nieuws

Ruimtelijke inrichting kan niet zonder pps-instrument

bouwbreed

enschede – De ruimtelijke inrichting in ons land kan niet zonder publiek-private samenwerking. Wil dat echter goed van de grond komen, dan zal het nieuwe kabinet strategische keuzes moeten maken. Dat vindt onderzoekscentrum P3BI, een club waar overheid en bedrijfsleven samen onderzoek naar pps doen.

Wetenschappers van de Universiteit Twente, verbonden aan P3BI, zijn er nog steeds van overtuigd dat het fenomeen pps een goed instrument is. Ze erkennen dat enkele negatieve ervaringen met infrastructuurprojecten, vooral de Wijkertunnel, en bovendien de commotie rond de bouwfraude, ervoor zorgen dat politici en beleidsmakers ertoe neigen terug te keren naar de traditionele rolpatronen. Daarin schrijft de overheid voor en voeren aannemers uit. Fout, vindt P3BI. Op het moment dat publieke en private partijen een belang hebben bij en afhankelijk zijn van elkaar voor een project, is pps bij uitstek geschikt. Sterker nog, samenwerking tussen de partijen geven dan een meerwaarde. Samenwerking is dan vervolgens niet elkaar uithoren en om elkaar heendraaien tot het project tot doel is verheven. Maar het is kiezen voor het gezamenlijk staren en doorlopen van een integraal ruimtelijk inrichtingstraject. Dat vraagt volgens de onderzoekers om drastische cultuur- en structuurveranderingen bij zowel de betrokken publieke als private partners.

Keuzes

Om pps echt tot wasdom te laten komen is het wel noodzakelijk dat het nieuwe kabinet en andere betrokkenen fundamentele keuzes maken. Niet door gefragmenteerde ingrepen op het niveau van projecten zoals bij de HSL-Zuid is gebeurd met de bovenbouw, maar principiële keuzes. En terugkeer naar de oude situatie waarin de overheid alles voor het zeggen wil hebben acht D3BI ‘niet wenselijk en onrealistisch’.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels