nieuws

Bouw ontleent zijn kracht aan opleidingsinstituten

bouwbreed

Bouw ontleent zijn kracht aan opleidingsinstituten

De bouwboom zwiept stevig. Vooral het topje. Wellicht waren de groeipunten van de afgelopen jaren te ‘reikhalzend’ en daardoor te kwetsbaar. Soms moet de boom flink worden geschud of gesnoeid om ongezonde elementen kwijt te raken. Echter, de wortels van de boom blijven doorgaans op hun plek.

De basis wankelt niet. Naar de mening van Kees Slingerland is die basis het voortdurend overdragen van praktijkkennis en ­ervaring. Daaraan ontleent de bouw zijn kracht.

Ouderen die jongeren het vak leren. Met eigenheid en nieuwe inzichten van die jongeren, zodat de bouw met kwaliteit, productiviteit, efficiency en imago verder verbetert. Ik geloof dat de toekomst van de bouw in handen ligt van jongeren. Maar niet zonder de inspanningen van degenen die nu de bouw ‘bevolken’. Sterker, het is aan de huidige generaties om de bouw (weer) zó interessant te maken, dat jongeren blijven kiezen voor deze uitdagende sector.

Gelukkig heeft men daarbij een waardevol instrument: de bereidheid om mensen te bekwamen in het specifieke werkterrein van de bouw. De uitvoerende bouw hecht aan haar eigen functie­ en beroepsopleidingen. Er heerst de opvatting dat het niet primair wetenschappers, professoren en studiekamergeleerden moeten zijn om de bouw op te leiden, maar vooral mensen uit de praktijk.

Praktijkopleidingen

Wij staan aan de vooravond van het 65­jarige en 50­jarige bestaan van respectievelijk de stichtingen KOB en BOB. Jan de Koning, sinds februari van dit jaar directeur van BOB Kennisoverdracht, zal nog ten tonele verschijnen om dit feit te accentueren. Zelf ben ik naar BOB Holding overgestapt, met extra ruimte om het belang van opleiden voor mensen, bedrijven en imago van de bouw te onderstrepen. BOB Kennisoverdracht is een zelfstandig opererend opleidingsinstituut, nadat ze decennialang onder het AVBB heeft geressorteerd.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels