nieuws

Boekhouding Bos veroorzaakt geen schade opdrachtgevers

bouwbreed

De algemene mening is dat opdrachtgevers schade hebben geleden door de in de schaduwboekhouding van Bos vermelde opslagen. Inmiddels zijn door opdrachtgevers vele claims bij de Raad van Arbitrage voor de bouw en de rechter ingediend. Jan Dekker toont aan de hand van een tabel van Gemeentewerken Rotterdam aan dat de opdrachtgevers echter geen schade hebben geleden.

Bij openbare en meervoudig onderhandse aanbestedingen wordt door of namens de opdrachtgever een aanbestedingsvergadering gehouden, waarin van elke aannemer het inschrijvingsbedrag wordt voorgelezen. Van deze aanbestedingsvergadering wordt een proces-verbaal gemaakt.

Als de laagste inschrijver voldoet aan de selectie- en gunningscriteria krijgt de laagste inschrijver de opdracht. Voorafgaand aan de aanbestedingsvergadering werd in het verleden door de aannemers een voorvergadering georganiseerd. In een voorvergadering worden de netto inschrijfcijfers (blankcijfers) voorgelezen. Wanneer blijkt dat een aannemer een belangrijke calculatie fout gemaakt heeft krijgt deze de gelegenheid zich terug te trekken. Voorts worden opslagen vastgesteld die bij de blankcijfers worden opgeteld. Genoemd kunnen worden de opslag voor calculatiekosten van alle inschrijvende aannemers (de zogenaamde rekenvergoeding) en de opslag voor kosten voor algemene bouwdoeleinden (bijvoorbeeld opleidingen, onderzoek en ontwikkeling). Bij de opdrachtgever worden de bruto inschrijfbedragen, dus blankcijfer plus opslagen ingediend.

Gedurende de gehele in de tabel genoemde periode van 1980 tot en met 1998 zijn er voorvergaderingen geweest. Tot 1987 waren de voorvergaderingen niet verboden, maar ook niet goedgekeurd. Vanaf 1987 tot 1992 werden de voorvergaderingen gehouden volgens het door de overheid goedgekeurde �Uniform Prijsregelend Regelement (UPR)�, dat echter in 1992 door het Europees gerecht van eerste aanleg met onmiddelijke ingang werd verboden.

In 1996 handhaafde het Europese Hof van Justitie het verbod. Hangende het actief door de overheid ondersteunde hoger beroep heeft de Rijkswaterstaat de voorvergaderingen gedoogd tot 1996. Vanaf 1992 waren de voorvergaderingen echter verboden en dus illegaal. In de UPR-periode werden soms voor-voorvergaderingen gehouden, waarin ook afspraken werden gemaakt. Ook deze voor-voorvergaderingen zijn uiteraard verboden en dus illegaal.

In de eerste kolom van de tabel staan de door Gemeentewerken Rotterdam gerealiseerde bouwsommen. In de tweede kolom staan de met openbare aanbestedingen bereikte besparingen ten opzichte van de eigen ramingen. Deze ramingen zijn zogenaamde aanbestedingsramingen die zo goed mogelijk zijn afgestemd op de actuele marktprijs. In de derde kolom staan de besparingen in procenten. De gemiddelde besparing over 18 jaar is circa 14 procent. De besparing bij meervoudig onderhandse aanbestedingen (niet in de tabel weergegeven) bleek aanmerkelijk minder, namelijk ongeveer 5 procent.

Bij enkelvoudige aanbestedingen bleek er weinig of geen verschil te bestaan tussen de ramingen en gerealiseerde bouwsommen en is het resultaat dus gemiddeld ongeveer 0 procent. Geconcludeerd kan worden dat de ramingen van Gemeentewerken Rotterdam overeenkomen met de marktprijs voor enkelvoudige aanbestedingen. Voorts dat meervoudig onderhandse en openbare aanbestedingen voor de opdrachtgevers tot substantiële voordelige resultaten leiden ten opzichte van de marktprijs voor enkelvoudige aanbestedingen. Dit dus ondanks de in rekening gebrachte opslagen via de voorvergaderingen.

Blankcijfer

De voordelige resultaten bij openbare aanbestedingen kunnen onder meer verklaard worden doordat bij openbare aanbestedingen de concurrentie maximaal is, dit dus ondanks de voorvergaderingen. Immers de aannemer met het laagste blankcijfer in de voorvergadering is rechthebbende en dient bij de opdrachtgever de laagste aanneemsom in; namelijk zijn blankcijfer plus opslagen. In een voorvergadering kan hiervan wel eens afgeweken worden en ook andere afspraken worden gemaakt, maar dit zullen waarschijnlijk uitzonderingen zijn, die in elk geval verdisconteerd zijn in de gunstige resultaten uit de tabel.

Met een openbare aanbesteding worden ook die aannemers bereikt, die in de betreffende uitvoeringsperiode te weinig werk hebben en dus dringend verlegen zitten om werk en dus een extra lage prijs zullen geven.

Bij een meervoudig onderhandse aanbesteding bereikt men deze aannemers niet. Bovendien is het aantal inschrijvende aannemers in het algemeen klein, zodat bij meervoudig onderhandse aanbestedingen de concurrentie minder groot is en het voordelige resultaat dus kleiner.

Omdat de Europese Commissie de voorvergaderingen sinds 1992 verboden heeft moeten de calculatiekosten en kosten voor algemene bouwdoeleinden vanaf die tijd via de overhead aan alle opdrachten worden toegerekend. Omdat de aannemers het verbod hebben genegeerd wordt nagegaan wat hiervan de invloed is geweest voor opdrachtgevers. Bij het systeem van doorberekening van kosten via de voorvergadering worden de enkelvoudige opdrachten niet belast met gemaakte calculatiekosten van meervoudig onderhandse en openbare aanbestedingen met de via de voorvergadering in rekening gebrachte kosten voor algemene bouwdoeleinden. Bij het systeem van doorberekening van kosten via overhead worden alle opdrachten dus ook de enkelvoudige opdrachten via een verdeelsleutel belast met calculatiekosten van alle inschrijvingen alsmede met de totale kosten voor algemene bouwdoeleinden. De openbare en meervoudig onderhandse opdrachten worden bij de doorberekening via de overhead dus relatief minder zwaar met kosten belast dan bij het systeem van doorberekening van kosten via de voorvergadering.

De opdrachtgevers die relatief meer openbaar en onderhands aanbesteden dan enkelvoudig worden bij voorvergaderingen dus relatief wat zwaarder belast met kosten en opdrachtgevers met relatief meer enkelvoudige opdrachten worden wat minder belast met kosten. Bij het systeem van doorberekening via de �overhead� is dat omgekeerd. Omdat in beide systemen van doorberekening alle kosten worden doorberekend aan de opdrachtgevers is er in zijn totaliteit voor de opdrachtgevers dus geen verschil.

Nu is het wel mogelijk dat er in een voorvergadering ook nog andere afspraken worden gemaakt en nog andere opslagen in rekening worden gebracht. In het algemeen onttrekt zich dit echter aan de waarneming van opdrachtgevers. Zou dit echter het geval zijn, dan zijn de nadelige effecten hiervan voor de opdrachtgever verwerkt in de in de tabel vermelde aanneemsommen en dus ook in het voordelige resultaat.

De besparingen sinds 1992 – de periode waarin de voorvergaderingen illegaal waren – bedroegen gemiddeld ruim 14 procent, hetzelfde gemiddelde percentage als in de periode daarvoor. Zonder een uitspraak te kunnen doen over een specifiek geval is de conclusie derhalve dat door de in de schaduwboekhouding van de heer Bos vermelde opslagen de opdrachtgevers geen schade hebben geleden.

Ir. A.J.Chr. Dekker is oud directielid van Gemeentewerken Rotterdam, verantwoordelijk voor het aanbestedingsbeleid en als zodanig oud adviseur van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG)

(a.dekker@stz.Rotterdam.nl)

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels