nieuws

Na 2005 extra geld voor bouwsector

bouwbreed

den haag ­ De oplevering van de A7, A15 en knooppunt Badhoevedorp komt een tot twee jaar later. De spoortunnel in Delft en de Zuiderzeelijn schuiven door tot ver na 2010, evenals het nieuwe elektrificatiesysteem bij de spoorwegen. Maar liefst 23 infrastructurele projecten lopen vertraging op.

Daarmee speelt minister Peijs (verkeer en waterstaat) 2,3 miljard euro vrij die ze gebruikt voor het onderhoudsoffensief van 2,8 miljard euro op het gebied van zowel snel­, spoor­ als vaarwegen. Wie het meest nodig heeft bij het wegwerken van achterstallig werk, levert ook het meest in aan nieuwbouwprojecten.

Positief is dat het saldo van de bezuinigingen op nieuwbouw lager uitpakt dan de investeringen in onderhoud. Magere jaren voor de bouwers, maar dankzij het kwartje van Kok minder erg dan gevreesd. Pas na 2004 en 2005 is een opleving te merken, want de minister krijgt geen volledige prijscompensatie over het jaar 2003 en de jaarlijkse 530 miljoen van het kwartje keert minister Zalm (financiën) met terugwerkende kracht pas vanaf 2006 uit.

Wel is duidelijk dat de aanbestedingen vooral in de onderhoudssfeer zijn binnen te halen. In de begroting valt te lezen dat de prioriteit voor beheer en instandhouding zeker tot 2020 nodig is om uit te komen met de budgetten. Daarbij zal vanaf volgend jaar ook het onderhoud in een meerjarenraming worden opgenomen. Desondanks belooft de minister tijdens de presentatie van haar eerste begroting dat van uitstel geen afstel komt.

“Het wordt heftig”, waarschuwde ze enkele dagen daaraan voorafgaand. En de bezuinigingen op nieuwbouwprojecten zijn dan ook ronduit fors te noemen. De rijkswegen leveren 416 miljoen in, de vaarwegen 359 miljoen en bij de spoorwegen wordt zelfs voor 1,5 miljard aan nieuwbouw vertraagd.

Peijs heeft er ten aanzien van de rijkswegen voor gekozen de uitvoering van de A2, A15, A7, N57, A4/A9 en N35 met een tot twee jaar op te schorten. Het ene project wordt later opgeleverd, van een ander begint de uitvoering iets later. Het gaat bijna steeds om rijkswegen waarvoor al spitsstroken in uitvoering zijn. Om die reden vindt Peijs het te rechtvaardigen dat structurele oplossingen iets langer op zich laten wachten.

Ten aanzien van de vaarwegen wordt de uitvoering van tal van projecten tot na 2010 uitgesteld. Het gaat om de derde kolk van de Beatrixsluis, Bovenloop IJssel, Twentekanaal, Amsterdam­Rijnkanaal en de vaarroute Ketelmeer. Een aantal andere projecten loopt minder lange vertraging op, maar de spuicapaciteit van de Afsluitdijk is drie jaar naar achteren geschoven, de plannen voor de Waal een jaar.

De slag is het grootst op het spoornet. Bij de Zuiderzeelijn wordt 200 miljoen van de begroting van 2,7 miljard gesnoept, maar verder blijft het budget overeind. Volgens de minister zou schrappen van het snelle spoor naar het noorden geen soelaas bieden op korte termijn. Het bouwtempo van de lijn Vleuten­Geldermalsen wordt vertraagd, evenals de aanleg van de goederenlijn Elst­Deventer­Twente en Roosendaal­Antwerpen. Het werk aan de lijnen begint niet eerder dan respectievelijk 2010 en 2009.

Ronduit verrassend is het beëindigen van het BB21 programma om het spoor te beveiligen en de bovenleidingen te vervangen met 25 kV­leidingen waardoor treinen een snelheid van 200 kilometer per uur kunnen rijden. Het programma gaat tot na 2010 de ijskast in.

Uitgerekend de omstreden Betuwelijn rijdt vanaf 2006 wel als enige met toepassing van de nieuwste standaarden. De motivering van de minister beperkt zich tot “We moesten keuzes maken.”

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels