nieuws

Toename kantoorvloer komt vooral uit grote gebouwen

bouwbreed

amsterdam – De groei van het kantooroppervlak in Nederland is voor eenderde afkomstig van de bouw van grote complexen met meer dan 10.000 vierkante meter vloer. Dat blijkt uit onderzoek ten behoeve van de Kantorenatlas Nederland. Kantoren van 500 tot 1000 vierkante meter hebben in de periode 1990 – 2000 slechts voor 2 procent aandeel gehad in de nieuwbouwproductie.

Nederland telt per begin 2001 ongeveer 12.300 kantoorgebouwen groter dan 500 vierkante meter. Het bruto vloeroppervlak bedraagt 45 miljoen meter. Globaal is 86 procent van de ruimte verhuurbaar. Het kantorenbestand is over het algemeen vrij nieuw. Bijna eenderde werd gebouwd in het laatste decennium van de vorige eeuw. Delftse wetenschappers voorspelden in 1994 dat tot 2000 in het gunstigste geval hooguit 2,6 miljoen vierkante meter kantoorvloer zou worden bijgebouw. De geleerden sloegen lelijk de plank mis. De werkelijke groei kwam uit bij een toename van 6,3 miljoen meter. Het verschil van bijna 4 miljoen meter is terug te voeren op het wetenschappelijke foutje de ontwikkeling van de arbeidsplek buiten beschouwing te laten. De groei van de kantorenvoorraad heeft vooral plaatsgevonden in speciale kantorenwijken. Binnen tien jaar verdubbelde het volume op deze locaties tot 30 procent van de nationale voorraad. Ook op bedrijfsterreinen en in het buitengebied werd stevig gebouwd. Groei van het aandeel bleef echter uit. Effect is dat het accent steeds meer vanuit de binnensteden verschuift naar typische kantorenwijken met hoogwaardige voorzieningen. Onderzoeker R. Bak verwacht dat de trend tot decentralisatie zich voorlopig doorzet.

Weinig trek

Uit de kantorenatlas is haarfijn te halen hoe steden van industriële centra veranderen in regionale en internationale dienstverleners. Waar de ontwikkeling achterblijft hebben bedrijven zoals het Kantorenfonds Nederland weinig trek om te investeren. Bestuursvoorzitter A. Thewessen van het Kantorenfonds: ‘Venlo is een goed distributiecentrum, maar erg slecht in kantoren. Steden als Alkmaar en Zaandam zie ik als cold spots. Leiden heeft nog maar weinig laten zien’. Volop oog daarentegen heeft het Kantorenfonds voor de van activiteiten gonzende locaties Hoofddorp, de Amsterdamse Zuid-as en Ceramique te Maastricht. De focus is gericht op de vier grote steden plus twaalf stedelijke knooppunten van het formaat Eindhoven, Zwolle en Groningen. In steden waar het aandeel kantoorwerknemers onder de 20 procent ligt, laat het Kantorenfonds zijn gezicht liever niet zien.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels