nieuws

Ondernemers moeten jaren eerder nadenken

bouwbreed Premium

breda – Het is momenteel niet eenvoudig een bedrijf te verkopen. Los van de mindere economie, komt dit omdat ondernemers vaak te laat beginnen met nadenken over verkoop.

“Als je als bouwondernemer wilt verkopen, moet je drie tot vijf jaar van tevoren beginnen”, meent adviseur S. Collé van Van Oers Corporate Finance in Breda. Met zes adviseurs houdt het bedrijf zich vooral in het midden- en kleinbedrijf bezig met begeleiden bij koop en verkoop van bedrijven. Zo heeft Collé zelf geadviseerd bij de verkoop van Oonincx Wegenbouw en Bouwservice aan de Jansen de Jong Groep.

Een van de grootste knelpunten die hij signaleert in de dagelijkse praktijk is de afhankelijkheid bij kleinere bedrijven. Vooral als een bedrijf veel in onderaanneming werkt, maar net zo goed als het afhankelijk is van netwerken van de directeur-grootaandeelhouder (dga) voor acquisitie.

“Je ziet vaak in kleinere familiebedrijven, van 10 tot 30 man personeel, dat alle contacten via de dga lopen. Zo�n bedrijf kopen houdt dan een risico in bij de verwerving van opdrachten. Heel vaak wordt dat opgelost door de verkopende ondernemer nog voor enige tijd aan het bedrijf te binden totdat de nieuwe eigenaar in het netwerk zit en dezelfde contacten heeft”, weet Collé.

Dat is een belangrijke reden waarom ondernemers enkele jaren voor de daadwerkelijke verkoop moeten beginnen met het verkooprijp maken van hun bedrijf. “Daarbij gaat het vooral om risico�s als te grote afhankelijkheid van de dga. Zeker in deze tijd zijn risicovolle bedrijven zeer moeilijk te verkopen. Als ondernemers die willen verkopen, eerder beginnen met hun bedrijf minder risicovol te maken, dan is het nu makkelijker te verkopen. Eigenlijk moeten ze nu leren van de fouten die ondernemers op dit punt maken” meent Collé. “Een aantal ondernemers klopt ook vroegtijdig aan, maar het zijn er te weinig”.

Verkopen van een bedrijf doe je niet op een achternamiddag, is de boodschap. Het begint met een grondige analyse en waardebepaling van een onderneming. Die laatste doet Van Oers volgens de zogenoemde Discounted Cash Flow methode. Kort door de bocht komt het erop neer dat gekeken wordt naar de toekomstige verdiencapaciteit, maar dat ook rekening wordt gehouden met het risicoprofiel van de onderneming en de vermogensstructuur.

“Het grote voordeel van deze analyse is dat zeer nauwkeurig in kaart wordt gebracht welke elementen van een onderneming waarde creëren en welke elementen waardedrukkend zijn. Dat kan voor een verkopende ondernemer zeer verhelderend werken.”

Na de waardebepaling wordt een informatiememorandum opgesteld op basis waarvan de potentiële koper zich een beeld kan vormen van het reilen en zeilen van de te kopen onderneming. Vervolgens wordt in de eigen database en bij collega-adviseurs gekeken naar geschikte koopkandidaten, waarna deze telefonisch benaderd.

“Dat is wel aardig. Want als een potentiële koper zelf geen belangstelling heeft, weet hij vaak wel een paar namen te noemen van mensen die wel willen. Zo breiden we onze database steeds verder uit.”

Vervolgens begint het onderhandelingstraject, komt er een letter of intent en uiteindelijk een koopcontract als het tenminste allemaal doorgaat. “Van verkoopidee tot aan de notaris”, vat Collé zijn diensten samen.

Het klinkt nog redelijk eenvoudig, maar er zijn heel wat zaken waaraan moet worden gedacht. Wat te denken bijvoorbeeld van risico�s op lopende projecten of eventuele lijken in de kast. Een nieuwe eigenaar wil daar zeker enige zekerheid over hebben. Iedereen in de bouw kent immers de problemen die HBG heeft gehad met de lijken in de Wayss & Freytag-kast.

“Ach”, zegt Collé, “Er komt inderdaad veel bij kijken. En geen koop of verkoop is hetzelfde. Maar dat maakt ons vak juist zo boeiend.”

Reageer op dit artikel