nieuws

Royale entrée

bouwbreed

Royale entrée

Woongebouw Amsterdam Architekten Cie. (Frits van Dongen)

Een gebouw van 44 appartementen. Op de begane grond bedrijfsruimte, in de kelder een parkeergarage. Het staat in het centrum van Amsterdam, vlakbij Artis. Ontworpen door een specialist in grote stedelijke woongebouwen: Frits van Dongen van de Architekten Cie, voor wie dit appartementencomplex Botania een relatief kleine opdracht moet zijn geweest.

Botania? Dat klinkt als een ziekte. Het zal wel bedoeld zijn als deftige verwijzing naar de botanische tuin van de Hortus. Afgezien van de naam is er niets mis met dit gebouw. Het is een echte Van Dongen: een bakstenen doos die er aan de buitenkant overzichtelijk uitziet. Met grote ramen en glazen puien voor de loggia’s. De witte en donkergroene kozijnen geven het gebouw iets typisch Amsterdams. Je zou het kunnen zien als een eigentijdse weerspiegeling van de traditionele grachtenarchitectuur. Is dat niet een beetje vergezocht? Misschien, maar zo heeft de architect het wel bedoeld. Het geheim van dit gebouw schuilt trouwens zoals vaker bij Van Dongen binnen. Wat is dat geheim? Dat er achter de uniforme gevel een scala aan woningtypen schuilgaat is niet echt ongewoon&insldr; Wat dan wel? &insldr; hoe deze woningen zijn gegroepeerd rond een enorme centrale hal. Van Dongen heeft wel vaker woongebouwen gemaakt waar de gemeenschappelijke ruimte bepaald niet kinderachtig is, maar hier is de entree wel heel royaal. En dan ben je er nog niet, want de ruimte binnen het blok bestaat niet alleen uit deze centrale hal, er is ook nog een bijna even groot open deel. Leg eens uit hoe dat zit. Halverwege het gebouw liggen drie woningen die over de volle breedte van links naar rechts doorsteken. Deze woningen zijn van gevel tot gevel maar liefst 33 meter diep. Deze dwarswoningen liggen diagonaal boven elkaar en vormen gedrieën een trappetje dat de hal scheidt van de open binnenplaats. Deze binnenplaats wordt naar boven toe steeds breder, zodat ook de onderste van de drie woningen nog voldoende licht krijgt. In de centrale hal wordt dus de ruimte naar onder naar boven steeds smaller. Rond beide delen van de binnenruimte zijn op elke verdieping omlopen, die naar de voordeuren van alle woningen leiden. Aan de open binnenplaats liggen deze omlopen achter gevels van matglas, om te voorkomen dat de bewoners van de dwarswoningen op hun terrassen te kijk zitten. De tien woningen op de bovenste laag hebben behalve de gewone loggia waar alle andere woningen het mee moeten doen eveneens een terras. Op het dak, dat is te bereiken via de spiltrap in die loggia. De terrassen liggen enigszins verdiept, verzonken in het dak, zodat je er niet helemaal wordt blootgesteld aan de wind en de blikken van je medebewoners.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels