nieuws

Dijk in Wilnis van onderaf opgetild

bouwbreed

mijdrecht – Een hoge waterdruk in een diepe zandlaag was mede verantwoordelijk voor het afschuiven van de dijk in Wilnis. Dat blijkt uit de eindrapportage van GeoDelft, die gisteren werd gepresenteerd. Diepstekende beschoeiingsplanken van de dijk, die aan alle bestaande regels voldeden, effenden de weg daarvoor.

De gewichtsafname van de veendijk, die door de lange hete zomer eind augustus flink was uitgedroogd, was onvoldoende om het bezwijken te verklaren. Dat leerden volgens onderzoeker ing. J. Dekker van GeoDelft, de eerste berekeningen die dit najaar werden uitgevoerd. De druk die het boezemwater op het veenpakket uitoefende, kon goed op de onderliggende zandlagen worden overgebracht. Het was een brede dijk met een langgerekte teen, die aan alle bestaande eisen voldeed, benadrukte de onderzoeker. Er was daarom tijdrovend laboratoriumonderzoek nodig om te achterhalen wat dan wel de boosdoener was in de Utrechtse plaats, waar in de nacht van 26 augustus ineens een woonwijk blank stond.

Het merkwaardige van de afschuiving bij Wilnis was volgens Dekker, dat de kruin van de dijk zich eigenlijk alleen horizontaal had verplaatst over een afstand van 5 tot 7 meter. Bij de bekende bezwijkmechanismen glijdt een dijk onderuit en komt de kruin een paar meter lager terecht. “Het leek alsof de dijk was opgetild en een stukje verderop weer neergelegd”, aldus de onderzoeker.

De daarvoor benodigde opwaartse kracht werd geleverd door verhoogde waterdruk in het zandpakket op 9 meter onder NAP, direct onder het veenpakket. Door de verdroging en de gewichtsafname van het veen was de schuifweerstand van de ondergrond iets afgenomen en waren er kleine scheuren in de dijk ontstaan. Daardoor moet de zaak al voor 26 augustus iets in beweging zijn gekomen. Langs de beschoeiingsplanken, waarvan er sommige de waterdichte kleilaag perforeerden, ontstond daardoor een kier, die het boezemwater bijna tot in het zandpakket voerde. Daar liep de waterdruk op tot een vergelijkbare hoogte als in de boezem.

Dat de druk zo snel op kon lopen, kwam mede door een dunne leemlaag die het zandpakket ter plaatse onderbreekt. Die laag vormde een afsluiting aan de onderkant, waardoor de opwaartse druk snel toenam. Het breukvlak van de afschuiving werd aan de oostzijde begrensd door een geasfalteerde afrit, die voor tegendruk zorgde. Aan de westzijde veranderde de grondslag iets, waardoor de hogere waterdruk daar minder effect had. Hoewel het om een bijzondere situatie gaat, is die volgens Dekker zeker niet uniek voor Wilnis. Er zijn diverse plaatsen in het land waar de boezemkades van kwelpolders hetzelfde kan overkomen.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels