nieuws

De prijs van verweren

bouwbreed Premium

den haag – Bouwondernemingen moeten zich afvragen of verweer tegen de vorige week opgelegde NMa-boetes verstandig is. Als de bedrijven niet oppassen staan ze volgend jaar vaker in de rechtszaal dan op de bouwplaats.

AANHEF_SUB:analyse

Vooropgesteld: aannemers hebben het recht zich te verdedigen. Dus als ze het niet eens zijn met de opgelegde boetes van de Nederlandse Mededingingsautoriteit – 100 miljoen euro voor 22 bouwers – moeten ze vooral bezwaar aantekenen.

Of dat verstandig is, is maar zeer de vraag. Het voeren van rechtszaken zal de bouwbedrijven immers afleiden van hun normale werk: het bouwen van huizen, kantoren en wegen. De bouwmarkt is dusdanig verslechterd dat de ondernemingen komende jaren juist alle tijd en energie nodig zullen hebben om de mannen aan het werk, de machines draaiende en de resultaten op peil te houden. Dat geldt vooral voor de grond-, water- en wegenbouw, waar de concurrentie inmiddels moordend is.

Bezwaar aantekenen tegen de NMa-boetes betekent bovendien weer extra negatieve publiciteit. En dat zal de zo gewenste rust in de sector niet bespoedigen.

Dura Vermeer-topman Dick van Well zei vorige week, weliswaar in bedekte termen, dat hij bereid is de opgelegde boetes zonder enige juridische strijd te betalen. Maar dan moet de kartelwaakhond wel een streep willen zetten onder het complete bouwfraude-onderzoek.

Zo�n gek idee is dat niet. De bouw bespaart zich in ieder geval een groot aantal rechtszaken. En ach, die 100 miljoen euro? Dat is slechts 2 promille van de jaaromzet in de bouw. Afwachten is natuurlijk wel of de NMa mee wil werken aan het plannetje van Van Well.

Overigens, helemaal ontkomen de aannemers niet aan een gang naar de rechter. Eind volgend jaar beginnen voor de Rotterdamse rechtbank de strafzaken tegen vier bouwers en twaalf van hun werknemers. En als het aan justitie ligt worden in een later stadium nog eens twintig bouwondernemingen vervolgd. Ook dat moet voor de bedrijven reden zijn om juist de NMa-boetes te betalen. Anders staat de bouw volgend jaar vaker in de rechtszaal dan op de bouwplaats.

De bouwers lijken dat zelf ook wel te beseffen. Op Ballast Nedam na (“onze werkmaatschappijen zullen juridisch verweer voeren”), heeft geen van de grote aannemers keihard gezegd in beroep te zullen gaan tegen de NMa-boetes. BAM zal “indien de bevindingen daartoe aanleiding geven, gebruikmaken van de mogelijkheid bezwaar aan te tekenen”; Heijmans zal “de beschikkingen eerst zorgvuldig bestuderen” en KWS “bestudeert de inhoud en bepaalt vervolgens of en hoe verweer wordt gevoerd”.

Zes weken mag de bouw nadenken. Dan komt er duidelijkheid: is de bouw bereid de prijs te betalen voor juridisch verweer. Of niet.

Reageer op dit artikel