nieuws

Vliegensvlug naar Nijmegen via De Snelbinder

bouwbreed

lent/nijmegen – Het spoor dat van Lent over de Waal naar Nijmegen loopt, krijgt op dat traject gezelschap van De Snelbinder, een snelle fietsverbinding, die straks nieuwbouwwijk De Waalsprong met het centrum van de stad gaat verbinden. Voor de oversteek over de uiterwaarden en de rivier maakt De Snelbinder gebruik van de pijlers van de spoorbrug.

Het beginpunt van de fietsroute ligt in Lent. Daar laat een smal straatje weinig ruimte voor bouwbedrijf Welling uit Didam, die daar op een bijzonder hoog en steil spoortalud portalen bouwt voor de eerste etappe van de Snelbinder. De portalen bestaan uit steeds twee stalen buispalen waar beton in wordt gestort, met daarbovenop een betonnen drager. ‘Om te voorkomen dat delen van de steile spoordijk zouden gaan schuiven, en ook om geluidsoverlast zo veel mogelijk te beperken, worden de 16 meter lange buispalen hoogfrequent in de dijk getrild’, verduidelijken H. Meersma en A. Horzelenberg. Meersma is projectleider van Holland Railconsult, het bureau dat voor de engineering tekende. Horzelenberg is projectmanager van Railinfrabeheer, eigenaar van de spoorbrug. Op de portalen, die een onderlinge afstand van steeds 13 meter hebben, wordt het 4,5 meter brede fietsdek aangebracht. Dat bestaat uit telkens twee prefab betonplaten van 13 meter lang en ruim 2 meter breed. Ze worden onderling verbonden door beton in de voeg tussen de platen te storten. Een wapening, die al uit de zijkanten van de prefab platen stak, zorgt voor bevestigingspunten van de fietsbrug. Vanaf de aansluiting op de fietsbrug tot aan de bandijk is De Snelbinder een fietspad. Bij de bandijk komt er ook ruimte voor voetgangers bij en gaat het dek over in staal. Vanaf daar moet De Snelbinder een lengte van 382 meter over de uiterwaarden afleggen tot aan de rivieroverspanning. De aanleg van de fietsbrug mag het doorstroomprofiel van de Waal niet beperken. Daarom krijgt De Snelbinder geen extra pijlers in de uiterwaarden of rivier, maar zal ze via consoles op de onderbouw van de spooroverbrugging rusten. Die onderbouw bestaat voor de uiterwaarden uit grote betonnen pijlers, waar per pijler twee betonnen T-liggers op staan voor de sporen. De staalconstructies worden naast de T-liggers in de pijler verankerd. De afstand tussen de pijlers in de uiterwaarden bedraagt 55 meter. Het Belgische staalconstructiebedrijf Victor Buyck levert en monteert de uiterwaardoverspanning, die als vollewandligger met een hoogte van 3,40 meter wordt uitgevoerd. De brugdelen worden in hun geheel met een drijvende bok op steunpunten in de uiterwaarden van de Waal afgezet, waarna een rupskraan ze op hun plek zet. Voor de rivieroverspanning maakt De Snelbinder opnieuw van de onderbouw van de spoorbrug gebruik, maar nu anders. Nu gaat het om een sprong van 237 meter in één keer. Net als de spoorbrug, de grootste vakwerkbrug van Nederland, wordt het riviergedeelte van De Snelbinder als vakwerk uitgevoerd. Het verloop van de diagonalen is identiek aan die bij de spoorbrug. De gebogen bovenrand helt daarbij over het fietsdek naar de spoorbrug toe en steunt daar zijdelings op af. Vier in België gemaakte dekdelen van ongeveer 60 meter lang worden samen met de onderdelen van het vakwerk afgeleverd per schip. Op steunpunten in de uiterwaarde wordt de vakwerkbrug dan geassembleerd, parallel met de rivier. Als de brug klaar is, komen er vier onderling gefixeerde drijvende bokken aan te pas om de brug op de steunpunten te plaatsen en naast de bestaande spoorbrug te bevestigen. Na de rivier doorkruist De Snelbinder nog een stukje stad dat ook bij deze eerste fase hoort. Hier moet De Snelbinder door een monumentale toren heen, die aan de zijkant van een vesting gebouwd is waarover het spoor de stad in loopt. Van de oorspronkelijke drie verdiepingen van die toren zijn er nog twee over, waarvan de onderste als atelier wordt gebruikt door een kunstenaar. De fietsers rijden straks boven zijn hoofd door de bovenste verdieping van het monument. Een stukje verderop volgt nog een oude poort, waar op de muren consoles worden bevestigd om De Snelbinder te ondersteunen. De constructie wordt zo transparant mogelijk om het zicht op de Hezelpoort niet weg te nemen. Als alles klaar is – volgens de geraamde planning ongeveer eind 2003 – telt fase een van de verbinding 2640 meter zonder stoplichten. Railinfrabeheer verzorgt het projectmanagement omdat gedurende de bouw de treinen blijven rijden. De gemeente Nijmegen is de feitelijke opdrachtgever en financiert De Snelbinder. De eventuele tweede fase bestaat uit het doortrekken van De Snelbinder richting station Nijmegen. Fase één telt 2640 meter zonder stoplichten

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels