nieuws

Glasvezelsysteem meet schade aan spoorbaan

bouwbreed

UTRECHT – Het hele Nederlandse spoorwegnet is vanaf 2003 voorzien van Quo Vadis, een glasvezelsysteem dat de dynamische aslast van treinen en de kwaliteit van treinwielen meet. Het systeem zal onder meer worden gebruikt om railvervoerders te laten betalen voor de schade die hun treinen toebrengen aan het spoor.

Railinfrabeheer, ingenieursbureau Coenecoop, AEA Technology en NedTrain Consulting (een onderdeel van het NS-concern) ontwikkelden Quo Vadis. Een in staal gevatte glasvezelkabel onder de rails meet hoeveel een passerende trein de spoorstaven laat doorbuigen. Bovendien geeft het systeem een trillingsbeeld te zien, waaruit zeer nauwkeurig oneffenheden in de wielen zijn af te lezen. Behalve aslast en snelheid bepaalt ook de staat van de wielen hoeveel schade een trein veroorzaakt aan het spoor. Om het signaal geregeld te kunnen kalibreren hebben alle locomotieven een zendertje met een unieke code gekregen. De meetgegevens gaan naar een centrale computer die deze vergelijkt met de dienstregeling. Op basis van een schadetoerekeningsmodel, dat is ontwikkeld door de TU Delft, berekent Railinfrabeheer de vergoeding die de vervoerder moet betalen voor het gebruik van het spoor. Onder de naam Gotcha gaat het onderhoudsbedrijf NedTrain van NS hetzelfde systeem gebruiken als basis voor het onderhoud aan versleten wielbanden. Uit testen is gebleken dat wielslijtage die met het blote oog niet is te zien, door Gotcha moeiteloos wordt herkend.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels