nieuws

Opleiden zit ons in de genen

bouwbreed

zwolle – “Ook tijdens een neergaande economie moet je in mensen en leerlingen blijven investeren”, zegt A. Lenferink, directeur van schilders- en afbouwbedrijf Lenferink Beheer BV.

Lenferink kreeg onlangs bij Savantis, landelijk kenniscentrum voor beroepsonderwijs, de oorkonde en de sculptuur uitgereikt die horen bij de titel Beste Leerbedrijf in de schilder- en onderhoudsbranche.

“De kroon op ons werk”, zegt Lenferink, waarop opleidingscoördinator H. Holtmaat trots de oorkonde en het bijbehorende juryrapport tevoorschijn haalt. “Een bedrijf met een lange reputatie als het om opleiden gaat”, vindt de jury. “Het bedrijf hecht er sterk aan dat er voldoende nieuwe mensen instromen en is tevens een bedrijf wat zijn commerciële doelstelling niet uit het oog zal verliezen.”

Alfred Lenferink leidt samen met zijn broer Rob de onderneming die 45 jaar geleden door hun ouders werd opgericht. “Mijn vader begon een eenmanszaak. Hij reed met een motor en een ladder naar zijn klanten en bouwde het bedrijf uit tot wat het nu is.”

Tegenwoordig telt de onderneming acht vestigingen, te weten zes schilder- en twee afbouwbedrijven. Er werken 280 mensen onder wie 35 gekwalificeerde leermeesters. De omzet bedraagt zo�n 20 miljoen euro per jaar. Lenferink Beheer richt zich zowel op het traditionele schilderwerk als op het vervangen van ramen en deuren, het repareren van houtrot, het aanbrengen van binnenwanden, plafonds, alle soorten stucwerk, complexe woningrenovaties en het isoleren van gevels.

Leerlingen huurt Lenferink in eerste instantie in via de Stichting Praktijkopleiding Schilders (SPOS). “Ze leren hun vak in de praktijk onder leiding van een van onze leermeesters. Als ze geslaagd zijn voor hun examen, kunnen ze bij ons in dienst komen. Ze worden dan binnen onze firma verder geschoold.”

Lenferink Beheer onderscheidt zich op drie punten van de andere ondernemers die werden genomineerd voor de titel Beste Leerbedrijf, constateerde de jury van Savantis. Lenferink somt op uit het rapport: “Opleiden in de breedste zin van het woord, kennismanagement en persoonlijke ontwikkelingsplannen”.

Holtmaat: “Er zijn binnen onze branche zoveel ontwikkelingen, dat je er niet onderuit komt regelmatig cursussen te volgen. Er komen steeds meer nieuwe producten bij en als je je niet regelmatig laat bijscholen, loop je een enorme achterstand in kennis op en dat willen we natuurlijk niet. Daarnaast is het noodzakelijk dat mensen veilig werken. Al onze medewerkers hebben daarom de veiligheidscursus VCA gevolgd.” Daar komt bij, vertelt Lenferink, dat zijn bedrijf innovatief en creatief wil zijn. “Door te blijven opleiden vullen we dat deel voor 50 tot 70 procent in. Mensen die zich laten scholen kijken anders aan tegen zaken die ze in hun werk tegenkomen. Leren stimuleert hun creativiteit. Je voorkomt daarnaast dat er blinde vlekken ontstaan binnen je onderneming.”

Aan dat laatste hecht Lenferink veel waarde. “Scholing is voor ons altijd erg belangrijk geweest, opleiden zit in onze genen. Alle medewerkers volgen gemiddeld een keer per jaar een cursus. Maar wat is nou eigenlijk het rendement van al die inspanningen?, vroegen we ons een jaar of acht geleden af. We hebben toen de balans opgemaakt en kwamen tot de ontdekking dat er verspreid over het bedrijf enorm veel kennis aanwezig was. Alleen was de knowhow ongelijk verdeeld over de vestigingen.

Met dat in het achterhoofd hebben we dwarsverbanden gelegd, waardoor de aanwezige kennis op ieder moment en op elke plek kan worden ingezet. We hebben gezegd: �die persoon moet altijd worden benaderd als het daar om gaat en die vestiging moet altijd in kennis worden gesteld als het om dat gaat�. Kennismanagement heet dat met een duur woord.”

De onderneming deed er haar voordeel mee. “We hebben daardoor onze positie als totaal onderhoud- én totaal afbouwbedrijf veel beter in de markt kunnen zetten dan in de jaren daarvoor.”

Naast het permanent opleiden van medewerkers en kennismanagement kent Lenferink Beheer persoonlijke ontwikkelingsplannen. “We hebben een aantal mensen in dienst waarvan we denken dat er meer in zit”, legt Holtmaat uit. “Het gaat om een man of dertig, dus ruim 10 procent van ons personeel. Voor hen zetten we persoonlijke ontwikkelingsplannen op waarbij ze hun kennis mogen verbreden of verdiepen op een terrein dat zij verkiezen. Daardoor willen we meer halen uit de mensen die voor ons werken. Bovendien kunnen we zo de band tussen ons personeel en de firma versterken.”

“Want”, vult Lenferink aan, “ook al kunnen we natuurlijk niet voorkomen dat er wel eens mensen zijn die bij een ander gaan werken, we leiden natuurlijk niet op voor de concurrent.”

Een succesvolle methode, zo blijkt. “Van de tien jongens die als leerling binnenkomen, blijven er gemiddeld negen voor ons werken. En die ene die weggaat, is in feite reclame voor Lenferink Beheer. Hij is door ons zo opgeleid dat hij in zijn nieuwe baan steeds weer zal zeggen: �Dat heb ik bij Lenferink geleerd�. Een betere ambassadeur kun je nauwelijks krijgen.”

De bouw heeft vakmensen nodig. Sommige aannemers leiden de leerlingen zelf op. Cobouw sprak met de directeuren van de beste leerbedrijven van 2004. Het tweede deel van een serie, het eerste deel verscheen op 25 september.

�Mijn vader begon met een eenmanszaak�

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels