nieuws

Met restauratie Stadhuisbrug is bruggenproject bijna afgerond

bouwbreed

utrecht – De restauratie van de Utrechtse Stadhuisbrug nadert zijn voltooiing. Het is de laatste brug in het Utrechtse bruggenproject, waarbij 28 monumentale bruggen in de binnenstad grondig werden gerestaureerd, onder meer met behulp van VHP-grouting. Bij de opknapbeurt kwamen verrassende historische vondsten aan het licht.

Met restauratie Stadhuisbrug is bruggenproject bijna afgerond

De bovenkant van de Stadhuisbrug is ontgraven om hem te kunnen controleren op scheuren. De doorgangen zijn afgesloten, zodat het werk onder de brug ook bij koud weer kan doorgaan. Dankzij een aangelegde damwand liggen de landhoofden ook onder de waterlijn vrij. Gespecialiseerde metselaars hakken de scheuren uit en vullen ze op. De in de loop der tijd ontstane open plekken en gaten boeten ze in met blokken Doornikse steen uit België – dezelfde steensoort die in de dertiende eeuw bij de bouw is gebruikt. Het gebruik van oorspronkelijke materialen is één van de uitgangspunten van het Utrechtse bruggenproject, dat op 30 maart 1993 van start ging met de restauratie van de Maartensbrug. Andere uitgangspunten: de vorm van de bruggen mocht niet veranderen, de afdracht van de belasting moest op oorspronkelijke wijze blijven plaatsvinden en de werkzaamheden moesten in de toekomst terug te draaien zijn.

Funderingen

Restauratie van de bruggen was hard nodig, aldus R. van Veen, projectprincipaal van de Dienst Stadsbeheer, afdeling grootstedelijke projecten. ‘Vooral de funderingen van de bruggen waren enorm verzwakt. De toegenomen verkeersbelasting en bemalingen in de omgeving speelden daarbij een rol, maar ook ontwikkelingen in de scheepvaart. De steeds grotere boten leidden tot meer waterverplaatsing, wat de funderingen op staal ondermijnde.’ De verzwakte funderingen vormden het meest fundamentele aspect van de renovatie. Het versterken van de funderingsgrondslagen gebeurde bij alle bruggen door middel van VHP-grouting (Very High Pressure-grouting), uitgevoerd door het Belgische bedrijf Smet. Vanaf het straatniveau werd een gat met een diameter van ongeveer 15 centimeter door het landhoofd geboord. Op het diepere funderingsniveau, in de vaste grondslag zo’n 7 tot 10 meter onder de landhoofden, werd onder een druk van 400 tot 500 atmosfeer de grond horizontaal los gespoten met grout. De grout (cementpap) vermengde zich met grond en zand en verhardde. De fundering kreeg zo een vastere basis. Van Veen: ‘We hebben voor VHP-grouting gekozen omdat het de constructie het minste geweld aandoet. Bovendien blijft het oorspronkelijke systeem van afdracht hetzelfde: de bruggen dragen onder de landhoofden de belasting over aan de grond. Alleen is die grond nu flink verstevigd.’

Verrassingen

De fundering kreeg zelfs zo’n stevige basis dat het in een aantal gevallen mogelijk was om maatregelen van vorige renovaties terug te draaien. Zo is de betonnen verstevigingsboog onder de Bakkersbrug, die zo’n tachtig jaar geleden werd aangelegd, nu weer verwijderd. De overige werkzaamheden worden eveneens uitgevoerd door gespecialiseerde bedrijven en aannemers, onder meer Jurriëns en Woudenberg. De renovatie van de Stadhuisbrug leverde een aantal verrassingen op. Zo was na het verwijderen van het pleisterwerk goed te zien dat de Stadhuisbrug eigenlijk uit vijf verschillende bruggen bestaat. In de dertiende eeuw waren er twee aparte bruggen, de Broodbrug en de Huijdenbrug. Verschillende uitbreidingen door de eeuwen heen vulden de ruimte tussen de bruggen op, totdat uiteindelijk één brug was ontstaan van zo’n 50 meter breed. De eerste bruggen waren opgetrokken uit natuursteen, later werd ook baksteen gebruikt. Van Veen: ‘We waren vooral verrast dat de oude brugdelen er zo gaaf bijlagen. Je kunt hier bijvoorbeeld goed zien dat het gewelf uit twee lagen is opgebouwd. En dat het front ook bestond uit natuursteen.’ Wat verder opvalt is dat bij één van de oudste bruggen de oude ronde boog is verdwenen: het gewelf loopt spits toe. ‘In de loop der eeuwen kwam het straatniveau hoger te liggen. Daardoor kwam er ruimte om de boog iets te liften, om zo de doorvaart van wat grotere schepen mogelijk te maken.’ Nog een verrassing: de onbekende, niet-gebruikte werfkelder, waar een kolonie vleermuizen in bleek te huizen. De laatsten zijn daar overigens na de restauratie opnieuw welkom.

Terugdraaien

De mogelijkheid om wijzigingen in de toekomst terug te draaien was een belangrijk uitgangspunt. Groot onderhoud is ongeveer eens in de honderd jaar nodig, aldus Van Veen. ‘Over honderd jaar zijn er wellicht weer nieuwe technieken om historische onderdelen te bewaren en renoveren.’ Maar is deze manier van renoveren, met respect voor de historische waarde van de bruggen, niet veel duurder dan simpelweg betonstorten? Nee, aldus Van Veen. ‘Als het bruggenproject is afgerond, bedragen de totale kosten ruim 13,5 miljoen euro. Dat bedrag ligt in de lijn van de begroting. Het versterken van de fundering heeft veel geld gekost, maar het verzekert de stabiliteit van de stenen constructie. Het was bovendien niet duurder dan werken met betonconstructies. En we hebben de historische kwaliteit van de bruggen behouden. Dat is voor ons de belangrijkste winst.’ Op 1 april moet de doorgang onder de Stadhuisbrug weer vrij zijn.’We waren vooral verrast door de gaafheid van de oude brugdelen’

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels