nieuws

Gecamoufleerd beton onder Scheveningse duin

bouwbreed

scheveningen ­ Museum Beelden aan Zee breidt verder uit onder het Scheveningse duin waar het al grotendeels bezit van had genomen. Architect Wim Quist zit aannemer Voormolen flink op de hielen, want hij staat geen aftimmerlatje toe in het overvloedig toegepaste schone beton.

Leuk bedacht van die Quist, zo’n roestvaststalen schroefhuls op regelmatige afstanden in de muur. Handig om museumstukken aan op te hangen of de tekstbordjes met een beknopte toelichting. Als het museum eenmaal klaar is tenminste. Want voer het maar eens uit in schoon beton. Zonder dat ook maar ergens een afstandhouder of conusje het strakke geometrische patroon van de schroefhulzen in het midden van de rechthoekige panelen doorbreekt. Dat is de opdracht waarvoor TBI­dochter Voormolen Bouw zich geplaatst ziet. De schroefhuls biedt tijdens het betonstorten plek voor een centerpen om de bekisting bij elkaar te houden, maar dat is dan ook zo’n beetje het enige in het binnenste van de kist. Aan de buitenkant is een dicht van woud van stijlen en schoren ontworpen die de platen betonplex op hun plek houden. Die platen zijn zelfs dubbel uitgevoerd in een halfsteensverband, zodat de kist niet langs de randen van de platen gaat kieren. Dat overkwam aannemer Van Splunder van het oorspronkelijke museumgebouw, zoals daar nog duidelijk is te zien. Om elke risico uit te sluiten, zijn de kisten met een snelheid van minder dan 1,5 meter per uur volgestort. Het beton is dan al een beetje opgestijfd, zodat er niet teveel druk op de bekisting ontstaat. Inmiddels is al het beton gestort en krijgen bezoekers van de bouwplaats direct achter de Scheveningse boulevard een goede indruk van de uitbreiding van het museum. Aan het oorspronkelijke gebouw uit 1994, dat te boek staat als een toonbeeld van ondergronds bouwen in Nederland, wordt zo’n 500 vierkante meter toegevoegd.

Daglicht

Aan weerszijden van een royale patio komen twee flinke ruimtes te liggen: één bestemd als extra expositieruimte, de andere als bibliotheek. In feite is het een spiegeling van de gebogen hoofdzaal van het oorspronkelijke gebouw. Ditmaal aan de zuidzijde onder het neoklassieke buitenpaviljoen van herensociëteit De Witte, waaronder het museum is gebouwd. Daar bevonden zich tot nu toe terrassen, waarop beelden werden tentoongesteld. Die buitenruimte keert na de bouw terug, maar dan onderbroken door de patio, die daglicht diep in het duin moet brengen. Ook het oorspronkelijke duinzand wordt dan weer, met helmgras en al, tegen de constructie gelegd, zodat er vanaf de straat straks niks te zien zal zijn van de uitbreiding van het museum. En dat museum was al zo goed gecamoufleerd, weet bedrijfsleider A. Verschoor van Voormolen. Want het beton dat in het zicht blijft, veruit het grootste deel, heeft door toevoeging van een geel pigment de kleur gekregen van duinzand.

Scherp

Alles onder strikte supervisie van de opzichter van Triplan, hoewel ook architect Wim Quist bijna niet is weg te slaan van de bouwplaats. En niet alleen maar om gezellig een kopje koffie te drinken, blijkt overduidelijk tijdens een bezoek aan de keet. Het gaat er soms stevig aan toe tussen aannemer en architect. “Maar dat houdt iedereen scherp”, vergoelijkt Verschoor. “Quist eist een hoog afwerkingsniveau. Zonder compromissen. Elk aftimmerlatjes om een aansluiting aan het zicht te onttrekken is voor hem uit den boze. Hij vraagt veel, want maatvoering in betonbouw vergt nou eenmaal toleranties van centimeters en daar neemt hij niet altijd genoegen mee. Maar je kunt beter nu bekvechten, dan achteraf. En uiteindelijk telt alleen het eindresultaat. Daar mag iedereen ons na de oplevering begin september op beoordelen.” ‘Betonbouw vergt nu eenmaal toleranties van centimeters’

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels