nieuws

Wet ketenaansprakelijkheid werkt verlammend

bouwbreed Premium

Wet ketenaansprakelijkheid werkt verlammend

Vroeger was het werk van een aannemer duidelijk. Bouwen is het verrichten van een werk van stoffelijke aard. Schakelt een hoofdaannemer een onderaannemer in die met de betaling van de over het aangenomen werk verschuldigde loonheffing en premies werknemersverzekeringen in gebreke blijft, dan is de hoofdaannemer daarvoor aansprakelijk.

Bij de invoering van deze wet ketenaansprakelijkheid stond de bestrijding van malafide activiteiten in de bouw centraal. De wetgever hanteerde daarbij als uitgangspunt het begrip ‘verrichten van een werk van stoffelijke aard’. Bij deze vorm van aansprakelijkheid stond de wetgever een ruime werking voor ogen. Hoe ruim, dat moest de praktijk leren. De praktijk leert dat de Belastingdienst nu ook meet­controlewerk­zaamheden en het vangen en laden van pluimvee als een werk van stoffelijke aard ziet.

Reclamefolders

Enige jaren terug vond de Belastingdienst het bezorgen van reclamefolders nog geen werk van stoffelijke aard. Nu denkt de Belastingdienst, alsmede het UWV, daar anders over. In principe vinden zij nu alleen spirituele arbeid onstoffelijk van aard. Alle andere (fysieke) arbeid beschouwen deze instanties in de zin van de ketenaansprakelijkheidswetgeving als een werk van stoffelijke aard. Nu het bezorgen van reclamefolders dus niet voortspruit uit persoonlijke, geestelijke of intellectuele arbeid vinden zij dat de wet ketenaansprakelijkheid van toepassing is. Uitbesteding van de postbezorging, uitbesteding van de kantine­ en koffievoorziening en allerlei andere fysieke arbeid valt derhalve onder de werking van deze niet sympathieke aansprakelijkheidsbepaling. Het risico om aangesproken te worden kan men slechts beperken door een deel van de fee op een G­rekening te storten. Als de Belastingdienst en het UWV de werking van deze bepaling tot in alle hoeken van het maatschappelijk leven laat voelen, betekent dit dat veel geld op de G­rekening komt. Dat gaat ongetwijfeld tot veel deblokkeringsonderzoeken leiden. De vraag is of en in hoeverre die forse tegoeden op G­rekeningen nu wel wenselijk zijn en of wij allemaal op dat werk zitten te wachten. Dat de overdreven toepassing van de wet ketenaansprakelijkheid de ondernemer gaat verrassen, staat buiten kijf. De Belastingdienst zou er goed aan doen tot in detail aan te geven welke bedrijfssectoren onder de werking van de ketenaansprakelijkheid vallen. Loopt een aannemer die een eigen postdienst heeft en incidenteel reclamefolders laat verspreiden, daarmee ook voornoemde aansprakelijkheidsrisico’s als de derde in gebreke blijft?

Schikken of stikken

De aansprakelijkheidsbepalingen vragen voortdurend onze aandacht. Normaal wordt een ondernemer, voordat hij een formele aansprakelijkstelling (de beschikking) ontvangt, in kennis gesteld via een rapport waaruit zijn positie blijkt. De Belastingdienst blijkt nu steeds vaker de fase van die formele aansprakelijkstelling niet meer te willen ingaan. Tijdens de eerste contacten krijgt de ondernemer te horen dat hij kan kiezen tussen wel of geen rapport. Bij een formele aansprakelijkstelling (met rapport) door de fiscus krijgt hij te maken met een vordering van bijvoorbeeld e 200.000. Maar als hij de zaak minnelijk wil afdoen (geen rapport) kan het goedkoper en kost het hem bijvoorbeeld slechts e 100.000. Dit lijkt voor de ondernemer aantrekkelijk. De verleiding is groot. Maar hij weet niet of en in hoeverre de schikking rechtens wel juist is. Als de Belastingdienst op deze manier het instituut van aansprakelijkstellingen hanteert, is niet meer controleerbaar of en in hoeverre het ultimum remedium van aansprakelijkstellen een juiste toepassing krijgt. Ik begrijp ook wel dat een aansprakelijkstelling uiterst arbeidsintensief kan zijn. Maar dat mag naar mijn oordeel nooit een reden zijn om tot een van de wet afwijkende procedure te komen.

De praktijk toont aan dat de wetgever de keten­aansprakelijkheidsregels kritisch zou moeten herzien. De wetgever moet zich daarbij rekenschap geven van een standaard aansprakelijkstelling van derden voor praktisch elke loonheffings­ en premies werknemersverzekeringsschuld (met uitzondering van die terzake van spirituele arbeid) verlammend werkt.

Mr. Jan Schouten, Ernst & Young Belastingadviseurs, lid van Human Capital National te Apeldoorn. Telefoon (055) 5291400

Reageer op dit artikel