nieuws

Reconstructie Overtoom vol ‘schoonheidsfoutjes’

bouwbreed

amsterdam ­ Misschien hadden er andere keuzes moeten worden gemaakt, vindt W. van Gent van het stadsdeel Oud­West. De Amsterdamse Overtoom verdient niet de schoonheidsprijs, geeft hij toe. Desondanks is er volgens hem een goede Overtoom neergelegd.

Een slingerend fietspad dat moeilijk is te onderscheiden van het ­ in rode klinkertjes uitgevoerde ­ trottoir, slijtage van deze gebakken stoepklinkertjes doordat ze kwetsbaar zijn en tijdens het laden en lossen snel beschadigen, het zoab dat op diverse plaatsen al rafelt omdat het wel geschikt is voor een snelweg maar niet voor een verkeersader als de Overtoom waar auto’s met een lagere snelheid rijden en door draaien en keren de toplaag al snel kapot maken. Van Gent noemt het schoonheidsfoutjes.

Daarnaast heeft de persrichel, die autoverkeer moet verhinderen de trambaan over te steken haar functie verloren. “De oude Overtoom had zo’n hoge persrichel dat je met gemak de onderkant van je auto er af kon rijden”, zegt H. Kuivenhoven. “Nu deze is verlaagd rijden de auto’s ­ richel of geen richel ­ kriskras over de trambaan heen.”

Kuivenhoven is als extern projectleider door het stadsdeel aangetrokken om het ‘circus’ eromheen in goede banen te leiden. Goede projectleiders bleken een schaars goed en vooral in het eerste jaar is het verloop groot geweest. In totaal heeft het project vier projectleiders gekend, waarvan alleen Kuivenhoven voor langere tijd (circa anderhalf jaar) aan het project verbonden is geweest.

Hij vond het een onmogelijk klus. “Ik had nul bevoegdheden. Neem het plaatsen van afzettingen, het verplaatsen van tramhaltes, de te gebruiken materialen, planning of kosten. Niets van dat alles viel onder mijn verantwoordelijkheid en ik moest voor alles aan iedereen toestemming vragen.”

Gelijke

Zijn taak betrof puur de uitvoering. “Achteraf gezien is in de praktijk alles goed uitgekomen en hebben we de planning gehaald.” Terugkijkend op het project denkt hij zelfs dat het ontbreken van bevoegdheden hem juist geen windeieren heeft gelegd. “Ik kwam zo toch anders binnen. Met name in een stad als Amsterdam kunnen bevoegdheden averechts werken. Ik was nu meer een gelijke waardoor ik toch meer gedaan kreeg van de verschillende partijen.”

De uitvoering van het project Reconstructie Overtoom is in mei 2000 gestart. Medio september vorig jaar is het afgerond, maar de eerste voorbereidingen dateren al van voor 1990. De 1,7 kilometer lange Overtoom maakt deel uit van de zogeheten hoofdnetten Auto, Rail en Fiets. Bij reconstructies van het hoofdnet Auto worden door de centrale stad ‘Stedelijke Randvoorwaarden’ (SRV) vastgesteld. Op basis van deze SRV’s werken de stadsdelen de profielvoorstellen uit en verzorgen de inspraak. De centrale stad stelt het profiel formeel vast waarna het stadsdeel verantwoordelijk is voor de uitvoering van het project.

Kort nadat het uiteindelijke profiel door de centrale stad was bekrachtigd, kwam als donderslag bij heldere hemel de aanleg van een nieuwe rioolpersleiding om de hoek kijken, die noodzakelijk was in verband met de verplaatsing van de rioolwaterzuiveringsinstallaties Oost en Zuid naar Westpoort. Het project zou later starten, ondernemers moesten hun bedrijfsplanning aanpassen en kregen later geen nadeelcompensatie, voor bewoners was de rolverdeling tussen stadsdeel en centrale stad niet duidelijk en ze voelden zich regelmatig van het kastje naar de muur gestuurd. In het uiteindelijk gekozen profiel ging toch weer een aantal bestaande bomen verloren, waardoor bij sommigen het beeld ontstond dat stadsdeel en centrale stad van de bomen afwilden en het persriool hebben aangegrepen om dit waar mogelijk voor elkaar te krijgen. De Overtoom werd een meervoudig project met meerdere opdrachtgevers: de herprofilering (stadsdeel), de riolering (Dienst Waterleiding en Riolering) en de trambaan (Gemeentelijk Vervoersbedrijf). Voor de herprofilering bestonden aparte bestekken en er werden verschillende (onder)aannemers ingeschakeld.

“Niet bepaald een standaardproject”, aldus hoofduitvoerder D. Blom van aannemersbedrijf EVVM uit Velddriel. EVVM was verantwoordelijk voor de asfaltering en de bestrating. De riolering werd uitgevoerd door een combinatie van Seignette en BAM Infra. Door de aangescherpte arbowetgeving moest alles worden afgezet en overdag mocht niet langs de rijdende tram worden gewerkt waardoor dag en nacht werd doorgewerkt. Blom: “We moesten met iedereen rekening houden. Als de straat open lag, kwam de riolering, nieuwe gasleidingen, brandkranen, waterleiding, stroomkabels, openbare verlichting. Alles moest op elkaar worden afgestemd.”

Met de nuchterheid van een doorgewinterde uitvoerder, zegt hij met veel plezier te hebben gewerkt. De onderlinge samenwerking ging goed. Materiaalkeuze? Hij bemoeit er zich niet mee. “Wij voeren alleen maar uit.” Last van boze ondernemers en buurtbewoners heeft hij ook niet gehad. “Er zijn altijd klagers. Ik lig er niet wakker van.” Met uitzondering van één keer. Een gefrustreerde bewoner heeft de bouwvakkers bedreigd. Blom: “Dat als we nog een keer ’s nachts zouden werken… We hebben hem een week laten afkoelen en inderdaad maar niet gewerkt. Verder hebben we niets meer van hem gehoord.” Achteraf gezien, vermeldt het onderzoeksrapport, hadden er scherpere keuzes moeten worden gemaakt over het wel of niet handhaven van de bomen, de loop van de fietspaden, de te realiseren parkeerruimte en de toe te passen materialen. “Dat de Overtoom niet voor 100 procent ideaal is, weet iedereen”, zegt Van Gent. “Ik wens ook niemand zo’n ingewikkeld project toe. Gelukkig komen ze niet vaak voor.”

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels