nieuws

Het geheugen van een straat in Breda

bouwbreed

BREDA – Er gaapt een diepe kloof tussen stedenbouwkundigen en historici. Stedenbouwkundigen hebben in hun vernieuwingsdrang te weinig oog voor de gebeurtenissen en bewoners die de geschiedenis van een stad bepalen. Daarentegen hebben historici nauwelijks belangstelling voor de gebouwde omgeving.

Historicus en archeoloog Wim Hupperetz pleit in zijn promotieonderzoek naar de geschiedenis van de Visserstraat in Breda voor een betere samenwerking van beide beroepsgroepen. “Laat in de discussie over traditie en vernieuwing in een historische binnenstad zowel het ruimtelijk-fysieke aspect als het sociaal-culturele aspect meewegen en combineer ze zo veel mogelijk, want ze kunnen niet zonder elkaar.”

Hupperetz promoveert vandaag aan de Universiteit van Tilburg op de geschiedenis van 800 jaar wonen in de Visserstraat in het centrum van Breda. Aan de hand van opgravingen, bouwhistorisch onderzoek, archiefbronnen en interviews schetst hij een gedetailleerd beeld van een straat om zo te komen tot een andere kijk op de geschiedenis van Breda en wellicht ook op historische steden die een soortgelijke ontwikkeling hebben meegemaakt.

Die geschiedenis van de Visserstraat begint in de twaalfde eeuw met houten boerderijen op de oever van de rivier de Mark. De boerderijen maken langzaamaan plaats voor stenen gebouwen op ruime percelen. Eeuwenlang is dit een woonplek voor de elite van Breda. Als deze rijke families buiten het centrum gaan wonen en arbeidersgezinnen hun plaats innemen raakt de Visserstraat vanaf 1870 steeds meer in verval. De bebouwing wordt dichter, maar gewoond wordt er steeds minder: er komen eerst bedrijfjes en later vooral horecagelegenheden.

Ook de stadsvernieuwing tussen 1975 en 1995 in het centrum doet de straat geen goed. Begin jaren negentig bereikt de geschiedenis van de straat een dieptepunt. Leegstand, horecaoverlast, criminaliteit en verpaupering bepalen het straatbeeld. Sindsdien is het tij gekeerd en kent de opgeknapte straat als uitloper van het uitgaanscentrum weer betere tijden.

Ondanks alle veranderingen die de Visserstraat in 800 jaar heeft doorgemaakt ziet Hupperetz toch ook een aantal constante factoren. De verkaveling uit de twaalfde eeuw, de bouwblokstructuur vanaf 1315 en de casco�s van de huizen vanaf 1450 zijn nog steeds herkenbaar. Hupperetz vindt dat stedenbouwers die historische patronen en structuren als leidraad moeten nemen bij de ontwikkeling van bouwplannen in het centrum. En dat gebeurt de ene keer beter dan de andere. Zo is Hupperetz absoluut niet te spreken over de bouw van het overdekte winkelcentrum De Barones midden in de stad. Daarmee is niets meer over van de fijnmazige historische structuur. “Er is een stuk stad gedempt. Daarmee is de stad een deel van haar identiteit kwijtgeraakt”, constateert hij.

Een beter voorbeeld is volgens Hupperetz de renovatie van het Stokstraatkwartier in Maastricht tussen 1946 en 1970, ondanks de rigoureuze aanpak waarbij nogal wat historische gebouwen sneuvelden. “Positief zijn de handhaving van de bouwblokkenstructuur en de ontsluiting van de opengelegde binnenterreinen in de bouwblokken.”

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels