nieuws

Bactec heeft fijne neus voor blindgangers

bouwbreed

schiedam ­ Buiten de herinnering van een buurtbewoner waren er geen directe bewijzen voor de aanwezigheid van een niet­ontplofte bom op de locatie van het nog te bouwen Schiedamse Vlietlandziekenhuis. Oude luchtfoto’s van het terrein nabij station Schiedam­Nieuwland werden onderzocht en wekten het vermoeden dat er iets zwaars in de bodem zit. Fugro Ingenieursbureau uit Leidschendam onderzocht met een nieuwe Britse meetmethode of er daadwerkelijk een bom in de grond zit. De uitslag wordt binnenkort verwacht.

Fugro zal binnen enkele dagen het diepte­onderzoek afronden naar de bom die een Brits vliegtuig in maart 1943 afwierp. De metingen hebben dan zo’n drie weken geduurd. Die vonden plaats in een straal van 37 meter rond het punt waar de bom in de bodem zou zijn geslagen. Het ingenieursbureau voert de metingen uit met de Britse explosievenexpert Bactec. Dat bedrijf werkt al langer samen met de Britse vestiging van Fugro. Bactec ontwikkelde zo’n vijf jaar geleden een meetmethode en het bijbehorende gereedschap om bijvoorbeeld blindgangers op te sporen. Deze aanpak wordt op de Schiedamse locatie voor het eerst in Nederland beproefd.

Magnetometer

Bactec speurt niet­ontplofte bommen op met een caesium magnetometer die zo’n 2 meter om zich heen kan ‘kijken’. Aluminium boorbuizen drukken deze sonde zo’n 15 meter in de Schiedamse bodem. Dat materiaal is gekozen omdat de magnetometer erg gevoelig is voor storingen van stalen constructies. De sonde maakt een ‘magnetische foto’ van de ondergrond. Afwijkingen in het gemeten veld wijzen op metalen objecten zoals mogelijke blindgangers. Tegelijk illustreert een geluidsignaal veranderingen in het magnetische veld.

Sonde

Het systeem van Bactec begint met meten zodra de sonde in de bodem wordt gedrukt. De buis drukt de conus recht naar beneden zodat die altijd de juiste positie van de bom aangeeft. De methode maakt het mogelijk om alleen de plek waar de heipalen komen na onderzoek vrij te geven. Een magnetometer die bijvoorbeeld met een spoelboor naar beneden gaat, kan van het rechte pad afwijken en zo een verkeerde positie doorgeven. Daarbij verstoort het water van deze methode de bodemstructuur. Het systeem waarschuwt ruim voordat de conus de bom raakt. De methode voldoet ook op het water en levert ook vanuit grote diepte meetwaarden. In het geval van Schiedam werkt de boorploeg met een rastermaat van 2,80 meter. De boormeester en de deskundige van Bactec gaan tot een diepte van ongeveer 15 meter en kunnen 15 metingen per dag doen. De computer in de sondeerwagen geeft een eerste indruk van de toestand in de bodem. De massa, de maat en de diepte van een vondst maken al snel duidelijk of er een bom in de grond zit. De bevindingen worden overgeseind naar het kantoor van Bartec in Rochester, waar ze verder worden geanalyseerd. Bactec verbeterde intussen de sonde zodat die bijvoorbeeld zonder al te veel ‘ruis’ nabij damwanden of stalen palen kan meten. De Britse explosievenexpert drukt deze nieuwe conus met dunnere buizen sneller in de grond zodat de boorploeg meer ‘productie’ kan leveren.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels