nieuws

Geestelijke zorg moet 1 miljard investeren

bouwbreed Premium

den haag – De geestelijke gezondheidszorg moet 1 miljard euro investeren om de kwaliteit van de eigen huisvesting op het gewenste niveau te krijgen. Dat blijkt uit een onderzoek van het College Bouw Ziekenhuisvoorzieningen, een toezichthoudend orgaan van het ministerie van Volksgezondheid Welzijn en Sport (VWS).

Het College Bouw vraagt het Rijk voor de sector de komende vijf jaar 15 miljoen euro vrij te maken, om een deel van de investering te financieren. Met het extra geld kunnen de zorginstellingen het kapitaal lenen dat nodig is voor de verbetering van de huisvesting.

Voorzitter R. Scheerder verwacht dat de minister over de brug komt. “Vorig jaar hebben we 8 miljoen euro extra gekregen voor de gehandicaptenzorg”, licht hij zijn optimisme toe. Gemiddeld 8 procent van de gebouwen waarin geestelijke zorginstellingen zijn gehuisvest, voldoet niet aan de eisen van de toezichthouders.

Het onderhoud van ruim eenvijfde van de gebouwen is voor verbetering vatbaar terwijl driekwart van de onderkomens van het College Bouw een ruime voldoende krijgt.

Scheerder is tevreden over de technische staat van de gebouwen. “We hebben een hele goede en degelijke infrastructuur”, stelt hij op basis van het onderzoek vast.

Het geld dat hij aan de minister vraagt is nodig om belangrijke verbeteringen op korte termijn uit te kunnen voeren. Het meeste geld, dat wordt gebruikt voor een kwaliteitsslag, zit al in de verschillende fondsen zit waarover de branche beschikt. Als het aan GGZ Nederland ligt, gaan de instellingen zo snel mogelijk met de resultaten van het onderzoek aan de slag.

“Van al onze cliënten zit 18 procent in huisvesting die niet aan de eisen voldoet. Dat zijn naar mijn mening 3500 mensen te veel”, onderstreept voorzitter A. van Es van de brancheorganisatie van zorginstellingen. “Iedere patiënt, en dan met name diegenen die langdurig worden opgenomen, moet in een goed gebouw zitten”.

Publiek-privaat

Bouwcollege-voorman Scheerder ziet er niets in om via bijvoorbeeld een publiek-private samenwerking (pps) geld aan te trekken voor de huisvesting van geestelijke gezondheidszorg. “Dat staat in Nederland nog in de kinderschoenen”, schuift hij de financieringsmethode voorlopig ter zijde.

Van Es schiet namens de zorginstellingen de bestuurder van de toezichthouder te hulp. “De besteding van publiek en privaat geld moet inzichtelijk blijven en niet op één hoop worden gegooid. Anders is het niet meer duidelijk waar de investeringen precies vandaan komen en naartoe gaan”.

Reageer op dit artikel