nieuws

Feest of geen feest, direct reageren op wateroverlast

bouwbreed

ITTEREN ­ Veertig centimeter water heeft hij de afgelopen dagen in huis en bedrijf gehad. Directeur Jacques Bours (54) van het gelijknamige loonbedrijf in Itteren bij Maastricht is de wateroverlast gewend. Hij woont buitendijks, en weet wat hem bij regen in de Ardennen te wachten staat.

Vorige week donderdag liep de Maas voor de zesde keer in een jaar tijd buiten haar oevers en overstroomde Bours’ terreinen en bouwwerken. Ook de naburige Maasdorpjes Itteren en Borgharen beleefden angstige dagen. Bours wordt er niet meer warm of koud van. “We weten niet beter”, zegt hij. Bours’ loonbedrijf is een van de bedrijven, waarmee het waterschap Roer en Overmaas in Sittard een zogenoemde waakvlamovereenkomst heeft gesloten. Daarin is afgesproken dat het bedrijf in Zuid­Limburg waar en wanneer nodig razendsnel noodvoorzieningen treft tegen het hoogwater, met name het plaatsen van pompen en het opbouwen van kadewanden. Bij calamiteiten is een telefoontje van het schap voldoende om een hele machinerie binnen een mum van tijd in beweging te zetten.

Paraat

“We hebben na dat eerste telefoontje vijftien tot twintig mensen binnen een uur paraat om in te springen”, legt Bours uit. Alles moet in razend tempo gebeuren, want bij hoosbuien in de Ardennen zwelt de Maas bij Maastricht in rap tempo. Vlak voor de kerst belde het schap dat er snel kwelwaterpompen moesten worden geplaatst op verschillende plekken in Zuid­Limburg. “Zo’n telefoontje komt om zeven uur ’s morgens, en om acht uur zijn we al aan het sjouwen”, zegt Bours. “Datzelfde geldt voor de demontabele aluminium schotten die op kademuren moeten worden geplaatst. Die halen we met een dieplader op in Margraten en rijden ze dan naar de kades. Met heftrucks lossen we de planken en bouwen we ze op. Het is altijd paniekwerk, maar daar zijn we aan gewend. Daarbij kijken onze mensen goed naar de rubberen afsluiting. Want als die niet goed valt, gaat het mis als het water stijgt. En dan kun je dat niet meer controleren of herstellen. Het moet tijdens de montage gebeuren, vakkundig en snel.” Bours’ bedrijf heeft in totaal 120 mensen in dienst, van wie er zo’n twintig direct vrijgemaakt kunnen worden voor calamiteiten. “Dat is in drukke tijden wel eens lastig, maar ons werk voor het waterschap en ook voor Rijkswaterstaat heeft absolute prioriteit.” Zijn personeel heeft voor het werk voor het waterschap een speciale opleiding gekregen. Maar de opleiding alleen zegt niet alles. “Je moet je voorstellen dat die jongens dag en nacht bereikbaar moeten zijn en direct de telefoon moeten opnemen, als we bellen. Feest of geen feest, ze moeten direct reageren. En dat gebeurt de laatste jaren nogal eens met Sinterklaas of de kerstdagen. Om dit werk te doen, moet je gedreven zijn, de binding is erg belangrijk. Ze moeten er zin in hebben, en onze jongens hebben dat ook.” De ‘jongens’ van Bours komen uit de directe omgeving en wonen in dorpjes als Ittervoort, Borgharen, Bunde, Geulle en Berg en Terblijt. Ze weten dus wat het is om tot aan je middel in het water te staan. “Zodra bij hen de telefoon overgaat en ze die oppakken, beginnen voor hen de uren te tellen”, zegt Bours. “Maar geld alleen zegt niets, alles draait om de motivatie.” De loonwerkers van Bours zijn onder meer deskundig in het snel plaatsen, maar ook repareren van kwelwaterpompen. “We kregen dit weekend meldingen dat er drie pompen plotseling waren uitgevallen”, zegt Bours. “Die hebben we snel kunnen repareren. De vlotter bleek vast te zitten door allerlei troep. Dat soort dingen houden we zeer nauwlettend in de gaten.”

Verantwoordelijk

Bours was tijdens de wateroverlast de afgelopen dagen verantwoordelijk voor het plaatsen en onderhouden van zo’n twintig pompen van het waterschap, onder meer in Urmond, Itteren, Meers en Visserweert. Dat zijn bedrijf bij hoog water zelf ook onder loopt, deert Bours niet. “We hebben een shovel, bootjes en zelfs een hovercraft, waarmee we snel over het water heen kunnen”, zegt hij. “De gemeente houdt bij een bepaalde waterstand op met het rijden met de legertrucks, die over de ondergelopen wegen pendelen tussen Borgharen, Itteren en Maastricht. Die durven geen risico’s te nemen. Maar als er een zieke in het dorp is of iemand dringend ‘aan land’ moet, bellen ze ons en dan brengen wij ze met ons materieel.” Helemaal gehandicapt door het water is het loonbedrijf van Bours niet. Bours heeft nog een betonfabriek, een machineverhuurbedrijf en een industriële verpakkingsindustrie op het hoger gelegen industrieterrein De Beatrixhaven in Maastricht. Daar staat ook een deel van het materieel, dat hij nodig heeft bij zijn werk voor het waterschap.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels