nieuws

Twin cities

bouwbreed Premium

Al bijna dertig jaar trekken Amsterdammers massaal naar Almere. De Amerikaanse historicus James Kennedy, die in Nederland woont en gespecialiseerd is in de moderne Nederlandse geschiedenis, vertelde eens dat zijn Nederlandse vrienden de stad in de Flevopolder een �all-American city� noemen en dat bedoelen ze niet complimenteus. Net als Amerikaanse steden is Almere een geplande […]

Al bijna dertig jaar trekken Amsterdammers massaal naar Almere. De Amerikaanse historicus

James Kennedy, die in Nederland woont en gespecialiseerd is in de moderne Nederlandse geschiedenis, vertelde eens dat zijn Nederlandse vrienden de stad in de Flevopolder een

�all-American city� noemen en dat bedoelen ze niet complimenteus.

Net als Amerikaanse steden is Almere een geplande stad die in korte tijd uit het niets is verrezen; een stad zonder

geschiedenis. Maar er is één belangrijk verschil, waardoor Kennedy zelf Almere juist on-Amerikaans vindt: de stad heeft geen mythe gecreëerd rond haar eigen ontstaan. “Je hoeft geen geschiedenis te hebben om geschiedenis te kunnen maken,” aldus Kennedy. De Amerikanen hebben hun land gedenkwaardig gemaakt door het doen verrijzen van monumentale gebouwen en door het cultiveren van de mythe van de heroïsche verovering van het Wilde Westen. Die pioniersgeschiedenis van het land wordt kinderen met de paplepel ingegoten.

Terug naar Almere. Ook een pioniersstad, maar zonder mythe. Eigenlijk is het een wereldwonder om een stad van 150 duizend inwoners, die bovendien de ambitie heeft uit te groeien tot de vierde stad van Nederland met het dubbele aantal inwoners, in enkele decennia uit de grond te stampen. De stad zou hét pronkstuk van Nederland moeten zijn. In plaats daarvan hangt er altijd een gevoel van onbehagen rond Almere. Er klopt iets niet. Volgens de Amsterdamse hoogleraar Abram de Swaan komt dat door de tegenstelling tussen de individuele woonbehoeften van mensen én de optelsom die daaruit resulteert. Mensen willen een eengezinswoning zonder buren boven en beneden en met een tuintje met twee heggen. Privacy dus, baas in eigen huis en tuin. Daarom gingen al die Amsterdammers naar Almere. In die zin is de polderstad een groot succes. Maar de tragiek van Almere is dat de optelsom van al die individuele rijtjeshuizen een dodelijk saaie stad is – een stad die niemand heeft gewild. Het fiasco van de Bijlmer heeft de stadsplanners ervan weerhouden Almere volgens een dwingend totaalconcept te ontwerpen. Ziedaar het resultaat. De �tristesse de banlieu� noemt De Swaan dit kleinsteedse verdriet, dit vage gevoel van heimwee naar de grote stad aan de overkant van het water. Amsterdam, waar het bruist en waar de stedenbouw juist haaks staat op de principes die aan Almere ten grondslag liggen. Kijk maar eens naar de nieuwbouw in het Oostelijk Havengebied en op IJburg: compacte bouw met monumentale gevels die naar het water gekeerd zijn. Amsterdam gaat de confrontatie met het water aan. Almere daarentegen is met de rug naar het water gebouwd. In die stad besef je nergens dat het IJsselmeer zo dichtbij is. Maar juist in dat water ligt de oplossing voor de gespleten harten van de Almeerders en Amsterdammers, die hunkeren naar intieme dorpsheid maar de zinderende stedelijkheid niet kunnen missen.

Amsterdam en Almere zijn �twin cities�, elk voor zich incompleet, maar samen een machtig verbond. De bezegeling van die band is een rechtstreekse brug tussen Almere en Amsterdam. Er ligt nog maar zes kilometer water tussen de kop van Almere en IJburg. In opdracht van de rijksbouwmeester is architect Teun Koolhaas al bezig met het ontwerp van de brug: een op palen gebouwde oeververbinding die zich tot veertig meter boven de waterspiegel verheft, als zichtbaar icoon van de band tussen Amsterdam en Almere. Twin cities, een nieuwe trend of zelfs ultieme noodzaak?

Reageer op dit artikel