nieuws

De regie bij particulier opdrachtgeverschap

bouwbreed Premium

Critici lijken bang voor particulier opdrachtgeverschap. Belgische toestanden zijn in Nederland niet welkom. Deze angst lijkt niet terecht. Vrijheid en blijheid bij particulier opdrachtgeverschap is niet wat consumenten willen. Juist zij hebben behoefte aan beeldregie. Zodat duidelijk is aan welke randvoorwaarden een ontwerp moet voldoen. Dat blijkt uit de resultaten van een recentelijk verschenen onderzoek dat Rutten Communicatie­advies heeft uitgevoerd in opdracht van het ministerie van VROM naar negen binnenlandse en vier buitenlandse projecten van particulier opdrachtgeverschap.

In de Nota Wonen heeft het rijk zich uitgesproken, dat vanaf 2005 dertig procent van de woningen in de vorm van particulier opdrachtgeverschap moet worden ontwikkeld. De consument komt zo weer centraal te staan in het bouwproces en kan invloed uitoefenen op zijn toekomstige woning. Gemeenten ­ vooral buiten de randstad ­ stellen hiervoor steeds vaker kavels beschikbaar. Dat alleen is niet voldoende. Om zogenoemde ‘Belgische toestanden’ te voorkomen, is beeldregie nodig. Als iedereen zijn eigen huis mag bouwen, wie zorgt er dan voor de waarborging van de ruimtelijke kwaliteit?

Omdat de ruimte in Nederland per definitie schaars is, zal particulier opdrachtgeverschap nooit de architectonische vrijheid krijgen als in andere landen normaal is. Het gaat bij beeldregie vooral om regels en randvoorwaarden die de architectonische en stedenbouwkundige kwaliteit van het grotere geheel (de buurt, wijk, stad) moeten waarborgen. Dat blijkt wel nodig. Critici zijn bang voor de komst van armzalige cataloguswoningen die zonder relatie met de lokatie of de historie worden neergezet; angst voor ‘witte schimmel’. Er is blijkbaar weinig vertrouwen in eigenbouwers. Dit blijkt niet geheel terecht, gezien het aantal spraakmakende voorbeelden van geslaagd particulier opdrachtgeverschap dat in Nederland en ook in het buitenland te vinden is.

Waardevast

Er is niet alleen vanuit de critici maar juist ook vanuit de consument een duidelijke behoefte aan beeldregie. Op het eerste gezicht lijkt voor consumenten de vrijheid van het bouwen van een eigen woning voorop te staan. Maar juist de behoefte aan waardevastheid van de woning speelt een steeds grotere rol. Zeker in de steeds meer ontspannen woningmarkt en de economische instabiele situatie waarin ons land verkeert, is de behoefte aan duidelijkheid en waardevastheid groot. Groter dan de behoefte om vrij van regels een woning te bouwen. Strenge beeldregie resulteert eerder in een wijk die meer waard wordt op de woningmarkt, dan allerlei onsamenhangende creaties die toevallig naast elkaar staan.

Zelfregulering

Ook blijkt een stuwende kracht achter beeldregie de zelfregulering van bewoners te zijn. Bij projecten waar in principe sprake was van een optimale vrijheid voor eigenbouwers ­ zoals in de expowijk van Almere ­ wordt deze in de praktijk toch niet volledig benut. Deels heeft dit te maken met smaak: er bestaan blijkbaar algemeen aanvaarde meningen over mooi en lelijk. Via sociale controle of druk op gemeenten proberen individuele bewoners al te uitbundige aspiraties van hun buren tegen te gaan.

Anderzijds heeft het ook te maken met de vrees voor verslechtering van de eigen woonomgeving. In het algemeen kun je stellen; hoe hoger de dichtheid, hoe groter de angst voor minder uitzicht, licht en meer geluidhinder. Anders dan vaak gedacht wordt, is particulier opdrachtgeverschap overigens niet gebonden aan laagbouwwoningen in het buitengebied. Voorbeelden van particulier opdrachtgeverschap op het Amsterdamse schiereiland Borneo en de Schutterstraat in Delft laten zien dat eigenbouw ook op binnenstedelijke lokaties goed mogelijk is. Wel zijn de randvoorwaarden vaak uitgebreider, de ligging in de stad dwingt dat bijna af. De binnenstedelijke omgeving, het ontwerp laten aansluiten bij de omliggende woningen en de beperkte ruimte voor de bouwwerkzaamheden vragen om strengere regels.

Optimale mix

Welke instrumenten voor beeldregie kunnen worden ingezet om het gewenste eindbeeld te behalen? Dit is erg afhankelijk van randvoorwaarden zoals de spanning op de woningmarkt, de mate van stedelijkheid, het grondbezit, de omvang van het project en de mate van persoonlijke betrokkenheid. Ons onderzoek heeft geresulteerd in een lijst van mogelijke instrumenten van beeldregie. Het opstellen van een beeldkwaliteitplan blijkt erg succesvol net als de rol en de stimulerende werking van een supervisor. Een goede mandatering van het gemeentebestuur is hierbij wel van belang.

Een ander succesfactor is goede communicatie met de particuliere opdrachtgevers. Zodat voor hen helder is aan welke randvoorwaarden van beeldregie het ontwerp moet voldoen. Hiervoor lijkt een cultuuromslag bij gemeenten nodig. Zij zijn nauwelijks gewend om met particuliere bouwers te werken. Ook is het steeds van belang om de context van het project goed in het oog te houden. Door het inzetten van een hierop afgestemde mix van beeldregie, kan particulier opdrachtgeverschap leiden tot bijzondere woningbouwprojecten. Zowel binnenstedelijk als op het platteland of aan de stadsranden biedt particulier opdrachtgeverschap uitdagende mogelijkheden.

De grootste opgave ligt misschien nog wel in de naoorlogse wijken. Hier ligt dè transformatieopgave van de nabije toekomst.

Critici zijn bang voor komst van ‘witte schimmel’

Reageer op dit artikel