nieuws

Na bedrijfsongeval optimale zorg gewenst

bouwbreed

In vergelijking met andere sectoren lopen bouw en industrie een dubbel zo groot risico op een bedrijfsongeval. Een op de twintig medewerkers wordt erdoor getroffen, blijkt uit cijfers die het CBS onlangs bekendmaakte. Vroeg of laat krijgt iedere bouwondernemer hiermee te maken. Dat een bedrijfsongeval een enorme psychische en emotionele schok is voor slachtoffers, familie, collegae en werkgever, illustreert bijvoorbeeld de ketelramp in de Amercentrale. Het wordt volgens Henk Buis hoog tijd dat ondernemers eens anticiperen op dit risico.

Ook in financieel opzicht kan een bedrijfsongeval voor een ondernemer een grote schok teweeg brengen. De meeste ondernemers zijn daar niet goed op voorbereid en lopen tegen torenhoge kosten op voor onder meer vervangend personeel en het doorbetalen van salaris van uitgevallen medewerkers.

Artikel 3, lid 1 van de Arbowet legt elke ondernemer de plicht op adequate opvang en zorg te regelen, wanneer zijn personeel door een schokkende gebeurtenis, zoals een bedrijfsongeval, wordt getroffen. Hoe die opvang en zorg eruit moeten zien, is een discussie die steeds vaker in rechtszalen wordt gevoerd, vooral na een ongeval.

In toenemende mate stellen medewerkers die getraumatiseerd zijn door een ernstig incident op het werk hun werkgever hiervoor aansprakelijk en eisen tonnen schadevergoeding.

De rechter beslist in steeds meer gevallen in het voordeel van de eiser, vaak refererend aan artikel 7 van het Burgerlijk Wetboek. Conform dit artikel kunnen werkgevers wettelijk aansprakelijk worden gesteld voor overbelasting (stress) en andere vormen van psychisch letsel die iemand in zijn werk oploopt. Hiertoe behoren ook de psychische gevolgen van gewelddadige overvallen en bedrijfsongelukken. De schadevergoedingen die werkgevers moeten uitkeren kunnen oplopen tot tienduizenden euro�s. Dergelijke enorme bedragen zullen vooral bij MKB-bedrijven hard aankomen.

Balkonongeluk

Dat werkgevers enige aansprakelijk ontkennen, valt tot op zekere hoogte te begrijpen. Een schuldbekentenis schept immers een precedent en voor je weet heb je voor miljoenen aan claims aan je broek. Maar aan de andere kant brengen deze vaak jarenlang slepende juridische procedures veel psychisch en emotioneel leed, ernstig verstoorde arbeidsverhoudingen en negatieve publiciteit met zich mee. Een positieve uitzondering vormen bijvoorbeeld aannemer Smeets en projectontwikkelaar 3W die bij het balkonongeluk in Maastricht van meet af aan hun verantwoordelijkheid hebben genomen door alle getroffenen emotionele, materiële en juridische bijstand aan te bieden.

Naast aansprakelijkheidsclaims brengen schokkende incidenten de ondernemer nog meer onverwacht financieel leed. Vooral kleine bedrijven zijn genoodzaakt tijdelijk hun zaak te sluiten en derven daardoor omzet.

Getroffen medewerkers zitten ziek thuis, maar hun salaris moet worden doorbetaald. Ook moet vervangend personeel worden bekostigd. En de ondernemer wordt geconfronteerd met kosten en aansprakelijkheden die voortvloeien uit de wao. Zo kan een ernstig bedrijfsongeval in het slechtste geval zelfs het einde van de onderneming betekenen.

Het is vooralsnog arbitrair aan welke eisen adequate opvang en nazorg bij een schokkende gebeurtenis precies zou moeten voldoen. De wetgever spreekt zich daar niet over uit. Volstaat het doorverwijzen naar Bureau Slachtofferhulp? Of de arbodienst? Is de interne bedrijfshulpverlening voldoende? Of een weekje thuis bekomen van de schrik op kosten van de baas? Hoe goed bedoeld en sympathiek ook, bovengenoemde oplossingen zijn feitelijk ineffectief als het gaat om het voorkomen van trauma�s, en daarmee het vermijden van torenhoge kosten voor de ondernemer. Bij een bedrijfsongeval is het immers essentieel dat de getroffen medewerkers directe en professionele hulp krijgen. Alleen dan is een gezonde en voorspoedige verwerking mogelijk. Dit stellen de vooraanstaande traumadeskundigen professor Mietendorf van het Instituut voor Psychotrauma, en professor Hoogduin van de HSK Groep (traumapsychologen).

Risicogevoelig

In ons land is het recentelijk opgerichte Trauma Opvang Nederland tot noch toe de enige hulpverleningsorganisatie die ondernemers en directe en professionele opvang en nazorg kan leveren. Dat wil zeggen dat de psychische hulpverlening al binnen enkele uren op gang is gebracht door eigen professionele bedrijfsmaatschappelijk werkers en traumapsychologen, waar en wanneer ook in Nederland. Arbodiensten en Bureau Slachtofferhulp schieten qua snelheid en professionaliteit immers vaak tekort. Zij komen ofwel te laat in actie of werken met uitsluitend vrijwillige hulpverleners. De grondige aanpak van Trauma Opvang Nederland toont aan dat getroffen medewerkers al binnen enkele dagen het werk blijken te hervatten.

Ondernemers zullen hun aandacht vooral moeten richten op preventie van bedrijfsongevallen. Voorkomen is immers beter dan genezen. Maar daarbij doen ondernemers, vooral ook in de relatief risicogevoelige bouwsector, er verstandig aan de opvang en nazorg bij een bedrijfsongeval adequaat ter hand te nemen. In de eerst plaats om getroffen medewerkers optimale zorg te bieden zodat zij weer snel kunnen reïntegreren. En in de tweede plaats om de financiële risico�s tot een minimum te beperken.

Smeets en 3W hebben verantwoordelijkheid

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels