel, België

piet.vitse@bbri.be

Ing. C.P.T. Ruyter MSc,

AVBB in Gouda

n.ruyter@avbb.nl

Standpunten

Recentelijk organiseerde het Nederlands Normalisatie Instituut (NEN) een congres over CE markering voor bouwproducten. Tijdens dat congres hielden enkele sprekers voordrachten, waarin onder meer werd ingegaan op het standpunt van de Europese organisatie voor bouwondernemingen de �Fédération de l�Industrie Européenne de la Construction� (FIEC), juridische aspecten van CE markering en de VROM inspectie. Cobouw plaatst op deze pagina in drie artikelen de uitgesproken visies.

In dit eerste artikel lichten ir. arch. P. Vitse (WTCB-BBRI) en ing. C.P.T. Ruyter MSc (AVBB) het standpunt van de FIEC toe.

Verplichte toepassingen bouwproducten

Er wordt een groot aantal toepassingen verwacht waarbij bouwproducten verplicht voorzien moeten zijn van CE-markering in overeenstemming met geharmoniseerde technische specificaties, zoals voorzien in de Europese bouwproductenrichtlijn. Deze specificaties worden gepubliceerd als productnorm (NEN EN xyz) of als ETA (Europese technische goedkeuring) afgeleverd door een EOTA-goedkeuringsinstituut. FIEC vraagt de Europese Commissie gevolg te geven aan de resolutie van de Ministerraad voor Industrie van 10 november 2003. Deze roept de Commissie op om samen met de lidstaten, de staten van de EER en andere landen die gebruikmaken van CE-markering, alsmede de Europese belanghebbende partijen, een campagne op te zetten om CE-markering te promoten en om inhoud en verband met de vrijwillige markeringen toe te lichten. FIEC hoopt dat haar deelname aan deze campagne de aanzet geeft tot een evenwichtig systeem van vrijwillige markering in de geest van het bestaande CEN Keymark. In dit geval kunnen architecten en aannemers hun vertrouwen stellen in de kwaliteit en betrouwbaarheid van bouwproducten.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels