nieuws

Ontwikkelkracht is niet gericht op natuur

bouwbreed Premium

Nederland.

Er is een groot verschil in het beleid dat voormalig minister Pronk van ruimtelijke ordening voorstelde in zijn Vijfde Nota Ruimtelijke Ordening en de wind die er uit de kabinetten Balkenende I en II waait. Pronk maakte van zuinig ruimtegebruik een centraal thema in zijn voorstellen. Om dat te bevorderen achtte hij sturing vanuit het rijk nodig en stelde hij een aantal (volgens Milieudefensie te slappe) beleidsinstrumenten voor.

Minister Dekker, de huidige minister van RO, is echter van plan de koers drastisch te veranderen. �Minder Haagse regels� is het motto. Zij ziet voor het rijk een beperkte taak weggelegd en wil vooral ruimte geven aan lagere overheden om te doen wat hen goed dunkt. De minister van VROM moet zich omvormen �van hindermacht naar ontwikkelkracht�, aldus Dekker.

Milieudefensie is daar niet blij mee. Omdat wij van mening zijn dat centrale regie in de ruimtelijke ordening hard nodig is om de open groene ruimte te beschermen. Dat laatste is ons inziens van groot belang voor de leefbaarheid in het land. Rust en ruimte hebben we nodig om ons te ontspannen, om te genieten. Veel Nederlanders zijn bezorgd over het dichtslibben van het landelijk gebied met nieuwe uitbreidingswijken, bedrijventerreinen en wegen. Het is aan de politiek om die zorg serieus te nemen. Minister Dekker lijkt zich daar nauwelijks bewust van. Voor haar staat het versterken van de internationale economische concurrentiepositie van Nederland voorop. Dat heeft ruimte nodig; luchthaven Schiphol en de Rotterdamse haven moeten kunnen groeien. En ook de woningbouw moet worden versneld.

Bouwen, bouwen, bouwen is het motto. Doet er niet toe waar. Onder het motto �bouwen voor de eigen inwoners� en �het platteland niet op slot� laat Dekker de teugels vieren en geeft gemeenten vrij spel om het volgende weiland vol te bouwen. Bovendien wordt de omvang en de bescherming van de Nationale Landschappen (gebieden die met landelijk beleid beschermd worden) door haar ingeperkt. De Hoeksche Waard en de Utrechtse Heuvelrug krijgen die beschermde status waarschijnlijk helemaal niet. En van het Groene Hart wordt aan alle kanten stukken weggesneden: de Zuidplaspolder, de Oude Rijn zone, de Bloemendalerpolder en Rijnenburg. Dekker zet ook alle prikkels om tot zuinig en efficiënt ruimtegebruik binnen dorpen en steden te komen worden overboord. Rode contouren om bebouwde gebieden worden geschrapt. Een openruimteheffing om �verdichting� te stimuleren komt er niet. En ambities om een minimaal deel van de te bouwen woningen binnenstedelijk te realiseren ontbreken.

Met dit beleid trekt de rijksoverheid zich terug op slechts één ambitie: het bevorderen van de internationale concurrentiepositie. De rest wordt overgelaten aan de lagere overheden, want die weten tenslotte als dicht bij de burger staande besturen wat goed is voor de mensen. De ervaringen van het verleden laten zien waartoe dat leidt: witte schimmel, platte dozen, verrommeling van het landschap.

Gemeenten hebben bijna de natuurlijke neiging om te streven naar groei en het bouwen van een volgende woonwijk en bedrijventerrein. Ieder voor zich.

Provincies zijn bovendien niet in staat geweest de gemeenten tot meer onderlinge samenwerking en afstemming te brengen. En met de nieuwe Wet Ruimtelijke Ordening wordt die regierol van provincies alleen maar verder uitgehold.

Er is dus alle reden voor de rijksoverheid om de teugels aan te halen in plaats ze te laten vieren. Dekker geeft de gemeenten en provincies vrij spel. En ze denkt dat het dan allemaal goed komt. Ja, er zal vast meer gebouwd worden. Dát zal wel goed komen. Maar de natuur en open ruimte zullen daarvan de dupe zijn. Dat vindt Dekker ook niet erg: haar �ontwikkelkracht� is gericht op economie en bouwen, en niet op natuur en landschap.

Willem Verhaak

Campagneleider Ruimte en Landschap Milieudefensie

Klaas Breunissen

Medewerker Ruimte en Landschap Milieudefensie in Amsterdam

(webmaster@milieudefensie.nl)

Reageer op dit artikel