nieuws

Vakantiewoningen permanent bewoond

bouwbreed

Naar aanleiding van het bericht �Studentenhuisvesting Delft proef corporaties� Cobouw, 7 november 2003 (nummer 207) vraag ik uw aandacht voor het volgende. Minister Dekker van VROM neemt de draad van Remkes op. Dertig procent van de nieuwbouwwoningen moet van particulieren komen en gemeenten en ontwikkelaars krabben zich nog achter de oren. Zij voegt er vervolgens […]

Naar aanleiding van het bericht �Studentenhuisvesting Delft proef corporaties� Cobouw, 7 november 2003 (nummer 207) vraag ik uw aandacht voor het volgende. Minister Dekker van VROM neemt de draad van Remkes op. Dertig procent van de nieuwbouwwoningen moet van particulieren komen en gemeenten en ontwikkelaars krabben zich nog achter de oren. Zij voegt er vervolgens wee maatregelen aan toe: �Vinex-wijken doen we niet meer� en �Wonen in vakantiehuizen mag�.

�Het Wilde Wonen� (1998) had als ondertitel: �Het afscheid van het staatsdenken in de architectuur�. Toen utopisch, maar nu de woningbouw in de put zit, de overheid afstand neemt en bezuinigt, zit er niets anders op. Na de komst van de Woningwet (1901) duurde het twintig jaar voordat het volkshuisvestingsinstituut was opgetuigd en massaal met het bouwen en verhuren van staatswoningen werd begonnen. De omslag van bouwen als staatszorg naar bouwen door burgers kan dus nog enkele jaren duren, maar is onontkoombaar en onomkeerbaar.

Het bouwen van die versteende massale tentenkampen maakt plaats voor bouwen van verspreide woon/werkgebieden in alle soorten en maten. Dit leidt vanzelf tot meer kwaliteit, fragmentatie en differentiatie. Dit verstedelijkte landschap ontstaat vooral door verbetering van de infrastructuur en het verdwijnen van agrarische bedrijven. Het laatste gaat ongepland, willekeurig maar gestaag. De lappendeken die op het platteland ontstaat, is de vanzelfsprekende onderlegger voor nieuwe bouwlocaties. Gelegen in de Deltametropool of in de buurt van infrastructuur zijn deze beter op de regio ontsloten dan die in traditionele centra. Door spreiding ontstaat op den duur minder verkeerscongestie op snelwegen en buitenwegen worden beter benut.

Nu stad en land in elkaar vloeien is ook de tweede stap van deze minister een logische.

Volgens van Dale is vakantie de �jaarlijks toegekende vrije tijd�. Werklozen en gepensioneerden hebben daar geen last van en ervaren het vakantiehuis als woonhuis. Zij verblijven graag permanent in stacaravans, weekend- of vakantiehuizen, in de stad worden hun woningen doorverhuurd en illegaal bewoond. Het werkend deel van de bevolking verblijft dankzij goede verbindingen of gewenning aan files meer en meer buiten en heeft een tweede woning in de stad of omgekeerd. In beide wordt niet permanent gewoond. Door deze ontwikkelingen worden in de regelgeving bestaande begrippen onhanteerbaar; onderscheiden tussen werken en wonen, tussen werk en vrije tijd, tussen stad en land en dus ook tussen woningcategorieën worden diffuus. Het wonen democratiseert; het woonhuis wordt vakantiehuis en omgekeerd, de stacaravan evolueert tot normale woonvorm, drijfhuizen liggen in plassen en meren, langs het water vervangt een hoog woongebouw een boerderij, volkstuinen ontwikkelen zich tot zelfregulerende leefgebieden, nieuwe woongebieden nemen het geprivatiseerde volkstuinmodel over. Gemeenten doen er verstandig aan, bestaande en toekomstige groengebieden van bouwpercelen te voorzien, anders verhuist de bevolking naar de buren.

Als bovendien woningcorporaties in plaats van massaal slopen hun woningen aan de bewoners schenken, ontstaat ruimte en beweging in de huizenmarkt. Duizenden flatjes komen vrij voor jongeren en anderen die graag in de drukte wonen. Leve de paradox, het einde van massawoningbouw en woningschaarste komen in zicht, het volk kan weer gelukkig zijn.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels