nieuws

Haagse tramtunnel steeds mooier door vertraging

bouwbreed Premium

den haag – Cortenstaal, stucwerk, glas en tegels. Van al die oorspronkelijk bedachte wandafwerkingen is zaterdag – als de Haagse tramtunnel eindelijk wordt geopend – niets meer terug te vinden. De ontwerpers hebben het door lekkende diepwanden ontstane tijdverlies aangegrepen om het interieur verder te verfijnen.

Belgische blauwe hardsteen, hardhout, veel glas zijn bouwmaterialen die je meestal niet in tunnels aantreft. De in hun uitstraling chique materialen contrasteren fraai met de ongekleurde, ruw gelaten (diep)wanden. Het was ooit anders gedacht: drukker, kleurrijker, om de bovenwereld in al zijn levendigheid naar beneden te halen. Dat was de invloed van de jaren tachtig.

Toen grote vertraging in de (af)bouw ontstond doordat de Haagse tramtunnel-in-aanbouw onder water liep, werd onder leiding van projectarchitect Rob Hilz door het team van het Office for Metropolitan Architecture (OMA) nog eens nadrukkelijk gekeken naar het oorspronkelijke interieurontwerp. Het was immers al weer enkele jaren later en het denken over de aankleding van ondergrondse ruimte was in die tijd verder geëvolueerd. Besloten werd tot een resolute ommezwaai, die ook financieel bepaalde voordelen in zich droeg.

De belangrijkste aanleiding daarvoor? Bij het uitgraven van de diepwanden kwam een zodanig mooie wandstructuur tevoorschijn, dat besloten werd om alle bekleding weg te laten en het daarmee uitgespaarde budget te gebruiken voor een luxueuzere uitvoering van de overige toonaangevende gebouwelementen.

Zo zijn de trappen, hellingbanen, passerelles en dergelijke bekleed met Belgische blauwe hardsteen en kregen de tramperrons een �warme� vloer van hardhouten planken. Met roestvast staal en aluminiumkleurige wandafwerkingen en communicatiekanalen is een extra contrast opgebouwd met de ruw gelaten wanden.

In het weglaten toont zich wellicht het grootste vakmanschap van ontwerpers. In de tramtunnel is dat bijna tot kunst verheven, zonder dat de visuele rust tot saaiheid leidt. Het tegendeel is het geval, in combinatie met het vele licht is een sfeervolle omgeving gecreëerd, waarin het goed toeven is. Dat geldt in het bijzonder voor de parkeergarage, die ondanks zijn lengte van bijna 700 meter geen gevoelens van onveiligheid oproept. Dat is te danken aan het vele glas, het hoge lichtniveau en aan het feit dat in het ontwerp nauwelijks hoeken, maar vooral veel vloeiende lijnen zijn voorzien.

Knopen doorhakken

Projectarchitect Rob Hilz ging zich in de DO-fase met de tramtunnel bemoeien. Inmiddels heeft hij zijn eigen bureau: Lab-da (Laboratorium voor Development en Architectuur). Door de lange wachttijd tussen ontwerp en uitvoering heeft OMA aan Hilz gevraagd zijn kennis van het tramtunnelproject in te zetten bij de finale afbouw en inrichting.

Hilz geeft daarvan een treffend voorbeeld: “Aan het basisontwerp hadden meerdere ontwerpers gewerkt, hetgeen bijvoorbeeld zichtbaar werd in de vele verschillende hekwerken. Ik heb rigoureus de knoop doorgehakt en voor nog maar één type hekwerk gekozen. Aangezien een balusterhek te veel ritmiek geeft, is het een traliehek geworden, dat nauwelijks opvalt door de donkere kleur en zich vanuit de verte als een vlak vertoont.”

Drie hoogtepunten

Wat zijn nu de hoogtepunten in het ondergrondse gebouw, dat door de ontwerpers in een vroeg stadium werd gedoopt tot �Souterrain�.

Het bamboebos: middenin de parkeergarage is een rotonde gemaakt met op het middenpleintje een echt bamboebos. Om de groei te garanderen, maar ook om de parkerende automobilist even een �bovengronds� gevoel te geven, zijn boven het bamboebos enkele duizenden lux aan gekleurde tl-buizen aangebracht. Volgens fotograaf Ton Borsboom toont zijn lichtmeter aan, dat het hier gaat om een nauwkeurige nabootsing van het daglicht.

Entree tramstation Grote Markt: een gebogen trap vanaf het plein, een gebogen glazen wand en bij binnenkomst direct zicht op de ruim 8 meter lager gelegen tramrails. Dat laatste om de oriëntatie te vergemakkelijken. Er is veel (kunst)licht, dat niet alleen omlaag maar vooral ook omhoog straalt om de imposante ruimte van dit station te benadrukken.

Station Spui: dit tramstation is heel anders van aard, want veel complexer door de vermenging met parkeergarage, ingangen van warenhuizen, en de aanwezigheid van HTM-kantoortjes, controlekamer en verschillende (rol)trappen. Bijzonder hier is de beëindiging van het oostelijk perron, waar de bruine hardhouten vloer als een enorme golf doorloopt tot aan het 8 meter hoger gelegen plafond.

Reageer op dit artikel