nieuws

Aedes begrijpt kritiek niet

bouwbreed

hilversum ­ “Apekool”, reageert voorzitter W. van Leeuwen van Aedes, brancheorganisatie van woningbouwcorporaties, op de kritiek van Neprom dat corporaties oneerlijk zouden concurreren met de commerciële marktgenoten. De koepelorganisatie van ontwikkelaars vindt dat er te veel onduidelijkheid bestaat over de financiering van koopwoningen die door corporaties worden gebouwd.

Van Leeuwen bestrijdt dat het onduidelijk zou zijn hoe de corporaties te werk gaan bij commerciële ontwikkelingen. Volgens de bestuurder moet iedere corporatie verantwoorden wat hij binnen het kader van de volkshuisvesting doet. Hij stoort zich aan het beeld van concurrentievervalsing dat Neprom met de kritiek oproept. De Aedes­bestuurder ontkent dat zijn achterban tegen lage rentes de commerciële activiteiten financiert. “Net als bij de concurrentie rekenen corporaties bij hun voorfinanciering van de dochters hoge rentes, dat is fiscaal aantrekkelijk.”

Borging

Daarnaast wijst hij erop dat de borging van het Waarborgfonds Sociale Woningbouw (WSW), een van de regelingen die het corporaties mogelijk maakt om goedkoop geld te lenen, niet voor koopwoningen geldt. “Corporaties trekken voor dergelijke projecten net als commerciële projectontwikkelaars vreemd geld aan tegen commerciële tarieven”, legt Van Leeuwen uit. Hij is het met Neprom eens dat de commerciële activiteiten van corporaties in een aparte onderneming ondergebracht moeten worden. Zo kunnen de inkomsten normaal worden belast en vloeit de winst terug naar de corporatie voor wie een gunstige fiscale regeling geldt. “Bij veel corporaties is dat al zo”, onderstreept hij. Het vorige kabinet heeft voorgenomen om de afsplitsing van de commerciële activiteiten in beleid vast te leggen, maar de uitvoering van de plannen laat volgens de voorzitter nog even op zich wachten. De kritiek van Neprom dat corporaties het belang van de sociale woningbouw wel erg breed opvatten verwijst Van Leeuwen door naar Den Haag. “Zolang de politiek oordeelt dat bepaalde activiteiten in het belang zijn van de sociale huisvesting, kunnen corporaties zich daar mee bezig houden.” Hij vindt dat corporaties net als de commerciële marktpartijen grondposities in moeten kunnen nemen. “Dat heeft niets met oneerlijke concurrentie te maken, maar met kinnesinne”, verweert de bestuurder zich. “Fokkema wil regeltjes”, motiveert Van Leeuwen de opstelling van de Neprom­directeur. “Maar de projectontwikkelingswereld wordt niet bepaald door regeltjes, maar door de markt. Wie alles wil reguleren is bezig met de maakbaarheid van de jaren zeventig.”

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels