nieuws

Het nieuwe huurrecht (1)

bouwbreed

Het nieuwe huurrecht (1)

Na jaren van overleg is het dan zover: naar alle waarschijnlijkheid zal 1 augustus 2003 het nieuwe huurrecht in werking treden. Een nieuw en modern huurrecht is geen overbodige luxe. Het huidige huurrecht is over diverse wetten verspreid. Bovendien wordt veelal ouderwetse terminologie gehanteerd.

Een doelstelling van het nieuwe huurrecht betreft het moderniseren en uniformeren van de regelgeving. Er is gestreefd naar een inzichtelijk stelsel waarin de huidige, versnipperde, wetgeving tot een geheel is gesmeed. Van het inhoudelijk wijzigen van het huurrecht is weinig terechtgekomen. Inhoudelijk verschilt het nieuwe huurrecht namelijk niet wezenlijk van het oude. Toch zullen de ingevoerde wijzigingen voor de praktijk consequenties hebben.

De nieuwe huurrechtregeling zal in boek 7 van het Burgerlijk Wetboek, titel 4 terecht komen. In deze titel zal een aantal afdelingen (hoofdstukken) worden opgenomen. De eerste vier afdelingen (de algemene huurbepalingen) zullen van toepassing zijn op alle huurovereenkomsten, afdeling 5 zal uitsluitend van toepassing zijn op woonruimte, terwijl afdeling 6 van toepassing zal zijn op ‘artikel 290 bedrijfsruimte’ (de huidige middenstandsbedrijfsruimte of ‘artikel 1624 BW bedrijfsruimte’). De huidige ‘overige’ of ‘niet 1624 BW bedrijfsruimte’ zal terug te vinden zijn in artikel 7:230a BW. Van belang is dat het nieuwe huurrecht een groot aantal bepalingen van (semi)dwingend recht kent. Dit geldt met name voor bepalingen die zien op woonruimte. (Semi) dwingend betekent dat van deze bepalingen niet of niet ten nadele van de huurder contractueel kan worden afgeweken. Voor de verhuur van bedrijfsruimte blijven overigens veel bepalingen van regelend recht zodat daarvan wel bij overeenkomst kan worden afgeweken.

Gebrek

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels