nieuws

Rode contouren verkeerd instrument voor compacte groei

bouwbreed

Het regeerakkoord laat aan de gemeenten het initiatief over om rode contouren te trekken. De verdedigers van het rodecontourenbeleid, een onderdeel van Pronks Vijfde nota ruimtelijke ordening, zijn vooral bezorgd over de negatieve gevolgen van een verstedelijkingspatroon, dat uitsluitend op uitbreidingslocaties is gebaseerd. Daar hebben zij gelijk in. Maar waar hun argumentatie keer op keer struikelt, zijn de middelen om een ‘compact’ verstedelijkingspatroon te verwezenlijken.

In juni hield Sjors de Vries een scherp pleidooi (bewerkt in een opinieartikel in Cobouw van 27 juni) tegen de voortzetting van de ruimtelijke expansie, die de behoefte aan nieuwe ruimte uitsluitend buiten de stad honoreert. Deze expansie bedreigt het bestaan van de schaarse open ruimte en leidt de aandacht en de investeringen grotendeels weg van de problemen in de bestaande stad, terwijl er nog genoeg ruimte in de steden zelf is voor het merendeel van de ruimtelijke claims. Jan Pronk zelf legde in NRC Handelsblad van 28 juni vooral de nadruk op het risico dat de overgebleven natuur en het resterende open landschap verloren gaan als we doorgaan met het huidige verstedelijkingspatroon. In deze en andere vergelijkbare artikelen, nota’s en plannen worden de rode contouren als hét middel voor de gewenste ‘compacte’ verstedelijking gezien.

Effect

De rode contouren zijn geen garantie voor een kwalitatieve compacte verstedelijking, integendeel. Zoals destijds het geval was met de Vinex-locaties gaan marktpartijen, zodra de rode contouren vastgelegd zijn, massaal gronden kopen binnen deze juridische grenzen. In een scenario waarin ontwikkelaars sterkere posities hebben in vele potentiële bouwlocaties en gemeenten hun daardoor verzwakte positie in het ontwikkelingsproces via méér regelgeving, planmakelij en toetsronden willen goedmaken, liggen de volgende effecten voor de hand: oplopende (grond)speculatie, bemoeilijking van het verhalen van de kosten voor sanering, infrastructuur en voorzieningen, langere ontwikkelingsprocessen en een zwakkere regie van gemeenten op de planuitvoering.

Timing

Hierdoor bepaalt de overheid steeds minder de timing van de bouwproductie (en dus de productiviteit) én de kwalitatieve en programmatische randvoorwaarden (stedenbouwkundige kwaliteit, percentage sociale woningbouw, niveau van voorzieningen en infrastructuur). Het gevolg hiervan zijn peperdure en schaarse nieuwbouwwoningen en wijken die slecht voorzien en aangesloten zijn. Al bij al: géén kwalitatieve compacte verstedelijking dus! Een aantal van deze symptomen is al te zien in tal van bouwlocaties in Nederland (er is zelfs sprake van een ‘nieuwe woningnood’); de rode contouren zouden niets anders dan deze trend versterken omdat ze duidelijk maken waar precies gebouwd mag worden.

Combinatie

In een extreem scenario zouden over een aantal jaren de grondprijzen binnen de rode contouren zelfs zó hoog zijn dat juist verstedelijking buiten de rode contouren niet meer te voorkomen is: van beschermer tot vijand van het open landschap! Omdat er in Nederland niet veel ervaring is over de effecten van het in een vroeg stadium vastleggen van bouwlocaties had Vrom hiernaar onderzoek moeten doen. Misschien dat het experiment in Noord-Brabant, waar in een aantal gemeenten vijf jaar lang woningbouw de vrije hand wordt gegeven binnen strakke bebouwingsgrenzen, ons wijzer maakt. Het terechte streven naar compacte groei van onze steden is er veel beter mee gediend, indien het restrictieve beleid gecombineerd wordt met een stimuleringsbeleid, gericht op het wegwerken van de nadelen van de locaties binnen en direct aan de steden. De reden dat marktpartijen het liefst uitwijken naar de ‘wei’ zijn de hogere kosten en langere procedures in deze stedelijke locaties: hogere grondprijzen, verplaatsing van bestaande gebruikers en eigenaren, bodemverontreiniging, milieuzoneringen, geluidsoverlast en dergelijke. Neem dus deze nadelen weg door het rijk en/of de provincies dit soort projecten te laten subsidiëren. Hiernaast dienen restrictieve recepten te worden toegepast, zoals een strenger toezicht op de gemeenten die niet hun best doen of de door het regeerakkoord uitgesloten openruimteheffing. Rode contouren daarentegen nemen deze nadelige ontwikkelingsvoorwaarden niet weg en maken ze zelfs groter! Deze combinatie van restrictief en stimulerend beleid is ook nodig voor het handhaven van de kwaliteit in de open ruimte, zegt Gerrit van der Plas (Atlantis, juni 2001).

Irreeël

Een absolute compacte verstedelijking, waarbij de open ruimte buiten de steden met behulp van rode en groene contouren bevroren wordt, is irreëel. Bovendien kan de bestaande transformatie en dynamiek van het platteland goed uitpakken, mits deze transformatie onder bepaalde randvoorwaarden plaatsvindt: lage dichtheid, afstemming op de stedelijke behoeften (bij voorbeeld recreatie), adequate landschappelijke inpassing, aansluiting op bestaande infrastructuur en voorzieningen en dergelijke. Uitsluitend een stimulerend beleid, gecombineerd met een strenger toezicht, kan de gewenste koers geven aan de functieveranderingen in het platteland.

Demetrio Muñoz Gielen Dienst Ruimtelijke Ordening Amsterdam

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels