nieuws

Betonreparatie niet vies en ongeschoold

bouwbreed Premium

badhoevedorp ­ Bijna tien jaar verzorgt de Stichting Landelijk Samenwerkingsverband Betonreparatiebedrijven (LSVB) opleidingen voor betonreparateur en specifieke korte cursussen. Met een instroom van ongeveer 65 leerlingen per jaar krijgen de bedrijven in de betonreparatiesector langzaam maar zeker steeds meer geschoolde werknemers en bestrijden de gezamenlijke bedrijven het idee dat beton repareren vies en ongeschoold werk is.

“Beton mag dan grijs zijn, vies is het zeker niet.” Aan het woord is P.A.J. Steenbrink, directeur van de LSVB. “We kampen met een enorm imagoprobleem. Op feestjes kun je bijna niet zeggen dat je timmerman bent, want dan ben je ‘maar’ een bouwvakker. Onwetendheid is de oorzaak, want niemand weet hoeveel kennis je moet hebben om een bouwvak uit te kunnen oefenen. Laat staan dat je bij een betonreparatiebedrijf werkt, daar kunnen mensen zich helemaal geen voorstelling van maken.” Ongeveer negentien jaar geleden staken enkele betonreparatiebedrijven de koppen bij elkaar en richtten de Vereniging Gecertificeerde Betonreparatiebedrijven (VBR) op. Nadat het betonherstelwerk eerst een nevenactiviteit van de stukadoor was, wilde de gespecialiseerde bedrijven zich door certificering en kwaliteitsbewaking onderscheiden. “Het certificeren van productie en mensen bracht onherroepelijk de noodzaak van een opleiding met zich mee. In 1992 besloot de VBR daarom een programma van opleidingen en cursussen te starten.” Basis van het opleidingenpakket van de LSVB is de tweejarige primaire opleiding betonreparateur die samen met Bouwradius en de Stichting Vakopleiding Schilders in het leven werd geroepen. Steenbrink: “Deze opleiding is een groot succes met een jaarlijkse instroom van ongeveer vijftig leerlingen. Hiermee wordt aan de behoefte bij de betonherstelbedrijven tegemoetgekomen.”

Winterperiode

In de opleiding waarvoor de leerlingen in dienst komen bij de LSVB en voor de praktijk bij een erkend bedrijf met een erkende leermeester in dienst aan de gang gaan, komen onder meer onderdelen als het maken van bekistingen, handmatig repareren, het aanbrengen van coatings en injecteren aan bod. In de winterperiode gaan de leerlingen voor drie maanden naar een van de drie opleidingscentra voor een praktijk­ en theorieopleiding. Steenbrink: “Dat komt de meeste bedrijven doorgaans goed uit, want de winterperiode is een slechte tijd voor de betonreparateurs.” Na twee jaar opleiding ontvangen de leerlingen het mbo­diploma voor betonreparateur en het certificaat Handmatig repareren. “Voor mensen die ouder zijn dan 27 en minimaal vijf jaar ervaring in de betonreparatiebranche hebben, bestaat ook de mogelijkheid om het diploma te halen. Deze eenjarige opleiding is qua lesstof en eindniveau minimaal gelijk aan de tweejarige opleiding.” Per jaar maken gemiddeld vijftien mensen van deze opleidingsmogelijkheid gebruik. Hiermee komt het totaal aantal leerlingen dat door de LSVB wordt opgeleid, op ongeveer 65.

Effect

Wat het daadwerkelijke effect van de toename van geschoold personeel op de branche is, kan Steenbrink niet zeggen. “Maar ik weet wel dat door scholing de leerlingen meer betrokken zijn bij het werk. Hierdoor neemt het personeelsverloop af. Bovendien geeft het mbo­diploma de mensen die vooraf vaak nog helemaal geen diploma hadden, gevoel voor eigenwaarde en stimuleert het de overige betonherstellers binnen een bedrijf om ook een opleiding te gaan doen.” Naast de primaire opleiding heeft het LSVB ook korte cursussen in haar pakket opgenomen. Dat kan bijvoorbeeld een eendaagse cursus ‘Verwerken van beton’ of driedaagse cursus ‘Reparatie van oud beton’ zijn. Daarnaast verzorgt de LSVB cursussen op het gebied van taakmanagement, VCA, BHV en communicatie en worden door ‘ontwikkeling van scholingsplannen’ cursussen op maat verzorgd. De cursussen zijn ontwikkeld in een samenwerkingsproject met Bouwradius, de VBR en de LSVB en een technische adviesgroep uit de bedrijfstak van betonherstellers.

Reageer op dit artikel