nieuws

Voortaan hogere rentevergoeding bij wanbetaling

bouwbreed Premium

Betalen stelt men zo lang mogelijk uit. Dat was de conclusie van een onderzoek waaruit bleek dat in de Europese Unie de gemiddelde betalingstermijn 54 dagen is. Omdat wanbetalers een gevaar zijn voor de continuïteit van het bedrijfsleven (25 procent van de faillissementen wordt hierdoor veroorzaakt), heeft de Europese Unie de ‘Richtlijn betreffende bestrijding van betalingsachterstanden bij handelstransacties’ uitgevaardigd die in Nederland op 1 december 2002 in werking is getreden.

Deze nieuwe wet geeft een schuldeiser in geval van wanbetaling recht op een rentevergoeding van 10,25 procent in plaats van de gewone wettelijke rente van 7 procent. De wet is van toepassing op overeenkomsten die na 1 december zijn gesloten. Het ‘oude’ systeem ­ dat van toepassing blijft op transacties met consumenten en op alle vóór 1 december 2002 verzonden facturen ­ werkte als volgt. Als een factuur niet werd betaald, stuurde men een zogenoemde ingebrekestelling. Een ingebrekestelling is een schriftelijke aanmaning waarbij de debiteur een (redelijke) termijn wordt gegeven om alsnog de factuur te betalen. Als daarna nog steeds niet werd betaald, had men recht op vergoeding van de wettelijke rente. Als men van tevoren een betalingstermijn had afgesproken en die werd niet gehaald, had men zonder ingebrekestelling recht op vergoeding van de wettelijke rente. Terzijde: indien men vooraf geen betalingstermijn heeft afgesproken, kan men dit in beginsel niet repareren door achteraf op de factuur een betalingstermijn aan te geven (‘betalen binnen 2 weken’). Ook in dit geval moet eerst een ingebrekestelling worden verzonden voordat men aanspraak kan maken op vergoeding van wettelijke rente. Hierop bestaan uitzonderingen, maar het voert te ver daar nu op in te gaan.

Het nieuwe stelsel

Voortaan heeft men bij wanbetaling niet alleen recht op een aanzienlijk hogere rente ­ in de wandelgangen handelsvertragingsrente genoemd ­ maar men heeft geen ingebrekestelling meer nodig alvorens deze te kunnen claimen. Het systeem van de nieuwe wet werkt als volgt. Als er een betalingstermijn is overeengekomen, heeft men recht op deze rente na het verstrijken van deze termijn. Is er echter geen betalingstermijn overeengekomen, dan is de handelsvertragingsrente ­ in tegenstelling tot in het oude stelsel ­ in de volgende gevallen automatisch verschuldigd (dus zonder ingebrekestelling): a) Vanaf 30 dagen na de dag waarop de factuur is ontvangen; b) als de dag waarop de factuur is ontvangen niet vaststaat of de factuur van tevoren is verzonden: vanaf 30 dagen na ontvangst van de prestatie waarop de factuur betrekking heeft; c) als is afgesproken dat de schuldenaar een bepaalde tijd krijgt om de geleverde prestatie te beoordelen voordat hij moet betalen: vanaf 30 dagen na aanvaarding de prestatie; of vanaf 30 dagen na het ongebruikt laten verstrijken van die beoordelingstermijn. Onder het nieuwe stelsel hoeft men dus geen aanmaning meer te sturen om de handelsvertragingsrente te kunnen claimen. De handelsvertragingsrente is een optelsom van de herfinancieringsrente van de Europese Centrale Bank (momenteel 3,25 procent; te vinden op: www.ecb.int), te vermeerderen met 7 procentpunten. De handelsvertragingsrente bedraagt op dit moment dus 10,25 procent.

Handelsovereenkomst

Zoals de term al doet vermoeden, kan de handelsvertragingsrente alleen worden geclaimd bij de in de nieuwe wet omschreven ‘handelsovereenkomsten’. Kort samengevat zijn dit overeenkomsten tussen bedrijven, waarbij als bedrijf wordt aangemerkt ‘natuurlijke personen die handelen in de uitoefening van een beroep of bedrijf of rechtspersonen.’ Alle privaatrechtelijke rechtspersonen (nv, bv, vereniging, stichting) vallen onder de werking van deze wet. Hetzelfde geldt voor natuurlijke personen die in een maatschap, vof, cv of eenmanszaak een beroep of bedrijf uitoefenen. Voor deze wet worden publiekrechtelijke rechtspersonen (overheden) gelijkgesteld met bedrijven. Samengevat: de nieuwe wet is van toepassing op overeenkomsten tussen bedrijven of tussen bedrijven en overheden (en zelfs op overheden onderling). De conclusie die hieruit volgt is, dat op transacties met consumenten de nieuwe wet niet van toepassing is; men valt dan terug op het hiervoor beschreven ‘oude’ stelsel.

Voorwaarden

Uiteraard gebruikt vrijwel iedereen in de bouw algemene voorwaarden. In de meeste daarvan zijn bepalingen opgenomen over de rente die men kan claimen bij wanbetaling. Dit wordt de ‘contractuele rente’ genoemd. Ook voor de contractuele rente geldt het nieuwe stelsel. Dat wil zeggen dat deze ook voortaan automatisch en zonder ingebrekestelling is verschuldigd (bijvoorbeeld vanaf 30 dagen na ontvangst van de factuur). Met het oog op deze nieuwe wet is het zinvol dat men zijn algemene voorwaarden er eens op naslaat om vast te stellen hoe hoog de contractuele rente is. Als men namelijk een lagere rente dan de handelsvertragingsrente claimt, blijft men hieraan gebonden. Het is dus niet zo dat de contractuele rente door de nieuwe wet automatisch wordt verhoogd naar het niveau van de handelsvertragingsrente. Een hogere rente kan men gerust laten staan, alhoewel een rechter die altijd kan matigen.

Standaardclausule

Los van het voorgaande kan het overigens geen kwaad om vanaf vandaag uw facturen van een standaardclausule te voorzien waarbij u aangeeft dat indien de factuur niet conform de betalingsvoorwaarden wordt voldaan, u aanspraak zult maken op vertragingsrente conform deze nieuwe wet. Een juiste formulering van deze clausule kan u in de toekomst voordeel opleveren.

Mr Arno Jacobs is werkzaam op de bouwrechtsectie van Van Diepen Van der Kroef Advocaten in Amsterdam.

Reageer op dit artikel