nieuws

Boete te late oplevering HSL ‘slechts’ drie ton

bouwbreed

den haag ­ Minister Peijs (verkeer) heeft in de Tweede Kamer schromelijk overdreven door te beweren dat te late oplevering van de onderbouw van de HSL 800.000 euro per dag kost. Onder die druk zwichtte het parlement en stemde morrend in met een extra budget van 174 miljoen binnen de risicoreservering van 985 miljoen euro.

De minister hield de Tweede Kamer voor dat elke maand vertraging 23 miljoen euro kost. Het blijkt te gaan om een claim van 8 miljoen euro van bovenbouwer Infraspeed en 1 miljoen euro als boete aan de Belgische regering. De overige 14 miljoen zijn gederfde inkomsten omdat de vervoerder niet op tijd kan rijden en dus geen vergoeding aan het Rijk is verschuldigd.

Het laatste bedrag is er met de haren bijgesleept omdat met de vervoerder NS/KLM een contract voor 15 jaar is aangegaan dat nu later ingaat. Deze combinatie High Speed Alliance gaat het Rijk jaarlijks bijna 150 miljoen euro betalen voor het gebruik van het snelle spoor.

Bij te late oplevering moet het Rijk dus ‘slechts’ 9 miljoen euro per maand ofwel 300.000 euro per dag aan boetes betalen. De boeteclausule die met Infraspeed is overeengekomen, is gebaseerd op de geschatte kosten.

Infraspeed is maandelijks een vergelijkbaar bedrag kwijt als het de bovenbouw niet op tijd oplevert. Deze combinatie van Fluor Daniel, Siemens en BAM NBM krijgt jaarlijks 105 miljoen euro als vergoeding voor onderhoud en bouw van het spoor. In ruil daarvoor is zij ook verantwoordelijk voor het onderhoud gedurende 25 jaar.

Nog net voor het reces forceerde de minister toestemming van het parlement voor 174 miljoen euro voor versnellingsmaatregelen bij de HSL. Het gaat om onomkeerbare uitgaven voor extra bouwstromen en aanpassingen om de onderbouw op tijd te kunnen opleveren (zie staatje). Nog dit jaar wordt daarvan 43 miljoen extra uitgegeven. De projectorganisatie heeft al afspraken gemaakt voor versnelling van de zinktunnels en boortunnel. De risicoreservering van 985 miljoen euro, waarvan tweederde voor de HSL, kwam voor het parlement als een onaangename verrassing. Een risico­inventarisatie vorige zomer bracht zo’n zeshonderd onzekerheden aan het licht. Door de waarschijnlijkheidspercentages en kosten tegen elkaar af te wegen komt dat op een post van 585 miljoen euro. Zo’n tien procent boven de totale budgetbegroting van 5,8 miljard euro.

De raakvlakken tussen onderbouw en bovenbouw en de aansluitingen op het bestaande spoor blijken honderden miljoenen extra te kosten. Voor het overige blijken slimme ontwerpen en andere gecalculeerde efficiencyslagen in de praktijk tegen te vallen.

Als alle risico’s optreden kan het bedrag oplopen tot 1,4 miljard euro, stelde de Rekenkamer in haar zeer kritische rapport van afgelopen juni. Daarbij zijn onverwachte tegenvallers als het in brand vliegen van een viaduct op de A16 of het ongeluk bij het hamerstuk op de brug over het Hollands Diep niet eens meegerekend. De minister waarschuwt zelf nog voor tegenvallers in de vorm van extra maatregelen die nodig zijn om ontsporing van de treinen te voorkomen. Ook de tunneltechnische installaties vergen steeds kostenverslindende aanpassingen. De meest recente discussie gaat over de hittebestendigheid van de tunnelwanden. Mogelijk wordt die verhoogd van 1000 naar 1100 graden Celsius met het oog op de veiligheid van de treinpassagiers.

Naar aanleiding van de risicoreservering stelt de Tweede Kamer nu een eigen onderzoek in. ZDe Kamer heeft grote moeite met de reservering die de komende jaren een fors deel van de ruimte van het MIT zal opslokken. Daardoor schuift zo’n 600 miljoen euro aan infrastructurele projecten naar een later tijdstip. Op Prinsjesdag zal het omgooien van de begroting van volgend jaar al forse vertragingen te zien geven.

Minister overdrijft kosten om Kamer onder druk te zetten

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels