nieuws

Parkeerterrein als open water

bouwbreed

nieuwegein – Ballast Nedam Infra heeft iets slims verzonnen om tegemoet te komen aan de eisen die waterschappen bij planontwikkelingen stellen aan de hoeveelheid oppervlaktewater. Het betreft een sandwichconstructie met kunststof bollen die als bufferopslag onder parkeerterreinen kan worden aangelegd.

Waterschappen moeten zorgen dat de waterinfrastructuur van een bepaald gebied past bij de toepassing. Bestemmingsplannen kunnen veranderingen brengen in het gebruik van de grond. Wordt agrarisch gebied bestemd voor een nieuwbouwwijk, dan neemt het verhard oppervlakte in het plangebied toe. De afstroming gaat sneller. Het water moet wel worden opvangen. Op bestaand open water is dat vaak niet mogelijk, omdat te grote peilstijgingen tot ‘natte voeten’ kunnen leiden. Functieverandering betekent dus in de praktijk dat er meer open water moet komen. De waterschappen hebben eisen geformuleerd over onder meer peilstijgingen. Daaruit volgt welke percentages van plangebieden ingericht moeten zijn als open water. Teneinde plannenmakers te bewegen eerder rekening te houden met de waterinfrastructuur is een zogenoemde watertoets ingesteld. Daarmee is snel te bezien of bestemmingsplannen voldoen aan de eisen van waterschappen. Niet dat die eisen er voor de toets niet waren, maar daarmee werd volgens een woordvoerder van de Unie van Waterschappen te weinig rekening gehouden. Als het al gebeurde was het ook nog eens in een te laat stadium.

Gemaal

Tegenwoordig komt het eigenlijk niet voor dat niet kan worden voldaan aan de eisen die de Unie stelt. Volgens de woordvoerder moet je maar minder huizen bouwen of extra maatregelen nemen. Inrichten van een gemaal is een mogelijkheid. Dat zou dan in het plangebied of er direct bij in de buurt moeten komen. Voorbeeld is de inrichting van de glasbouwlocaties volgens de Vijfde nota ruimtelijke ordening. Daarin krijgen gebieden een nieuwe bestemming. De waterinfrastructuur moet daaraan echt worden aangepast. Is er bijvoorbeeld 4 procent open water bij akkerbouw dan moet dat op een glasbouwlocatie naar zo’n 10 tot 12 procent. De waterschappen denken overigens ook anders dan vroeger over de maatregelen die nodig zijn om peilstijgingen van het oppervlaktewater binnen de perken te houden. Voorheen lag het accent op ‘afvoeren’. Grote gemalen en veel leidingen. Nu verloopt de aanpak via de getrapte keten ‘vasthouden, bergen, afvoeren’. Maatregelen als het zoeken naar vergroten van het oppervlakte met openbaar water om voldoende berging te creëren, is volgens de woordvoerder van het waterschap dan ook nieuw.

Sandwich

Ballast Nedam Infra heeft nu iets verzonnen om een extra waterbuffer te realiseren die in beginsel geen extra grondoppervlakte vraagt, maar die wel mag worden meegerekend bij (vergroten van) het oppervlakte open water. Het gaat om een ondergrondse sandwichconstructie met kunststof ‘infiltratiebollen’ waarlangs hemelwater wordt afgevoerd naar het oppervlaktewater. Hemelwater van daken komt als eerste in aanmerking om rechtstreeks te worden geloosd op oppervlaktewater. Dit afstromend hemelwater is relatief ‘schoon’ als niet-uitloogbaar dakmateriaal is gebruikt. De ‘sandwichconstructie’ is opgebouwd uit een of meer lagen zogenoemde ‘infiltratiebollen’. Deze kunststof bollen met gaten zijn eerder ontwikkeld voor het gecontroleerd infiltreren van water in de bodem. Voor de nieuwe toepassing worden de bollen omwikkeld met een waterdichte, gewapende folie. In de constructie kan het water vrij stromen. Boven de constructie moet een minimale dekking aanwezig zijn van circa 60 centimeter. Bij een grote bui stroomt het water via de sandwichconstructie naar een overstortput en komt daar op het oppervlaktewater terecht. Zodra de bui is geëindigd of minder wordt, stort het water niet meer direct over. Het waterniveau zakt onder een drempel en stroomt vertraagd af via een opening in de overstortmuur. De opening ligt met de onderkant gelijk aan, of iets hoger dan het gemiddelde polderpeil.

Vuil

Bij hoog polderpeil blijft ook de waterstand in de sandwichconstructie hoog. Daalt het polderpeil als gevolg van bemaling of afstroming dan loopt ook de voorziening (vertraagd) leeg. Een keerklep voorkomt dat vuil via het oppervlaktewater de constructie binnenstroomt. Met de sandwichconstructie met infiltratiebollen is een gereguleerde afvoer te realiseren. Dat is van belang teneinde het boezemwater of afvoerkanaal niet gedurende een korte periode te belasten met een te grote hoeveelheid water. Daardoor worden ongeoorloofde peilstijgingen voorkomen. De troefkaart van de gedachte met de sandwichconstructie is deze aan te leggen onder een parkeerterrein. In dat geval kost het aanleggen van extra open water voor de waterberging geen extra uitgeefbare grond. De schaarste aan grond op een bepaalde locatie en de vaak daarmee samenhangende prijs voor de bouwgrond bepalen of een dergelijk systeem economisch haalbaar is. Het nadeel van de beperkte reinigingsmogelijkheden van het systeem is op te heffen door aanleg van controleputten met zandvang en door het gebruik van ‘schoon’ hemelwater van daken. Ing. D. Rombout van Ballast Nedam Infra laat weten met diverse waterschappen over het systeem van ‘parkeren op het water’ in overleg te zijn geweest. De waterschappen reageerden allemaal positief, maar benadrukten dat zij in de beoordeling van een dergelijk systeem de doorslaggevende rol hebben. Het waterschap beslist in hoeverre er vertrouwen is in een dergelijk systeem en wat de vermindering van de hoeveelheid ‘open water’ is door aanleg van het sandwichsysteem.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels