nieuws

Vervuilde haven van Urk vak voor vak gesaneerd

bouwbreed

urk ­ De vorstperiode gooide even roet in het eten, maar op dit moment is de Combinatie Ketelmeer weer volop bezig met de sanering van de haven van Urk. Twee units zijn ingezet voor de verwerking van in totaal 75.000 kubieke meter slib. Maar voordat de grijpers het slib kunnen wegnemen, graast de aannemerscombinatie eerst met een grote eg alle oude fietsen, winkelwagentjes en ander vuil van de bodem.

Half november startte de Combinatie Ketelmeer, die bestaat uit Ballast Ham Nederland Baggeren BV, Boskalis BV en Van Oord ACZ BV, met meetwerkzaamheden die onmiddellijk werden gevolgd door de daadwerkelijke aanvang van de sanering van de Urker haven. De haven is vervuild met zware metalen, pak’s, olie en ander stoffen die ten gevolge van scheepvaartactiviteit op de bodem zijn terechtgekomen. Voorafgaand aan de eigenlijke sanering trekt de aannemerscombinatie een eg over de bodem om de zogenaamde fysische verontreiniging, die naar verluidt in ruimte mate aanwezig is, te verwijderen. De eg is een soort ploeg die is voorzien van elf stalen staven met een lengte van 70 centimeter. J. de Waard, uitvoerder van de Combinatie Ketelmeer: “Met de eg schrapen we alles bij elkaar en gooien het dan op een bult. Een kraan voorzien van een poliepgrijper brengt alles vervolgens over in een beunbak.” Om te voorkomen dat mensen op zoek gaan naar bruikbare spullen tussen het afval, zijn de beunbakken afgesloten. Projectmanager ing. J. Spelt van de Combinatie Ketelmeer: “Het is zwaar verontreinigd materiaal, dus niemand mag er bij komen. Daarom werken we ook vanaf het water en staat niets van de Combinatie Ketelmeer aan de wal.” Ook de keuze voor beunbakken voor de afvoer van vuil en slib naar het IJsseloog en de Flevoput in plaats van beunschepen is weloverwogen. Op grond van richtlijnen, opgesteld in de vernieuwde Publicatie 132 van CROW, mogen mensen niet in contact komen met vervuiling. Bij de inzet van beunschepen met schippersechtparen die niet bij de Combinatie Ketelmeer in dienst zijn, is de controle uiteraard een stuk lastiger. Bovendien moet iedereen voor aanvang van de werkzaamheden een keuring ondergaan. De aannemer kan dat echter niet verplichten. Wil iemand niet aan een test meewerken, dan komt hij of zij gewoon niet voor dit werk in aanmerking.

Vakken

De haven is voor de sanering in dertien vakken verdeeld. Twee units werken ieder in hun eigen vakken. Spelt: “De onderverdeling heeft onder meer te maken met de bestaande havenactiviteit. We kunnen immers moeilijk tegen alle gebruikers zeggen dat ze voor enkele maanden de haven moeten verlaten.” Door de verdeling is het mogelijk dat de schepen in de haven tijdelijk van plaats wisselen en na sanering weer in hun vak terugkomen. Een andere reden voor de verdeling is de aard van de vervuiling van de bodem. Zo zijn de vakken 12 en 13 relatief schoon. De 9000 kubieke meter slib die uit deze vakken komt, wordt in de Flevoput gestort. De overige 66.000 kubieke meter afgegraven bodem gaat naar het IJsseloog. Hier wordt het vervuilde slib met hoge snelheid door twee scheidingsbekkens geperst. Het is de bedoeling het vuile slib in het depot te bergen en het relatief schone zand uit de baggerspecie af te scheiden en geschikt te maken voor hergebruik (categorie I). Ook de vervuilde fietsen die op de bodem van de haven lagen, ondergaan hier een schoonmaakbeurt. Het vuil wordt schoongemaakt en gesorteerd. Het staal heeft nog een restwaarde en de opbrengst daarvan komt samen met eventuele historische vondsten de gemeente Urk toe. Het afgescheiden zand uit de baggerspecie is echter eigendom van de depothouder. Voor aanvang van de sanering is de bodem minutieus ingemeten. Elk vak is hierbij onderverdeeld in partjes van 5 bij 5 meter en met RTK DGPS (zie kader) exact en in de juiste contouren in beeld gebracht. Elke unit is voorzien van specifiek materieel. De ene heeft een evenwichtskraan met een horizontaal sluitende milieugrijper die in staat is goed langs damwanden te grijpen, terwijl de andere is voorzien van een ‘standaard’ rupskraan met een vizierbak.

Horizontaal

Met de milieugrijper is het mogelijk het slib praktisch horizontaal van de bodem op te nemen. De gemiddelde marge bedraagt slechts 3,5 centimeter onder en boven het voorgeschreven ontgravingsprofiel. Hierdoor ontstaan geen grote ‘happen’ waarin zich nog vervuiling kan ophopen en wordt geen schoon materiaal uit de haven opgediept. De hoeveelheid weg te halen slib is afhankelijk van de verontreiniging en de gewenste nautische diepte. Spelt: “Met behulp van telemetrie kunnen we de handelingen van de machinisten en het effect van de grijpers op de bodem exact volgen. Als een grijper meer dan 15 centimeter uit zijn vak komt of te diep graaft, wordt dat in de controleruimte geconstateerd.” Als een vak geheel volgens plan is afgewerkt, levert de Combinatie Ketelmeer dat deel van de haven op met Rijkswaterstaat. Gezamenlijk varen ze met een gekalibreerde peilboot over het desbetreffende vak. Beide verwerken zij in hun eigen kantoor de geconstateerde meetgegevens. Zijn de resultaten goed, dan is het vak opgeleverd en krijgt de Combinatie Ketelmeer betaald. Het vak komt vervolgens weer beschikbaar voor de gebruikers van de haven. Vanwege de uitgebreide voorbereiding verwacht Spelt geen tegenslagen. Mocht er tijdens het graven in de bodem bijvoorbeeld olie omhoog komen, dan ligt er 250 meter absorberend oliescherm klaar om verspreiding te voorkomen en kan de olie worden afgezogen. Daarnaast is continu meetapparatuur werkzaam die eventuele vrijkomende koolwaterstoffen in de lucht in de gaten houdt. Bij overschrijding wordt het werk direct stilgelegd. Het enige waar Spelt geen invloed op heeft, is het weer. Ten gevolge van de vorst heeft hij enkele weken vertraging opgelopen. Vooralsnog heeft Spelt geen probleem met zijn oplevertijd, maar door meer vorst zou wel het gevaar kunnen ontstaan dat hij met plezierbootjes die vanaf Pasen de haven van Urk aandoen in ‘aanvaring’ komt. Uiterlijk voor de zomer levert Combinatie Ketelmeer het laatste vak op.

Projectgegevens:

Opdrachtgever: Gemeente Urk Directievoerder: Directoraat­Generaal Rijkswaterstaat ­ Waterbodems, Advies en Uitvoering (WAU) Aannemer: Combinatie Ketelmeer bestaande uit Boskalis BV, HAM Nederland Baggeren BV en Van Oord ACZ BV Aanneemsom: 1,4 miljoen euro inclusief btw

Satellietnavigatie met RTK DGPS

RTK staat voor ‘Real Time Kinematic’ en is een speciale vorm van het satellietnavigatiesysteem DGPS (Differential Global Positioning System). DGPS werkt nauwkeuriger dan het ‘gewone’ GPS door de toepassing van een vaste referentieontvanger waarvan de positie bij de (mobiele) GPS­ontvanger exact bekend is. De referentieontvanger berekent de fouten in de satellietsignalen en zendt de correcties naar de mobiele ontvanger. Door gebruik te maken van een meer referentieontvangers stijgt uiteraard de kwaliteit van de correcties. DGPS maakt gebruik van de gecodeerde informatie van de satellietsignalen. RTK is een speciale vorm van DGPS waarbij de ‘fase’ van de satellietsignalen wordt gebruikt. Hierdoor is de plaatsbepaling veel nauwkeuriger dan met DGPS. DGPS geeft een nauwkeurigheid in het horizontale en verticale vlak tussen 2 en 5 meter. Met RTK DGPS daarentegen is een plaatsbepaling mogelijk van horizontaal 2 tot 3 centimeter en verticaal 5 tot 10 centimeter.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels