nieuws

Veiligheidsstrategie bij meervoudig ruimtegebruik

bouwbreed

Zowel intensief en meervoudig ruimtegebruik als het vervoer van gevaarlijke stoffen zullen de komende tijd toenemen. Willen beide economische activiteiten hun doorgang blijven vinden, dan moet er volgens Shahid Suddle op een slimme wijze worden omgegaan met het realiseren van nieuwbouwprojecten en de transportroutes van gevaarlijke stoffen. Buitenlandse projecten kunnen zeker als voorbeeld dienen voor veiligheidsbeleid bij toekomstige Nederlandse projecten.

Door een gebrek aan beschikbare ruimte, zijn in West-Europa projecten gerealiseerd waarbij intensief met ruimte is omgegaan. Binnen beperkte ruimte worden verschillende functies bij of boven elkaar gerealiseerd: meervoudig en intensief ruimtegebruik.

Het meervoudig gebruik van ruimte biedt een oplossing voor een belangrijk deel van het ruimtevraagstuk. De overheid streeft namelijk naar het realiseren van nieuwe bouwprojecten binnen de bestaande stedelijke ruimte. Deze wens stuit echter op een belangrijk knelpunt: fysieke veiligheid. De veiligheid van dergelijke gebieden wordt vooral bedreigd door het transport van vervoer van gevaarlijke stoffen door deze gebieden. Meestal leidt dit tot het niet (bijvoorbeeld Dordrecht) uitvoeren van nieuwbouwplannen op dergelijke locaties. In sommige gevallen wordt ondanks het dreigend gevaar toch gebouwd (denk aan Bos en Lommer, Amsterdam).

Maatregelen

Veiligheid is een belangrijk aspect bij bouwen naast en boven infrastructuur. De rampen bij Enschede en Volendam en de bijna-ramp bij Amersfoort hebben de publieke opinie op scherp gesteld. Dit heeft een sterke invloed gehad op de discussie over veiligheid bij bouwen boven infrastructuur, waarbij veiligheid op zich al een belangrijk aspect is. Omdat er in een beperkte omgeving relatief veel mensen aanwezig zijn kan een klein ongeluk makkelijk leiden tot een grote ramp.

Om dergelijke rampen te voorkomen, moeten er maatregelen getroffen worden om aan een bepaalde veiligheidsniveau te voldoen. Om deze maatregelen te kunnen realiseren is het van belang dat deze maatregelen tegen aanvaardbare kosten gerealiseerd kunnen worden. In het buitenlandse zijn projecten te vinden die als voorbeelden kunnen dienen voor toekomstige Nederlandse projecten.

In de exploitatiefase wordt het risico van mensen grotendeels gedomineerd door mogelijke calamiteiten op de infrastructuur, zoals brand of aanrijding. Aangezien in Nederland ook transport van gevaarlijke stoffen plaats vindt op dergelijke locaties, kunnen scenario�s zoals plasbranden, explosie van een LPG tank of het vrijkomen van een giftige gas, optreden. Bij de laatst genoemde scenario�s zijn de effectafstanden van deze rampen dusdanig groot dat zij grote aantallen slachtoffers kunnen veroorzaken.

Kopstations

In het buitenland gaat men op een andere manier om met het vervoer van gevaarlijke stoffen en ruimtelijke ordening. Transport van gevaarlijke stoffen over sporen is toegestaan, maar die zullen nooit de binnenstad inrijden omdat de meeste stations kopstations zijn, in tegenstelling tot Nederland, waar (bijna alle) doorvoerstations zijn. Transport van gevaarlijke stoffen over wegen is in buitenland toegestaan, maar dan buiten de stad. Hierdoor kan met redelijk simpele en kosteneffectieve veiligheidsmaatregelen overbouwd worden.

Zowel in Parijs en London zijn grootschalige projecten met betrekking tot meervoudig ruimtegebruik gerealiseerd waarbij het transport van gevaarlijke stoffen niet door (binnen)stedelijke gebieden plaats vindt. Bovendien maken ontwerpers in het buitenland geen nieuwe bouwplannen op routes die juist bedoeld zijn voor het transport van gevaarlijke stoffen.

Op vele trajecten in Nederland speelt de problematiek van ongelukken met giftige of brandbare stoffen. Bos en Lommer is een voorbeeld van een project die gebouwd is boven �rijdende bommen�. Bouwen boven een verkeersstroom zonder transport van gevaarlijke stoffen leidt er toe dat alleen brand of een botsing van een voertuig tegen de constructie van het gebouw mogelijk is. Het grote voordeel van het niet transporteren van gevaarlijke stoffen door of onder bebouwing (meervoudig ruimtegebruik) is dat maatregelen tegen brand en aanrijding eenvoudig te realiseren zijn.

Ook voor deze twee scenario�s is men in het buitenland interessant mee omgegaan. Een maatregel dat tegen brand wordt toegepast is de eerste vier verdiepingen boven de infrastructuur voldoende brandwerend te maken of de laagste verdiepingshoogte van het gebouw boven infrastructuur veel hoger dan het profiel van vrije ruimte van de weg toe te realiseren Parijs (Rive Gauche). Maatregel tegen aanrijdingen kan een onafhankelijke krachtsafdracht van gebouw en infrastructuur zijn.

Bij de kruispuntoverbouwing in Londen (London Wall) zijn grote overspanningen middels een boogconstructie en overgedimensioneerde kolommen gerealiseerd die een kans op een aanrijding van verkeer tegen de hoofddraagconstructie van het gebouw en het effect hiervan sterk reduceren.

Het verbieden van het vervoer van gevaarlijke stoffen lijkt vanuit het oogpunt van actoren die de stedelijke ontwikkeling stimuleren een voor de hand liggend oplossing. Terwijl de vervoerders streven naar het niet realiseren van nieuwbouwprojecten langs die transportroutes. Beide actoren willen doorgang voor ieders activiteit, maar communiceren langs elkaar heen. Tot ver in het verleden zijn rampen te vinden waarbij functies in elkaars buurt zijn gerealiseerd die eigenlijk niet samengaan, bedenkt men na een ramp (zie Enschede: een vuurwerkopslagplaats in een woonwijk).

Toch wordt de suggestie gewekt dat het transport van gevaarlijke stoffen en ruimtelijke ordening naast en boven elkaar zonder consequenties is, wellicht omdat er tot nu toe geen ramp in een dergelijk gebied is opgetreden.

Veiligheidswinst

Desalniettemin, kan men het veiligheidsproblematiek bij stedelijke ontwikkeling boven infrastructuur zodanig sturen zodat zowel het vervoer van gevaarlijke stoffen plaatsvindt als de stedelijke ontwikkeling doorgang kunnen hebben: Men moet zich realiseren dat maatregelen zoals het routeren van vervoer van gevaarlijke stoffen door niet stedelijke gebieden kan leiden tot een enorme veiligheidswinst voor talloze stations en toegangswegen in Nederland en hierdoor kunnen nieuwbouwplannen op en langs deze locaties makkelijker en met eenvoudige en goedkope veiligheidsmaatregelen hun doorgang vinden.

Men dient wel af te spreken dat op de routes aangewezen voor gevaarlijke stoffen transport niets gebouwd mag en zal worden. Buitenlandse voorbeelden ondersteunen deze �statement�. Men dient zeker niet te wachten op een ramp met een groot aantal slachtoffers, waarbij het voorgestelde alsnog wordt uitgevoerd.

Ir. S.I. Suddle is promovendus op het gebied van fysieke veiligheid bij meervoudig ruimtegebruik aan de TU Delft en constructeur/ontwerper bij

Corsmit Raadgevend Ingenieursbureau in Rijswijk (ZH).

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels