nieuws

Fosag-voorzitter Van Walsum wil geen baas

bouwbreed

harderwijk – Onafhankelijk. Dat wilde Jan van Walsem al als kleuter zijn. Een echte baas heeft de nieuwe voorzitter van Fosag, de branchevereniging voor schilders-, afbouw- en glaszetbedrijven daarom nooit gehad. Maar eigenwijs wil hij zichzelf niet noemen. ìIk luister altijd naar argumenten.î

ìDat geknip en geplak, dat vond ik niks.î Van Walsem spreekt de zin met veel irritatie uit. De oud-politicus kan zich na meer dan vijftig jaar nog goed herinneren hoe vervelend de kleuterschool was. Veel liever hing hij rond bij de fietsenmaker of in de straten van het onder de rook van Utrecht gelegen Den Dolder, waar hij opgroeide. Soms stuurde zijn moeder het dienstmeisje op pad om hem te zoeken. ìDan was Jantje wegî, vertelt hij met een slim lachje. Van Walsems eigenzinnigheid maakt hem tot een veelzijdig man. Met een afgeronde studie notarieel recht op zak begint hij zijn carriËre bij installatiebedrijf Van Walsem. ìMijn vader was erg ziekî, legt hij uit. Als twintiger komt hij in de zaak om als dertiger de leiding van het familiebedrijf op zich te nemen. ìDe strategie en het besturen. Dat vond ik het leukstî, antwoordt van Walsem na lang nadenken over de aantrekkelijkste kanten van het ondernemerschap. Met meer interesse voor besturen dan voor het daadwerkelijke installatievak, gebruikt de directeur-eigenaar de erfenis van zijn vader als springplank. Hij wordt actief in regionale ondernemersverenigingen en klimt langzaam op binnen de polderclubs van de branche.

Klus

Begin jaren tachtig zet de jonge bestuurder zichzelf op de kaart. Van Walsem slaagt erin om drie belangenorganisaties te bundelen in de Vereniging Nederlandse Installatiebedrijven. Geen eenvoudige klus. ìZe vochten elkaar de tent uit. Er waren grote cultuurverschillen. De verwarmingsinstallateurs, dat was meer een herenclub. Terwijl de loodgieters, die vooral als onderaannemers werkten, de harde werkers vertegenwoordigden.î Toch weet Van Walsem de partijen binnen vier maanden tot een akkoord te brengen en wordt hij in 1986 zelf voorzitter van de nieuwe vereniging. In 1994 houdt Van Walsem het voor gezien en vertrekt naar Den Haag om daar namens D66 het Nederlandse volk te vertegenwoordigen. De onderneming van zijn vader is dan al enige tijd verkocht. Bij binnenkomst waarschuwt hij zijn nieuwe collegaís direct. ìNa acht jaar ga ik weer weg.î Waarop hij het antwoord krijgt dat hij er dan wel eerst voor moet zorgen om bij de volgende verkiezingen ook te worden herkozen. De herverkiezing lukt en dit jaar houdt de inmiddels tot politicus omgevormde bestuurder zich aan zijn belofte. Hij stapt op. ìJe moet niet te lang op dezelfde plek blijven zitten. Dat is niet goed. Ik doe elke acht jaar wat andersî, licht hij zijn vertrek uit de Tweede Kamer toe. Zijn nieuwe deeltijdbaan bij Fosag wil hij niet langer dan zeven jaar doen. De maximale termijn van vier jaar inclusief een mogelijke verlenging van drie loopt dan af. En wat Van Walsem betreft is hij dan ook zoín beetje aan het einde van zijn cyclus beland. TweeÎneenhalve dag per week spendeert Van Walsem aan Fosag. De rest van de tijd loopt vol met commissariaten, advieswerk en een plaats in het hoofdbestuur van MKB Nederland. Een goede combinatie, vindt de bestuurder. ìDan kan ik daar ook goed de belangen van Fosag behartigen.î De ervaring van Van Walsem komt Fosag goed van pas. De branchevereniging worstelt met haar achterban. Bestuurders zouden elkaar de hand boven het hoofd houden en te lang aan het pluche blijven plakken. Zo hanteerde J. van der Worp, die nu plaatsmaakt voor Van Walsem, twintig jaar de voorzittershamer. Geroutineerd reageert de nieuwe voorzitter op de kritiek. ìNee toch zekerî, roept hij gemaakt verbaasd. Fosag heeft de bestuursstructuur aangepast en er is een maximumtermijn ingesteld voor het voorzitterschap. ìDe signalen zijn dus goed opgepaktî, vindt Van Walsem. Naar buiten toe ziet Van Walsem zich als het boegbeeld van de vereniging en zoekt hij het Haagse lobbycircuit op om voor zaken als de winter-ww een goed woordje te doen. Als voorzitter wil de enthousiaste sigarenroker ook bereikbaar zijn voor de leden. ìEr zijn ongeveer twaalf regioís. Daarvan ga ik er iedere maand ÈÈn bezoeken. Dan zien ze me in ieder geval ÈÈn keer per jaar.î ëJe moet niet te lang op dezelfde plek blijven zittení

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels