nieuws

Corporatiereuzen verstoren markt door concentratie

bouwbreed Premium

den haag – Woningcorporaties hebben de neiging buitensporig veel macht naar zich toe te trekken. Dat vindt J. Conijn van het Amsterdamse adviesbureau Rigo. Om verdere verstoring van de woningmarkt te voorkomen moet de Nederlandse Mededingingsautoriteit (NMa) criteria opstellen voor fusies tussen corporaties, vindt de volkshuisvestingspecialist.

De grootste marktverstoringen doen zich volgens Conijn met name voor in Zuidoost en Zuidwest Drenthe. In deze gebieden hebben de drie grootste corporaties volgens het meest recente onderzoek 90 procent van de markt in handen. “Hetgeen hoog genoemd kan worden”, stelt de Rigo-vennoot voorzichtig. In de kop van Noord-Holland en de Rijnstreek, dat tussen Utrecht en Den Haag ligt ingeklemd, tekent zich een vergelijkbaar beeld af.

Naar machtsconcentraties in de sociale huursector is volgens Conijn drie jaar geleden voor het laatst onderzoek gedaan. Hierdoor is niet duidelijk hoe de sector er momenteel voor staat. “Niemand kijkt er naar”, onderstreept de onderzoeker het gebrek aan informatie. Zonder gegevens is moeilijk vast te stellen hoe de huidige situatie is, maar het grote aantal fusies van de afgelopen jaren in de corporatiewereld geeft aan dat de concentratie eerder is toegenomen dan afgenomen.

Volgens onderzoek van Rigo in opdracht van het Centraal Fonds Volkshuisvesting (CFV), de financieel toezichthouder van de branche, neemt in een aantal regio�s de greep op de markt van een kleine groep sociale huisvesters snel toe. In het rapport �Ruimtelijke concentratie in de sociale huursector� van november 2001 worden hierbij genoemd de regio�s Noord-Friesland, Zuid-Kennemerland en Haaglanden.

Te sterke marktposities van sociale huisvesters kunnen volgens Conijn tot misbruik leiden. “De gemeente is dan te veel afhankelijk van één partij. Dat lijkt me niet wenselijk. Daarnaast hebben huurders weinig ruimte om te kiezen, wat er toe kan leiden dat de corporatie de kwaliteit van haar dienstverlening niet goed in de gaten houdt.”

Het probleem kan het beste op regionaal niveau worden aangepakt, vindt Conijn. Volgens de onderzoeker kan hierbij handig gebruik gemaakt worden van de 54 woningmarktgebieden die het ministerie van Volkshuisvesting Ruimtelijke Ordening en Milieu (VROM) gebruikt om vanuit Den Haag beleid uit te stippelen.

Volgens Conijn zou voor deze regio�s de Nma criteria op moeten stellen waaraan de marktsituatie moet voldoen. De bovengrens voor een marktleider in een bepaald gebied kan volgens de adviseur het beste gelegd worden op zo�n 40 procent van alle sociale huurwoningen. “Deze grens is vrij arbitrair. Je moet onderzoeken welk maximum het beste werkt”, licht Conijn toe.

Het ministerie van VROM, dat fusies tussen corporaties toch al doorlicht, zou volgens Conijn de toetsing van de criteria kunnen uitvoeren. “De fusieplannen worden dan altijd beoordeeld op de gevolgen die de nieuwe samenwerking heeft voor de marktconcentratie in een regio.”

Reageer op dit artikel