nieuws

Repeterende beweging grootste risico

bouwbreed

den haag – Repeterende bewegingen vormen het meest voorkomende arbeidsrisico. Ongeveer 57 procent van de werknemers heeft hier regelmatig mee te maken. Dit blijkt uit de Arbobalans 2004 van de Arbeidsinspectie.

Behalve repeterende bewegingen scoren ook langdurig werken in dezelfde houding, blootstelling aan gevaarlijke stoffen en werkdruk hoog als arbeidsrisico. Regelmatig tillen van zware lasten daarentegen scoort relatief laag met 11 procent. Kennelijk zet de kleinschalige mechanisatie op het gebied van tillen goed door.

Uit de cijfers blijkt verder dat het ziekteverzuim bij werknemers van bedrijven in 2003 ten opzichte van het jaar ervoor gedaald is van 5,4 naar 4,8 procent. Ambtenaar zijn blijkt risicovoller want bij de Rijksoverheid daalde het ziekteverzuim weliswaar, maar minder dan bij bedrijven, van 5,6 procent naar 5,4 procent. Het aantal nieuwe wao-uitkeringen daalde in 2003 tot 66.000. Dat is 26.000 minder dan in 2002. Ruim 34 procent van de nieuwe uitkeringen gaat naar mensen met een psychische aandoening. Op de tweede plaats met 25 procent staan mensen met een aandoening aan het bewegingsapparaat.

De bouw blijft nog steeds een risicovolle bedrijfstak. Werken op hoogte is het risico dat de meeste arbeidsongevallen veroorzaakt. In de bouw komt dit soort werk het meeste voor. Curieus genoeg neemt werken op een staande ladder korter dan 10 meter nog steeds toe. In 2001 werkte 50 procent van de bedrijven met werknemers die regelmatig op hoogte werken hiermee. In 2003 is dat 64 procent geworden.

Het gebruik van ladders van meer dan 10 meter neemt daarentegen af van 8 procent 2001 naar 3 procent in 2003. Het gebruik van hoogwerkers en steigers is toegenomen van 68 procent naar 78 procent. Als het gaat om overtredingen van de arboregels, dan scoort de bouw daar het hoogste van alle sectoren. Gemiddeld bij driekwart van de bedrijven werd in 2003 wel een overtreding geconstateerd. Dat kan overigens ook een werknemer zijn die zonder helm aan het werk is op een plek waar dat wel verplicht is.

Er blijkt weinig verschil te zitten tussen bouwbedrijven met een laag risico en bouwbedrijven met een hoog risico. In beide gevallen blijft het ongeveer driekwart van de bedrijven. De inspectie heeft bedrijven met een hoog risico wel veel vaker bezocht.

Ook blijkt uit de cijfers slechts een gering verschil tussen groot, midden- en kleinbedrijf. Het grootbedrijf komt uit op 77 procent overtredingen tegen 73 procent voor het kleinbedrijf. Het middenbedrijf zit daar precies tussenin. Veel bedrijven hebben inmiddels wel maatregelen genomen om arbeidsrisico�s te verminderen. Daarbij wordt vaak teruggegrepen op persoonlijke beschermingsmiddelen in plaats van aanpak aan de bron.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels