nieuws

Creatieve slag rond Delft is wenselijk

bouwbreed

echte creatieve slag

De minister heeft besloten een laatste poging te wagen tot de aanleg van de A4 Delft Schiedam. Heel verstandig omdat de waarde van de weg groot is in het wegennet rond Rotterdam.

Alleen aan reistijdwinst en brandstofkosten wordt de waarde van de weg over 25 jaar gebruik op zo�n 1 miljard euro geschat. Zij heeft daartoe 210 miljoen euro extra ter beschikking gesteld in aanvulling op de reeds beschikbare 265 miljoen euro. Zij stelde daarbij dat zij alleen �het asfalt� wilde betalen en dat de weg niet verdiept of ondergronds dient te worden aangelegd. Logisch, omdat uitbundige inpassing in deze economisch barre tijden en met de nasmaak van de – om deze reden uit de hand gelopen – Betuwelijn, nauwelijks verdedigbaar is. Het geld kan wel beter worden besteed. Er rijst de vraag waarom er zoveel geld nodig is.

Het moet wel zeer dure asfalt zijn omdat het nu uitgetrokken extra budget op zich al ruim voldoende is om de weg met aansluitingen aan te leggen. Dit betekent dat er maar liefst 265 miljoen euro beschikbaar is om de weg over 7 kilometer in te passen. Dat is bijna 40.000 euro per meter!

Zeker is dat voor dit geld de weg zonder probleem in zijn geheel met een milieuvriendelijke �holle dijk� kan worden overkapt. Dat zou pas echt inpassen zijn! Je moet wel een hele �platte� denker zijn om een groene dijk in het Nederlandse landschap niet mooi te vinden. Niemand zal echter op dit idee komen, ondanks dat het haalbaar is.

Het grootste obstakel voor het realiseren van het wegvak is het huidige plan dat in de hoofden van de belanghebbenden zit en dat maar liefst 720 miljoen euro moet kosten. Dit plan is tot stand gekomen door eerst de verlanglijstjes van de direct betrokkenen ten aanzien van de inpassing van het wegvak te verzamelen en vervolgens een plan te construeren dat daar het meest aan voldoet. Een dergelijke polderaanpak leidt tot een compromis dat weliswaar door de direct betrokkenen wordt geaccepteerd, doch door niemand echt wordt gewaardeerd.

De belangrijkste eigenschap van compromisvoorstellen die op deze wijze tot stand komen is dat ze onbetaalbaar zijn. De ellende van deze plannen is dat ze zich als een ideaal vastzetten in de geesten van de betrokkenen waardoor er een blokkade ontstaat voor soberder plannen die wel betaalbaar zijn.

Als deze compromisprojecten door een paar doorzetters onverhoopt wel tot stand komen is dat dus tegen veel te hoge kosten, waardoor het beoogde nut onevenredig veel afneemt.

De vraag is nu welke voorwaarden de minister bij haar impuls moet stellen. Allereerst moet ze haar stelling �nu of nooit� kracht bij zetten door te dreigen met een aanwijzing als er nu nog geen zaken kunnen worden gedaan. Dat zet wat druk op de ketel. De eisen die zij stelt aan de oplossing zal zij als keiharde voorwaarde vooraf moeten stellen. Dat is dus het uitsluiten van elke vorm van dure ondergrondse aanleg van de weg.

Met velen vindt zij het in een tunnelbak verzinken van het wegdeel door midden Delfland, teneinde te voldoen aan een tiental jaren geleden afgesproken maximum hoogte van de geluidsschermen, absurd. Dat vindt zij ook van het ondergronds brengen van de weg tussen Schiedam en Vlaardingen. De geluidshinder kan daar ook op een goedkopere maar vooral ook slimmere manier worden aangepakt. De maaiveld ligging van de weg betekent dat er erg veel geld over is voor de inpassing. Met dat geld dient niet opnieuw worden gepolderd, maar, moet veel creatiever worden aangewend. Dat kan alleen door naast de voorwaarde voor de oplossing ook voorwaarden te stellen aan het proces. Vorige week hebben de ministers van EZ, VROM en V&W nog een openbare bijeenkomst gehad waarin zij een startschot gaven voor vernieuwing van de bouwsector. Centraal daarin staat het beter afstemmen van vraag en aanbod.

Eén van de hoofdwetten is dat vragers nauwelijks in staat zijn hun wensen kenbaar te maken zonder te weten wat er mogelijk is. Het zou mooi zijn als de minister toepassing van deze hoofdwet verbindt aan haar gulheid. Dit betekent dat marktpartijen dienen te worden uitgenodigd om, gegeven de maaiveld ligging van de weg, plannen te ontwikkelen voor zowel de inpassing in midden Delfland – bijvoorbeeld holle dijken, grondbogen, ecoducten – als een stedelijke ontwikkeling naast en op de weg tussen Vlaardingen en Schiedam. Daarvoor stelt zij dus in totaal 475 miljoen euro beschikbaar, waarbij bedacht moet worden dat de stedelijke ontwikkeling niet alleen geld kost maar ook geld opbrengt. Wellicht moet zij overwegen deze wegaanleg te combineren met het Delfts Spoortunnel probleem.

Ook daar hebben ze met het poldermodel een peperdure compromisoplossing (500 miljoen euro) bedacht en in het hoofd gezet, die er natuurlijk nooit kan en zal komen.

Waarom niet met een gegeven budget van 475 miljoen Euro marktpartijen vragen concepten te ontwikkelen voor bundeling van de het wegvak A4 met een omleiding van het spoor voor doorgaande treinen tussen Den Haag en Rotterdam? Dat scheelt Delft veel geluidshinder en minstens 6 jaar bouwoverlast. Bovendien kan het spoorviaduct dan met zijn nieuwe boemelfunctie nog jaren mee. Veel minder treinen, die ook minder hard rijden.

Schraalhans

Eenvoudige sommetjes leren dat zonder inpassing zowel de spooromleiding als de 7 kilometer snelweg voor het totaalbedrag van 475 miljoen Euro kan worden aangelegd!. En dat klopt aardig met de doelen van de minister. Zij wil immers alleen de kale infrastructuur betalen en ze vindt dat de regio de inpassing moet betalen. Het inpassingsgeld moet in deze opzet dus worden ingezameld.

Bij Delft en Rotterdam is er de hoogste nood dus daar is wel wat op te halen. En wat te denken van de mogelijke opbrengst van een stationslocatie Schiedam/Vlaardingen met vastgoedontwikkeling op de ingepakte A4?

Een dergelijke aanpak is weer heel wat anders dan een ingewikkelde en dure huurkoopregeling voor de spoortunnel die momenteel onderwerp van gesprek is en de staat uiteindelijk 720 miljoen Euro gaat kosten. De tijd dat ieder gemeente zijn eigen tunneltje mag hebben is voorbij. In de komende tijd is schraalhans keukenmeester. Desondanks kan de minister met haar financiële injectie geschiedenis maken door twee volledig vastgelopen projecten los te trekken. Maar dan moet ze wel stevig de regie in handen houden!

Prof.dr.ir. H.A.J. de Ridder is hoogleraar methodisch ontwerpen aan de Faculteit der Civiele Techniek van de Technische Universiteit Delft.

Ir. M. R. van der Does de Bije is directeur van Metrum, de Meern.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels